13-01-11

Uitvaart van mijn pa

 

Doodsprentje pa.JPG

 

Je hebt je leven geleefd, intensief;
met graagte en enthousiasme, zorgzaam en heel actief.

Jij en Lisette, je vrouw en toeverlaat,
stonden steeds voor elkaar en voor de anderen paraat.

Samen hebben jullie vele problemen getrotseerd,
maar ook talloze mooie plannen gerealiseerd.
 
Zo hebben jullie grootgebracht, met liefde, animo en brio,
jullie 4 kinderen: Carine, Linda, Rudi en Mario.

Je bouwde eigenhandig een nieuw huis,
en bood daarin je gezin een warme thuis.

Sinds 2006 werd je door een vreselijke ziekte belaagd,
die je, met de jou zo typerende wilskracht en levenslust, jarenlang hebt verjaagd.

Vandaag ben je helaas niet meer aan het aardse leven gebonden,
maar heb je gelukkig in de hemel vast al Carine en Mario teruggevonden.

We missen je nu al, weet dat wel;
rust in vrede, pépé, pa, Marcel!


11-01-11

De klok tikt (nog steeds) even snel

Het leven gaat door - 000.JPGOok nu mijn pa er niet meer is gaat het leven gewoon door. Zo gaat dat. Ook ik weet dat er elke dag meerdere mensen overlijden. En steeds zijn zij die heengaan iemands vader, grootmoeder, broer, nicht of kind. Altijd komt hun dood te vroeg. En heerst er verslagenheid en verdriet bij hen die achter blijven.

Die wetenschap helpt mede het verlies van mijn vader te relativeren, maar mildert niet de pijn en vult niet de leegte op die achterblijft na het doodgaan van mijn pa. Mijn leven zal wezenlijk veranderen, de ‘gewone’ gang van zaken. Iedereen komt eens aan de beurt. Maar ik had mijn vader graag nog wat langer bij ons gehad.

Kankercel valt aan - 000.JPGTegen die vreselijke vijand, kanker, is evenwel niemand opgewassen. Zelfs mijn pa moest na viereneenhalf jaar verbeten strijd, uiteindelijk de duimen leggen.

Mijn vader idealiseren, nu hij dood is, daar behoed ik mezelf voor. Het is trouwens net de combinatie van zijn goede eigenschappen met deze die ik persoonlijk wat minder aangenaam vond, die maakten dat mijn pa de mens was die hij is geweest. Zo kon mijn vader, net als elke ouder, ik incluis, enorm zagen. In mijn ogen uiteraard vaak onterecht, maar om eerlijk te zijn toch ook dikwijls met recht en rede. In de marge hiervan ga ik hiernavolgend iets belerend vertellen.

Pa in zijn kostuum (klein).JPGOngeveer 4,5 jaar geleden kreeg mijn pa dus het zware verdict op zijn boterham gesmeerd dat hij terminaal ziek was. En er enkel een twijfelachtig kans was op enige levensverlenging als hij chemokuren zou ondergaan. En daar koos hij voor, want mijn pa wilde blijven leven.

Toen ik een half jaar later, iets meer dan 4 jaar geleden dus, net voor de jaarwisseling, ook ernstig ziek werd, meermaals in het ziekenhuis, op intensieve zorgen terecht kwam en mijn levenseinde leek te naderen, overwon mijn pa zijn eigen ziek zijn door de afmattende therapie, en haalde de kracht, weet ik veel van waar, om toch maar samen met mijn ma bij mij te kunnen zijn.

Gebalde vuist - 000.JPGUiteindelijk overleefde ik dat nare avontuur. Mijn vader zijn strijdvaardigheid zwakte evenwel niet af. Dapper aanvaardde hij het pijnlijke lot dat hij, die altijd zo graag werkte en bezig was, lichamelijk alsmaar minder kon verrichten. Mijn pa heeft meermaals gezegd dat ik voor hem een voorbeeld was. Dat, als ik mij kon tevreden stellen met een leven, afhankelijk van anderen, hij dat ook moest kunnen. En dat ik, ondanks alle voortdurende fysieke pijn en ongemakken, toch steeds mezelf ben gebleven, mijn waardigheid heb behouden en nog enige kwaliteit haal uit mijn aardse bestaan, gaf mijn pa, naar eigen zeggen, moed en hoop. En sterkte hem in zijn strijd. En met de honderden sms’jes die ik hem stuurde was hij zo blij en voelde hij zich zo gesteund.

Pa met Rudi - 000 (klein).JPGWaarmee ik maar wil duidelijk maken dat, als je het leven in een breed perspectief bekijkt, er tegenover elk negatief aspect ook wel een positieve dimensie staat. Dat mijn toenmalig ziek zijn en mijn huidige fysieke conditie en de manier waarop ik daar mee omga, een gunstige invloed heeft gehad op mijn pa zijn laatste levensjaren, is alweer een element dat aangeeft dat mijn lijdend leven niet zinloos is. Dat er ook een positieve zijde aan vast zit. Wat mij dan weer sterkt, waarmee de cirkel van het positivisme rond is.

Ondanks het feit dat mijn pa en ik zo veel van elkaar verschilden, hebben we elkaar steeds graag gezien. En hebben we door de jaren heen ontzettend veel samen gedaan. Soms ongepland en uit noodzaak, maar veel vaker bewust en uit vrije keuze. Samen werken, samen ontspannen, elkaar helpen… we hebben het allemaal gedaan!

Meer dan ooit komen momenteel de herinneringen aan gezamenlijke activiteiten bij me naar boven. En vervullen ze me in deze sombere dagen toch met enige blijheid. Wat me enorm motiveert om mijn gevoelens van triestheid op een positieve manier te kanaliseren door de komende tijd verhalen te schrijven waarin mijn vader een prominente rol speelt. Dat is volgens mij een mooie manier om mijn pa te eren Lachen

Bedankt - 000.JPGAllen die me condoleerden via deze blog, Facebook, een privébericht, per sms of telefonisch, en hun mentale steun betuigden aan mij en mijn pa’s andere nabestaanden, wens is van harte te bedanken. Want al jullie berichtjes deden mijn ma en mij heel veel deugd!

07-01-11

Mijn papa, 5 februari 1937 – 7 januari 2011

 

Pa (6 april 2008).JPG

 

25-10-09

Rudi’s overdenkingen - Mensen, daar reken je niet op!

 

Op mensen rekenen doe ik niet meer. Neen, rekenen doe ik enkel nog op stukjes kladpapier, op een calculator op zonne-energie of in het programma Excel op mijn laptop. En wel na een spijtig voorval dat nogal betreurenswaardig was. Evenwel niet voor mij, want ik had het zelf uitgelokt. Alhoewel niet helemaal. Bij nader inzien zelfs helemaal niet, want de ander was begonnen.

Aangezien wellicht zowel de aandachtige lezers als de onoplettende haastigen, mijn uiteenzetting nu al niet meer kunnen volgen, wat hen geenszins kan kwalijk worden genomen, verklaar ik me nader.

Heel veel jaren geleden, toen ik nog niet eens stemgerechtigd was, waren er op een gegeven ogenblik verkiezingen. Ja, inderdaad, in mijn jeugd amuseerden zij, die toen bij de overheid werkten, zich daar ook al mee. Met die pesterijen van de brave burger. Maar je kon hen dat bezwaarlijk kwalijk nemen, want die mensen moesten uiteraard toch iets om handen hebben, om hun dagen te vullen?!

Tegenwoordig heeft het overheidspersoneel de beschikking over computers met een snelle Internetverbinding. En kunnen ze derhalve hun tijd besteden aan chatten op sociale netwerksites, een lief zoeken op datingsites of spelletjes spelen op één van de daarin gespecialiseerde websites. Maar vroeger bestond dat alles nog niet en was het zich ledig houden met het organiseren van verkiezingen een favoriete bezigheid van de overheidambtenaren. Toentertijd om ondermeer die reden, door het gewone volk ook wel eens smalend aangeduid als ambetantenaren.

Heden ten dage gebeurt bijna alles automatisch en wordt er op vele plaatsen elektronisch gestemd. Maar in mijn pubertijd was dat anders. Toen gebeurde het stemmen nog in alle bureaus manueel, en was er derhalve nogal wat werk te verrichten aan de voorbereiding ervan. Potloden scherpen en uitproberen op een stukje papier en meer van dit soort zaken. Vermoed ik, want helemaal zeker daarvan ben ik niet. Misschien waren die bureaucraten wel zo leep dat ze deze opdracht aan een externe firma toevertrouwden. Dan hadden ze meteen ook een besteding voor het overheidsgeld. Alweer een zorg minder!

Vooraleer ik hier boze reacties krijg en haatmail vind in mijn elektronische brievenbus, wens ik vlug en terloops even te melden dat hetgeen hierboven staat gewoon maar voor te lachen is! Alhoewel ik het geld van de brave burger verkwisten nu niet bepaald grappig vind. Oh ja, ik ben er mij ook terdege van bewust dat verkiezingen een moeizaam verworven democratisch recht is. Dus ook daar hoeft niemand mij op te wijzen!

Dit gezegd, of eerder 'geschreven' zijnde, ga ik door met de essentie van mijn verhaal. Als ik mij dat, na al dat afwijken trouwens nog kan herinneren. Bon! Uit herlezing van het begin van dit epistel blijkt het dus over 'rekenen op' te gaan. En een jammerlijk incident dat mij er toe heeft gebracht om het op mensen rekenen uit mijn dagdagelijkse leven te bannen.

In de aanloop naar die eerder aangehaalde, door zich vervelende ambtenaren georganiseerde, naar ik mij halvelings herinner, gemeente- en provincieraadsverkiezingen, werd er lokaal nogal wat publiciteit gemaakt. Cadeautjes geven en gadgets uitdelen om stemmen te kopen... euh, ik bedoel uiteraard 'winnen' dat mocht toen nog, begin de jaren tachtig. En ook het plaatsen van huizenhoge affiches was nog toegestaan.

Eén van de kandidaten, een rijkeluiszoon, die nergens voor deugde maar een postje in de gemeentepolitiek wel zag zitten, maakte bij zijn campagne gretig gebruik van al deze promotiemiddelen. En bekostigde alles met het geld van papa. Die al lang blij was dat zoonlief eindelijk iets gevonden had dat hem interesseerde.

In mijn woonplaats en langs de toegangswegen erheen stonden of hingen affiches met zijn beeltenis en slogan. Die trouwens slim was bedacht, maar vast niet door de kandidaat zelf. Hij stapte immers naar de kiezer met de leuze: 'Op MIJ kan je rekenen!' Een slagzin waarvan de figuurlijke betekenis bij het overgrote deel van het kiespubliek de verwachtingsvolle interesse opwekte.

De politiek interesseerde mijn vrienden en mij slechts in beperkte mate. Maar toen die 'veel belovende' kandidaat een meeting organiseerde waarop hij, volgens de uitnodiging, zijn programma uit de doeken zou doen en toelichten, gaven wij toch present. Niet in her minst omdat er gratis hapjes en drank waren voorzien.

En wij waren niet de enigen die daar die avond op afkwamen. Het parochiezaaltje waar de bijeenkomst doorging, liep vol van het volk. In een mum van tijd waren alle op een rij tafels klaargezette snacks verdwenen. En de reeds in bekers gegoten drankjes werden ook in een ijltempo weg gegraaid. We stonden allemaal dicht op elkaar gepakt. En toen de kandidaat en zijn gevolg, waaronder zijn trotse ouders, hun  entree maakten, werden we zelfs op elkaar gedrukt.

Nu viel dat, wat mij betrof, helemaal niet tegen. Integendeel zelfs. Met mijn rug en schouders werd ik tegen de zachte omvangrijke boezem van de dame achter mij gedrukt. En mijn voorkant kreeg de achterkant van een welgevormd jong meisje tegen het lijf geduwd. En ze rook daarenboven zo lekker, dat langharig blondje, dat zowat een kop kleiner was dan mij, waardoor ik toch het zicht op de binnentredende verkiezingskandidaat bleef behouden.

Ondanks mijn toch wel comfortabele positie verliet ik deze, na een samenzweerderige blik te hebben uitgewisseld met mijn kameraden. De ster van de avond genoot zichtbaar van de hoge opkomst en van de aandacht die aan hem werd geschonken. Hij had inmiddels zijn jasje uitgedaan. Waarschijnlijk in de eerste plaats omdat hij het net als ons te warm had gekregen in dat met mensen volgestouwde zaaltje. Maar vast ook om met zijn campagneshirt te pronken. Een witte T-shirt met, naast het partijlogo,  in zwarte opdruk zijn naam en slogan.

Terwijl twee van mijn maten de kerel langs voren benaderden en hem bezig hielden door het stellen van enkele onzinnige vragen, waarop die kinkel dan ook nog eens idiote antwoorden gaf, ging ik, samen met een andere maat, langs achter op de kandidaat af. We namen onze, met voorbedachten rade, voor dat doel meegebrachte dikke viltstiften uit onze jaszakken en begonnen met op 's mans T-shirt becijferingen te maken. In het rood, en groot!

Door de drukte, het voortdurend deinen van de menigte en het her en der porren en geduw, duurde het even voor we werden opgemerkt. En die man zijn partijgenoten doorhadden en zagen wat wij hadden uitgericht. Zelf kon hij van ons geschrijf niet zo veel zien, maar zijn papa vertelde hem de details. Die kerel kon er niet mee lachen. Alle gestommel en gepraat was gestopt. Ieders ogen waren gericht op de kandidaat, die ons, ziedend van woede, aankeek, met een rood aangelopen gezicht. De zweetdruppels vloeiden vanaf de nat geworden, kortgeknipte haardos, over zijn wangen, langs zijn nek,  en belandden alzo op het kunstig door ons bewerkte shirt.

Op zijn bits gestelde vraag waarom wij op zijn kleren aan het cijferen waren gegaan, antwoordde mijn mededader laconiek dat wij toch wel het recht hadden om hetgeen hij als slogan gebruikte, aan de praktijk te toetsen?! Om te zien of zijn 'op mij kan je rekenen' op enige waarheid berustte. Maar de kerel stapte boos van ons weg.

Waarschijnlijk vond hij het vooral niet leuk dat we enkel maar berekeningen had uitgevoerd met nullen. 0 * 0 = 0 bijvoorbeeld. Maar geen deling door nul, want dat kan en mag niet, zo heeft mijn leerkracht Wiskunde mijn medeleerlingen en mij ooit in het hoofd geprent. "Deel nooit door 0!" zo waarschuwde hij ons. Nu ja, ik heb me daar steeds aan gehouden. Dus ook bij het bekladden van dat witte campagneshirt. Die vent en zijn partij waren er wel zelf de oorzaak van dat we hen slechts een nul waard achtten.

Mijn kameraden en ik maakten ons snel uit te voeten. We hadden daar immers niks meer te zoeken. Want alle spijs en drank was al op. En de te verwachten toespraak en andere prietpraat, daar hadden mijn maten en ik ook geen boodschap aan.

Gelukkig hadden de meeste van mijn wel stemgerechtigde medeburgers klaarblijkelijk ook door dat hun stem niet goed besteed zou zijn aan die rijke domkop. Zodat, spijts alle promotie en gulle schenkingen, en ondanks zijn verkiesbare plaats op de kieslijst van de partij waarvoor hij opkwam, deze kerel toch niet verkozen geraakte. Maar goed ook! Mensen zonder gevoel voor humor horen niet thuis in het politiek landschap. Geef mij maar levend geworden karikaturen zoals Freddy Willockx, diens partijgenoot Louis Tobback en CD&V'ers Jean-Luc Dehaene en Pieter De Crem. Om langs blauwe kant Guy Verhofstadt en Annemie Neys niet te vergeten. Alleen al bij het zien van hun kop, barst je uit in een onbedaarlijke lachbui! Knipogen

Wie onder anderen eigenlijk ook thuishoort in het voorgaande lijstje is Frank Vandenbroucke. Maar die man is, helaas voor hem, zijn entourage en adepten, inmiddels een stille dood gestorven. Op politiek vlak welteverstaan. Want het hart van de man klopt nog altijd. Dit in tegenstelling tot dat van zijn naamgenoot, de wielrenner. Die het Afrikaanse Senegal uitkoos om er, na een laatste wip met een plaatselijke schone, het tijdige leven vaarwel te zeggen en te ruilen voor de eeuwige dood.

05-01-09

Koopjestijd

 

Cartoon - Solden - 000b (klein)

Gisteren zijn we op 'gezinsuitstap' geweest naar het 'Waasland Shopping Center' in Sint-Niklaas. Winkelen dus! Op koopjesjacht! Mijn idee nog wel. Soms heb ik van die zwakke momenten!

Het moest natuurlijk weer lukken dat wat mijn jongens wilden kopen NIET in de reclame stond! Kortingen, zelfs tot 70%, maar geen solden op datgene waar Brian en Austin hun oog op lieten vallen! Maar enfin, ze wilden perse hun Nieuwjaarsgeld besteden, en zo geschiedde. En de ouders pasten bij. Dat zal dus weer eens tot het einde van de maand overleven zijn op plat water uit de Aldi en boterhammen met chocopasta uit dezelfde shop!

Kwatta chocopasta - 000a

De lezers van mijn generatie en ouder zullen zich vast nog het, van origine Nederlandse, merk 'Kwatta' herinneren. De chocopasta met die merknaam werd in het begin van de jaren zeventig op de Belgische markt gebracht. Mijn vader gebruikte de lege chocoblikken om in de werkstal zijn nagels, schroeven, vijzen en allerlei kleine brol in op te bergen. Het zou mij trouwens niet verwonderen mocht de man er nog altijd enkele roestige exemplaren van in gebruik hebben. Dit alles even terzijde. Zo nu en dan regelt mijn geest een flashback naar het verleden. En jullie mogen dan telkens gratis en voor niks meereizen. Tof en sympathiek, hé?!

We gaan nog even terug naar het koopcentrum. Caroline wou graag even in de 'Inno' rondneuzen. Daar was ik niet erg voor te vinden, want meestal blijft zulk een actie niet beperkt tot alleen maar snuffelen. En zelf was ze ook nogal terughoudend om de winkel binnen te gaan, omdat er zo een nors kijkende veiligheidsagent aan de uitgang stond. En ze heeft al eens een heel slechte ervaring gehad met een winkeldetective in die winkel.

Uiteindelijk nam ze dan toch het risico en stapte de winkel binnen, nagestaard door die veiligheidsbeambte. Ik bleef buiten de wacht houden! Die vent keek me eens vies aan, maar ging dan toch terug op zijn vaste plek staan. Met op zijn gelaat nog steeds die stuurse blik. Wellicht betalen ze hem daar extra voor. Zogezegd om boeven af te schrikken. Alsof die zich daardoor laten imponeren!

Twee minuten later ging het alarm af.  Alle mensen in de buurt keken op. Een blanke man van een jaar of dertig, die een kinderwagen voortduwde, met een high-security-africa-danger-crazy-funny-guard (klein)kindje in, was de veroorzaker. Mijnheer de winkelagent spoedde zich ter plaatse. Twee klerenhangertjes met babykledij, hangend aan de zijkant van de kinderwagen, waren de boosdoeners. Blijkbaar onbetaalde koopwaar, want ze werd overhandigd aan de toegesnelde verkoopster. De papa was klaarblijkelijk niet onder de indruk van het gebeurde, en de veiligheidsbeambte geloofde zo te zien in de goede trouw van de man, want die kon zonder verdere plichtplegingen ongehinderd de zaak verlaten. Met de kinderwagen en de kleine, maar dus zonder die kleertjes!

Luttele minuten later, toen de mijnheer met de kepie alweer op zijn plaats stond, ging opnieuw dat alarm af. En, ook nu weer, iedereen kijken uiteraard! Deze keer was het een Afrikaanse man, die bij zijn passage door de detectoren, het alarm in werking had gesteld. Een kolos van een vent, met een lange stoffen overjas aan en een hoed op zijn hoofd. Een imposante figuur. Hij moest mee met het, anderhalve kop kleiner, in uniform uitgedoste personage. De tas met 'aankopen' werd geopend. En de inhoud ervan verspreid over het blad van een tafeltje. Van waar ik zat kon ik dat allemaal goed zien! Er lag blijkbaar een item tussen waarvan de kassierster, allicht door de drukte, vergeten was om de veiligheidsbadge te verwijderen. De gekostumeerde verdween er mee richting kassa's, de grote heer achterlatend bij de tafel met zijn andere aankopen. Enkele minuten later was die veiligheidsman er weer. Alle spullen mochten terug in de tas en de Afrikaanse heer kon gaan.

Toch wel een nogal vernederend tafereel, vind ik. Komt daarbij dat ik bleef kijken tot de man, vrij van enige blaam, gezwind naar buiten stapte. Maar het zou mij helemaal niet verwonderen dat een deel van de 'getuigen' van het voorval, vandaag op het werk, het over 'die grote zwarte' zullen hebben, die ze zagen betrapt worden aan de Inno, bij het verlaten van de zaak, zonder hetgeen dat hij had meegenomen, te betalen. Triest...  Wenkbrouw ophalen

Even later kwam Caroline naar buiten. Niet achtervolgd door een detective. Niet tot staan gebracht door de agent, noch gehinderd door een afgaan van het alarm! En bovenal: zonder aankopen! Een wonder! Prijs de Heer! Halleluja!

Mag ik jullie er ten andere nog een keer op wijzen dat je nog tot 7 januari kan stemmen op 'rolstoeler' om zodoende mijn nominatie voor de 'blogs awards '08' veilig te stellen? Bedankt! Mercie! Danke! Thanks! Obrigado! Gracias! Grazie! Tak! Tack tack!

21-11-08

Mantelzorg door (jonge) kinderen

De hulp die een zorgbehoevende persoon krijgt van de mensen uit haarMantelzorg - 007 (klein) of zijn nabije omgeving, wordt mantelzorg genoemd. Een meer uitgebreide definitie van dit begrip vind je hier. Er wordt in de (gespecialiseerde) media heel wat geschreven over deze zorgverstrekking. Opvallend is evenwel dat in deze publicaties bijna uitsluitend voorbeelden van medioren en senioren aan bod komen. Bij hoge uitzondering wordt al eens gefocust op een mantelzorg dragende dertiger. Bij enquêtes omtrent mantelzorg, in statistieken, en als er cadeautjes worden gegeven, zoals op de 'dag van de mantelzorg' en voor het bekomen van een mantelzorgpremie, worden minderjarigen zelfs helemaal uitgesloten!

Onbegrijpelijk en totaal onterecht! In onze contreien verleent naar schatting één op de 10 kinderen tussen de 12 en 21 jaar dagdagelijks zorg aan een zieke Mantelzorg - cartoon - 001 (klein)mama, papa, zusje of broer. Of een andere bloedverwant, zoals oma of opa. Dikwijls zijn deze kinderen trouwens nog jonger. Het gaat om hulp aan een gezinslid met een lichamelijke of psychische ziekte, een verslaving of een handicap. De taken van de jonge verzorger kunnen huishoudelijk werk zijn, zoals boodschappen doen, schoonmaken en koken. Of  persoonlijke verzorging van een ziek of gehandicapt gezinslid: medicatie geven, helpen bij de toiletgang en het wassen, eten, aankleden.... Soms zorgen zij ook voor andere kinderen in het gezin. En vaak regelen deze kinderen ook zaken buitenshuis, zoals bijvoorbeeld naar de apotheek gaan. Tot slot bieden ze vaak ook emotionele steun aan hun omgeving: troosten, afleiden, over de problemen praten en zo meer.

Een gans takenpakket dus. En bijhorende verantwoordelijkheden. Des te meer redenen om verontwaardigd te zijn over en op zoek te gaan naar de vraag waarom die mantelzorgende jongeren telkenmale over het hoofd worden gezien. Het is alsof de mantelzorg door jeugdigen niet naar waarde wordt geschat. Nochtans is hun hulp en inzet minstens even waardevol als deze verricht door volwassenen. En uitermate prijzenswaardig!

Brian als standbeeld

Alweer kan ik spreken uit eigen ervaring. Met twee jongens, die nu 12 jaar zijn en reeds vanaf de leeftijd van nog geen 4 jaar, samenleven met een vader die zich voortbeweegt middels een elektrische rolstoel en zelfs voor zijn meest elementaire behoeften, afhankelijk is van derden. Dus ook dikwijls van hen! Dat zij van mij en anderen veel terugkrijgen op het vlak van appreciatie, aandacht en ook materieel (alhoewel niet meer dan andere leeftijdsgenoten, zo stel ik vast), doet niks af aan de waarde van hun mentale en fysieke inspanningen ten mijnen gunste. Er mag bijgevolg een standbeeld voor Austin en Brian worden opgericht!

In Nederland zijn er een aantal organisaties actief, die informatie, steun, hulp en een luisterend oor bieden aan jonge mantelzorgers. In Vlaanderen werden er naar Mantelzorg - 017 (klein)mijn weten op dit vlak nog geen initiatieven genomen. Nochtans is daar mijns inziens wel nood aan. Het is niet omdat je van op jonge leeftijd voor bijvoorbeeld (één van) je ouder(s), broer of zus moet zorgen, en je er zodoende aan gewend bent, dat je niet op een bepaald moment met vragen kan komen te zitten. Of dat de zorg je op een bepaald moment te zwaar wordt. En als je als jongere plotsklaps te maken krijgt met een zorgvragend gezinslid, doordat die bijvoorbeeld het slachtoffer werd van een zwaar ongeval of een ernstige ziekte, dan is het al helemaal niet verwonderlijk dat je als kind een heleboel vragen, problemen en/of twijfels hebt. Je komt immers in een rol terecht waar je helemaal niet om hebt gevraagd, en doorgaans totaal niet in thuis bent: deze van zorgdrager.

Advies met betrekking tot praktische zaken, door in deze materie gespecialiseerde consulenten, kan ongetwijfeld een hulp zijn. Ook communicatie met jongeren die zich in een vergelijkbare situatie bevinden, kan uiterst welkom en zinvol zijn. Dit contact kan verlopen via het internet (forum, e-mail...) of op georganiseerde activiteiten.Mantelzorg - cartoon - 000 (klein)

Interessante lectuur met betrekking tot dit thema is het jeugdboek 'Mijn vader draagt antilopenlerenschoenen'. Schrijver Kees Opmeer sprak met elf  jonge mantelzorgers uit Drenthe (Nederland) en beschrijft in het boek op een directe en boeiende manier de belevenissen en emoties van deze jongeren. De verhalen zijn waar gebeurd en getuigen van humor, veerkracht en doorzettingsvermogen. Ook interessant en leuk zijn de websites speciaal voor kinderen en jongeren die zorgen voor een ziek of gehandicapt familielid, zoals: Mantelzorg? & maxjijook?

>>> Noot: klik op de cartoons voor een grotere afbeelding!