04-04-11

Schooluniform

Studerende student - 001.JPGDe studenten aan de universiteiten en hogescholen hebben in de maand januari reeds hun tentamens gehad. De leerlingen die les volgen aan middelbare scholen die drie examenperiodes organiseren, zijn nog volop bezig of hebben net gedaan met hun proefwerken van het tweede trimester. De moed opbrengen om te studeren zal er, met het mooie lenteweer van de voorbije week, niet eenvoudiger op zijn geweest. Maar hopelijk is het jonge volkje daar toch in geslaagd en kunnen ze binnenkort met mooie cijfers naar huis komen. Tot vreugde van henzelf, hun ouders, hun leerkrachten en elke andere persoon die hen genegen is.

Students in uniform - 000.JPGDe gedachte aan de studerende jeugd, leidt mij naar de discussie over de zin en onzin van schooluniformen. Die ik hier evenwel niet ten berde ga brengen. Maar ik wil jullie wel enkele feiten meedelen omtrent dit thema. Eén ervan is dat ikzelf nogal zot ben van schoolpakjes. Als ik bijvoorbeeld op woensdagnamiddag langs het Gentse Zuid passeer, dan geniet ik gewoonweg van het zicht op die mengelmoes van jongens en meisjes in hun schooluniform. In veel Gentse scholen is men immers nog steeds verplicht tot het dragen van een kleurenuniform. Waarbij enkel kledij van een welbepaalde kleur is toegestaan. Je merkt ginds dan ook diverse groepjes kinderen op met verschillende kleding aan, maar wel in dezelfde kleur. Wat, althans in mijn ogen, een mooi beeld oplevert.

Girl in green jacket - 000.JPGZelf heb ik nimmer school gelopen aan een onderwijsinstelling waar je verplicht was om een schooluniform te dragen. Mijn zussen daarentegen hebben een aantal jaren les gevolgd aan een katholieke middelbare school, verbonden aan een klooster. En die waren verplicht om kledij te dragen van één bepaalde kleur; donkergroen als ik me niet vergis.

Schoolmeisje in groen - 000.JPGNaar ik mij meen te herinneren kwamen leerlingen en ouders al wel eens tegen die kleedcod ++e in opstand. En waren er nogal wat progressieve meisjes, met lef, die de kledingvoorschriften nogal vaak vrij, creatief en inventief interpreteerden. Wat dan weer regelmatig tot conflicten leidde met de gezagvoerende nonnetjes en hun moeder-overste, die er doorgaans een andere, meer conservatieve visie op na hielden.

De kloosterzuster zijn uiteindelijk, geloof ik, na verloop van tijd (jaren?) wel wat bijgedraaid, meer tolerant geworden. Maar ik denk niet dat minirokjes, korte jurkjes of hotpants ooit op hun school zullen zijn getolereerd.

Eigenlijk had ik in Japan moeten geboren geweest zijn. En als meisje! Want als klein ventje was ik Japans schoolmeisje - 000.JPGdol op matrozenpakjes. En dat is nu net waarop in die tijd, in dat land, het schooluniform van lagere schoolmeisjes was gebaseerd Lachen

Maar hoChoco - 000.JPGe graag ik het ook wou hebben, aan zo een marineblauw/wit matrozenpakje ben ik helaas nooit geraakt. Waarschijnlijk heb ik nooit aan mijn ma durven vragen om er zo eentje voor me te maken, want ik ben er vrij zeker van dat ze dat nooit had geweigerd.

Heimelijk was ik jaloers op Choco, de aap van stripfiguur Jommeke zijn vriendinnetjes, De Miekes. Want die bananeneter draagt er in de populaire stripreeks wel sinds jaar en dag zo eentje! Maar in plaats van dat rode broekje had ik wel een blauw exemplaar gewild Knipogen

Matrozenpetje - 000.JPGTreuren om dat gemis deed ik evenwel niet. Want, eerst bijgestaan door mijn 5 jaar oudere, handige en graag knutselende zus, en vervolgens vrij snel  zelfstandig en helemaal alleen, maakte ik wel talloze wit/blauwe matrozenpetjes uit crêpepapier. En getooid daarmee, liep ik rond in ons kleine huisje en buiten in de grote ouderlijke tuin. Zelfs nu, decennia later, weet ik nog steeds precies hoe je zulk en petje maakt! Lachen

Schoolmeisje.(blog).JPGOnlangs las ik in een magazine dat er, vooral in Groot-Brittannië, een heropleving aan de gang is, waar het schooluniformen betreft. En ook in ons land is deze traditie blijkbaar weer in opmars. Bepaalde scholen hebben zelfs recentelijk hun uniformregels strenger gemaakt. Het Sint-Franciscusinstituut in Melle is daar een voorbeeld van. Jeansbroeken zijn daar VERBODEN. En een rok of jurk moet minstens driekwart van de jongedames hun dijen bedekken. Flauw zeg!… Wenkbrauw ophalen

Het is wel zo dat, ondanks de vaak strikte voorschriften over de vereiste kleur groen, blauw, grijs of bruin, van de outfit, er in veel scholen toch vaak modieuze kledij is toegestaan, zoals bijvoorbeeld de nauw aan de benen spannende ‘skinny’ broeken. Bepaalde winkels zijn overigens gespecialiseerd in schooluniformkledij. Dus daar kan men dan vast het nodige advies verkrijgen van wat wel en niet kan, in deze of gene school.

Jas met ipod - 000.JPGNaar verluidt zijn er in de handel zelfs schooluniformen te koop waarin een ruimte is voorzien voor de ipod van de scholier. En misschien zijn er ook wel jassen, broeken en rokjes verkrijgbaar met geheime zakjes of andere ruimtes voor spiekbriefjes, een rekenmachine of zelfs minicomputer!

Geslaagd! - 000.JPGMinder dan 3 maand van heden is het schooljaar alweer ten einde. En is er opnieuw een studieperiode en examentijd achter de rug. En zal het bonte allegaartje van schoolkinderen, al dan niet in uniform, terug voor 2 maand uit het straatbeeld verdwijnen. Hopelijk voor hen, hun (groot)ouders en andere naasten, zal dat zijn met een welverdiend A-attest op zak. Lachen

08-04-10

Te paard

  

Cowboy RudiAls klein ventje was ik gek van 'het Wilde Westen', waar de cowboys en indianen hun dagen vulden. Vaak liep ik, dikwijls na het bekijken van een westernfilm op onze zwart/wit televisie, rond in onze tuin, verkleed als cowboy of als indiaan. Dat wisselde wel eens. Mijn voorkeur en sympathie ging eigenlijk vooral uit naar de roodhuiden, doorgaans de underdogs. Dat gegeven sprak mij aan. Alsook de lichtbruine huidskleur van deze mensen, hun lange haardos, hun kledij en het feit dat deze dappere krijgers geen nood hadden aan een zadel om hun paard te berijden.

Toch was ik ook graag cowboy. Als knaap had ik zelfs een heus cowboykostuum. Toch was het vooral het hoofddeksel van de veedrijvers dat me aansprak. Er zijn tijden geweest dat ik elk moment dat ik thuis was, een cowboyhoed op mijn hoofd had. Ik herinner me een bruin exemplaar dat ik heb gedragen tot het op de draad was versleten. Jammer genoeg kon ik me toentertijd geen echte cowboyhoed permitteren. Want het feit dat je daar, zoals ik in menige film had waargenomen, om te drinken of je te verfrissen, water mee kon scheppen uit bijvoorbeeld een rivier of regenton, zonder dat die vloeistof uit de hoed lekte of hem stuk maakte, sprak me enorm aan.

Stokpaard - 000Als Verre Westen bewoner had ik uiteraard ook nood aan een vervoermiddel. En zoals het zowel een cowboy als een indiaan betaamd, was dat een rijpaard. Mijn eerste paard was een 'stokpaard'. Eigenhandig vervaardigd uit een bezemsteel waarop aan één uiteinde een paardenkop was bevestigd. Of althans iets dat werd verondersteld dit te zijn. Twee stukken aan elkaar gekleefd karton, waarop ik het voorste deel van een paard had getekend en dit met een klein schaartje had uitgeknipt. Een stukje touw dat, net onder de paardenkop, aan de bezemsteel was vastgeknoopt, fungeerde als teugel.

Met dit beestje haalde ik, zowel binnen in ons kleine huis als buitenshuis, de gekste toeren uit. Tot mijn ma ons huis wou schuren en derhalve haar bezemsteel terug eiste. Dus diende ik op zoek te gaan naar iets anders. En dat vond ik wonderwel. De houten zaagbok die achterin onze tuin stond opgesteld, en eigenlijk diende als hulpmiddel om lange stukken boomtakken te fixeren om ze gemakkelijker verder tot kleinere stukken stoofhout te verzagen, kon uitstekend dienst doen als prairiepaard!

Zaagbok - 000Het was wel nodig er een (zadel)deken op te leggen, want het wippen op dat harde hout, bij het in galop rijden, deed anders te veel pijn aan mijn bibs. En ook splinters in mijn gat kon ik missen als koude pap. Een stuk touw uit onze stallingen kon ook bij dit houten paard fungeren als leidsel. En het moest lukken dat mijn, toen nog in leven zijnde grootvader langs mijn pa's kant, er ook zo eentje op zijn erf had staan. Wat maakte dat ik mijn activiteiten als cowboy of indiaan, ook kon ontplooien op momenten dat ons gezin zich ter locatie van mijn vaders ouderlijk huis bevond.

Aangezien bij ons thuis mijn pa af en toe mijn rijdier gebruikte in de functie waarvoor het eigenlijk in de wieg was gelegd, knutselde ik er vrij snel zelf één in elkaar. Niet zo mooi, sterk en stevig als het origineel, maar mijn kopie was, al zeg ik het zelf, als werk van een pretiener, best geslaagd te noemen. En zorgde ervoor dat ik nooit paardloos was.

Toen ik iets ouder werd, gingen wij zo nu en dan, tijdens het weekend, of in de vakantie, naar een buitenmanege, die zich niet zo ver verwijderd van onze woonst bevond. Aldaar kon je, tegen betaling uiteraard, ronderitjes maken op de rug van een klein paard of pony. Zo een beetje zoals je heden ten dage de paardenritten hebt op de kermis, maar dan geheel in open lucht en met een grotere stapcirkel. De ouders die hun kinderen niet dienden vast te houden tijdens de ritjes, konden tussendoor een drankje nuttigen op het buitenterras van deze uitspanning. En toen wij, ruiters in spé, de teugels van ons rijdier hadden doorgegeven aan andere, ongedurig op hun beurt wachtende kinderen, lustten wij ook wel een drankje, of een ijsje!

Ezel(s) - 002Wat ik mij ook herinner is dat er, naast die paarden en pony's, ook een ezel mee stapte. Of althans werd verondersteld om mee te trippelen. Want het beest deed werkelijk keer op keer zijn naam alle eer aan. Het dier weigerde immers halsstarrig mee te stappen met de andere soorten paardachtigen. Maar bleef integendeel hetzij koppig ter plaatste trappelen, hetzij tevergeefs trachtend zich achterwaarts voort te bewegen, of in de tegengestelde richting. Wat de begeleiders van de dieren uiteraard niet toelieten.

Waar ik, als jonge knul naar uitkeek, was het moment waarop ik oud genoeg zou zijn om deel te nemen aan een andere, op deze locatie georganiseerde activiteit. Namelijk het, gezeten op een groot paard, in groep, door het bij deze uitbating horende bos rijden. Om dan later, als een volleerd ruiter, op mijn eentje mijn, van deze mensen geleend paard, tussen de bomen te laten galopperen. Helaas is, vooraleer dit moment aanbrak, de 'Rijhoeve' ten ziele gegaan.

Paarden overburenDe geneugten van het berijden van een echt, levend dier, veroorzaakten bij de kleine ik, een zekere desinteresse voor de houten varianten. Gelukkig hadden de buren van naast ons, zich een schaap aangeschaft. Een dier dat luisterde naar de naam 'Miette'. Alhoewel het eigenlijk reageerde op om het even welke naam waarmee je het aansprak. En luid blatend, terstond jouw richting uitkwam. Althans zo ver als de ketting, waarmee de lederen halsband van het beest was verbonden met een in de grond geklopte stalen pen, het toeliet.

Manuele grasmaaierHet arme schaap fungeerde als alternatief voor een manuele grasmaaier, een 'stekertje, zoals wij dat noemden. Het was de bedoeling dat het dier het gazon in de voortuin van onze, in de stad opgegroeide buren, kort zou houden. Dat je, om over de ganse oppervlakte van het grasland, eenzelfde grashoogte te hebben, dat beest regelmatig moest verplaatsen, dat had de buurman over het hoofd gezien. Dus zorgde ik daar voor, op momenten dat buurman, buurvrouw en hun beide kinderen, enkele dagen afwezig waren.

Zo ging ik dan dagelijks op bezoek bij Miette. Trachtend met mijn voeten niet te trappen in de door het wolbeest geproduceerde en achterlangs afgescheiden bolletjes uitwerpselen. Ook al een element waarmee de buurman geen rekening had gehouden. En ten gevolge waarvan zijn koters niet op het grasplein mochten spelen. Terwijl dat grasperk eigenlijk in eerste instantie was aangelegd als ravotterrein voor die kindjes.

Schaap - 000Uitgedost als een cowboy, met mijn mouwloos vestje aan, mijn wapenholster met revolver erin, vastgehecht aan mijn broeksriem en mijn cowboyhoed op het hoofd, kweet ik me vlijtig van de door mij geheel vrijwillig aanvaarde taak. En eens het arme schaap op zijn nieuwe plek was geïnstalleerd, met een oude braadketel met pompwater in, binnen bereik, ging ik naast het beest staan, zwaaide één been over de flank en rug van het dier, veerde mijn lichaam met mijn andere voet omhoog en kwam zo op de rug van het schaap te zitten. Mijn pseudopaard.

Aangezien ik slechts af en toe de beschikking had over Mrite als rijpaard, reed ik noodgedwongen nog vaak op mijn eigenhandig gemaakte houten zaagbokpaard. Dat ik, de kleine blonde cowboy, heel af en toe aan de kant mocht laten staan om een ritje te maken op het kleinste van de paarden van onze overburen. Zonder zadel! Vrij in de wei. Dat was pas genieten! Yiehaaaa!!!!!!!

26-04-09

REVA 2009

 

REVA - logoDonderdag jongstleden ben ik naar Flanders Expo geweest, in Gent. Daar had REVA plaats, een tweejaarlijkse informatiebeurs voor personen met een handicap en ouderen. En, zoals naar gewoonte op zulke activiteiten, reed ik, figuurlijk althans, weer een heleboel bekenden en oud-bekenden tegen het lijf.

En, zoals ook wel eens vaker gebeurt, werd ik weer een aantal keer 'herkend'. Zou ik dan toch zo een straatschuimer zijn? Zodat zo velen me kennen van ziens? Nochtans probeer ik, waarheen ik me ook beweeg, dit steeds zo onopvallend mogelijk te doen.

Mooi volk dat daar trouwens rondliep op de beurs. Als al die knappe, lief ogende jonge meisjes, de toekomstige ergotherapeuten, kinesitherapeuten, verpleegkundigen, sociaal assistenten... kortweg de komende generatie werkers in de sociale sector zullen vormen, dan blijf ik graag nog even gehandicapt. Zelfs tot op het einde van mijn leven! ;-)

thumbs-up (klein)Een beeld dat me trof was dat van een klein meisje, naar ik vermoed een jaar of 10 jong. Ze was in het gezelschap van haar mama, haar jongere zusje en een oudere dame, ongetwijfeld haar grootmoeder. Die in een manuele rolstoel zat en door dat kind werd voortgeduwd. En het meisje deed dat duidelijk met heel veel zin!

Het is maar hoe je je kinderen opvoedt. En als ouder, en bijgevolg uitermate belangrijk rolmodel, het goede voorbeeld geeft. Ik kwam dit vrouwelijk kwartet nog een aantal keren tegen. En zag zowel de mama als de kinderen geïnteresseerd kijken naar hulpmiddelen waarin oma leek geïnteresseerd. En de zusjes testten voor haar de looprekjes en andere spullen uit. Met zichtbaar plezier, getuige hiervan de brede grijns op die kindjes hun gezicht.

Stappend meisjeGrappig vond ik het zien van die blinde jongeman, voorzien van een witte geleidestok, die stevig gearmd door een knappe jongedame de beursgangen doorstruinde. Die jongen stapte daar rond in de zaal met een mokkel en de kans is groot dat die kerel niet eens echt benul had van welk een schoonheid er aan zijn zijde hing geplakt. En ik gun hem zonder meer een onontbeerlijke assistente met zulk een schoon figuurtje en mooi aangezicht. Jammer dat hij niet die jaloerse blikken van menig ziende beursganger kon waarnemen, die duidelijk ook wel dergelijk gezelschap zouden appreciëren.

Nog grappiger was mijn toiletbezoek, op het einde van mijn beursvisite. Uiteraard waren die hokjes weer te klein om mijn elektrisch aangedreven wielstoel te herbergen. Aan de mannenkant lukte het al helemaal niet, te wijten aan een wandbeugel die maar niet in opgeklapte toestand wou blijven staan. Aan de kant van de vrouwen was dat euvel er niet, maar ook daar was het hokje sowieso te klein, zodat de toiletdeur diende te blijven openstaan.

Maar daar had de hulpvaardige toiletdame een oplossing voor. Ze zei dat ze er de ADL- assistente zou bijhalen. Voor hen bij wie deze term niet bekend is: dit is een persoon die wordt ingeschakeld om mensen met een beperking te helpen. Dat kan bijvoorbeeld hulp zijn bij het uittrekken of aandoen van een jas en assistentie bij het eten of naar het toilet gaan. Die jonge ADL- assistente was nogal groot en breed gebouwd en zou door voor de openstaande deur te staan het zicht op mij kunnen ontnemen. En dat vriendelijke meisje gaf gevolg aan dat verzoek, zodat ik toch verzekerd van enige privacy, mijn blaas kon ledigen.

waving_hand (animation)Even later stond ik ook nog even in de belangstelling toen mijn aandacht werd getrokken door een levend standbeeldfiguur in een elektrische rolstoel. Jazeker, ook nieuw voor mij, maar dit fenomeen bestaat wel degelijk! Het in een net pak gestoken heerschap, met een hoge hoed op, waaronder een gezicht en haardos als zijnde van plastiek, te zien was, hengelde naar mijn interesse door met één van zijn in witte handschoenen gestoken handen naar me te wuiven. Vriendelijk als ik ben, wuifde ik glimlachend terug. Hij stak zijn duim op, waarna ik hetzelfde deed. En toen kwam die, op een pop lijkende persoon, tot net naast me gereden.

Met een vingertop raakte hij mijn arm aan. Een piep weerklonk. Vervolgens drukte die figuur met zijn wijsvinger zachtjes elders op mijn arm. Weer een piep! Toen gaf hij een tikje op mijn schouder. Maar nu weerklonk er geen geluid. De man keek verbaast en haalde zijn schouders op. Ik volgde zijn voorbeeld. Vervolgens raakte hij, met een verwachtingsvolle blik, nogmaals met zijn vinger mijn bovenarm aan. Weer klonk een piep! Dat toverde een glimlach op het plastic gezicht, en de man stak zijn duim op. Ik deed, zachtjes lachend, hetzelfde.

bigmouth (klein)Toen haalde hij, met een houterig gebaar, een snoepje uit de borstzak van zijn vest. En vroeg met gebaren of ik daar zin in had. Ik knikte van ja. Waarna die kerel het bolvormige snoepje van zijn doorzichtige verpakking ontdeed. Eens hij daar klaar mee was, gebaarde hij me om mijn mond te openen. Wat ik gewillig deed. Vervolgens kneep hij één oog dicht, en nam een pose aan alsof hij dat, naar inmiddels bleek, roodkleurige snoepje, in mijn mond wou gooien.

Ik sloot lachend mijn mond, maar dat kolderiek personage gebaarde me toch weer de mond te openen. Gedwee gaf ik daaraan toe. Waarna hij vanuit alweer dezelfde, op gooien lijkende houding, met het tussen duim en wijsvinger gehouden snoepje, in een boogbeweging het bolletje zoetigheid tot aan mijn lippen bracht, waar ik het dankbaar op mijn tong liet deponeren en vervolgens liet verdwijnen in mijn mond.

Blijkbaar was dit schouwspel interessant genoeg om er foto's van te nemen. Want ik merkte enkele lichtflitsen op van camera's. Dus verschiet niet als je me één dezer dagen met wijd open mond aantreft in een of andere publicatie.

22-04-09

Prestatiedruk en zelfdoding bij kinderen

 
Desperate boy - 001D
e kwaliteit van ons onderwijssysteem is één van de beste in Europa, zelfs van de wereld, zo wordt her en der beweerd. En ik wil dat best geloven. Toch maak ik mij de bedenking of de lat niet te hoog wordt gelegd. Is de prijs die dient betaald te worden voor dat al dan niet vermeend en in noodzakelijkheid betwistbaar onderwijsniveau, niet te hoog?

Want als je vaststelt hoeveel jongeren er bij ons kampen met psychische problemen, en je, om de oorzaak daarvan te achterhalen even dieper spit dan het oppervlakkige, dan kom je tot de vaststelling dat een laag zelfbeeld er vaak de grondslag van is.

Verbaast kan men niet zijn bij het constateren hiervan. Heden ten dage wordt ieder westers kind, vanaf een steeds jongere leeftijd, onder druk gezet om goed te presteren. Zowel thuis, als op school, alsook in de sportclub of bij een andere vrijetijdsbesteding.

Vaak stel ik mij de vraag of al die ouders, al die onderwijzers, al die trainers, ooit stilstaan bij de essentie van hetgeen ze doen of willen gedaan krijgen. Een kind kennis bijbrengen, Girl pills (klein)technische en praktische vaardigheden aanleren. En waar het de sport betreft, zou dit in de eerste plaats een uitlaatklep moeten zijn voor de fysieke energie die een kind in de klas of thuis niet kwijt raakt. Om afwisseling en ontspanning moet dit draaien. Gezond amusement, zowel op fysisch als op psychisch vlak. Roepen, schreeuwen, onder druk zetten en vernederen is dus uit den boze, doch wordt schijnbaar door de op resultaat toegespitste goegemeente probleemloos aanvaard.

Beseffen al die mensen dan niet dat elk kind anders is, elkeen andere talenten heeft. En dat die jonge mensen niet altijd zin hebben en er doorgaans niet de noodzaak van inzien om steeds te presteren naar best vermogen, voortdurend het uiterste te halen uit hun mogelijkheden. Herkennen die volwassenen dergelijke gevoelens niet uit hun eigen leven? Of zijn ze allen dom?

Sommige kinderen lopen flink in het gareel. Zijn strebers, willen steeds de beste en de eerste zijn. Slechts enkelen hebben daar voldoende talent voor, krijgen de kans om dat te bewijzen en hebben daarenboven voldoende geluk om te slagen in hun opzet. De rest valt uit de boot. Niet zelden gefrustreerd en gedesillusioneerd. En zij die beperktere mogelijkheden hebben kunnen het zelfs helemaal vergeten!

Daar komt nog bij dat het zogezegd falen van het kind, ook de ouder triest stemt. Niet zelden omdat ma of pa hun eigen gemiste kansen zo graag hadden zien waargemaakt door hun nakomelingen. Dat heeft tot gevolg dat het kind zich helemaal beroerd voelt. Wat in extreme gevallen zelfs leidt tot (een poging tot) zelfdoding.

Teen - pills (klein)Zelfdoding door kinderen en jongeren. Het is iets dat niet zou mogen voorkomen in onze maatschappij! En toch komt het vaker voor dan men voor mogelijk houdt. Bij tieners en tot 25-jarigen is suïcide immers de op één na belangrijkste doodsoorzaak.

En met ouder worden betert het er niet op. Integendeel! In de leeftijdscategorie van 25 tot 50 jaar blijft zelfdoding zelfs pertinent in de top 2 staan van doodsoorzaken! Bij mannen tussen de 25 en de 49 jaar is het sterfteoorzaak nummer 1. Bij vrouwen is dat het geval voor de leeftijdscategorie van 25 tot 39 jaar. België heeft, na Finland, het hoogste percentage zelfdodingen van Europa. Preventiecentra becijferden dat vermoedelijk één op de tien Vlaamse tieners zichzelf pijn doet of een poging tot zelfdoding onderneemt.

Minder egocentrisme, meer aandacht voor elkaar, minder na-ijver en prestatiedrang, zou mijns inziens die cijfers behoorlijk kunnen naar beneden brengen. Maar ik geef onomwonden toe dat ik op dat vlak mogelijks te naïef ben door te geloven dat zulk een leefgemeenschap ooit te realiseren valt. Nochtans is het die hedendaagse ingewikkelde, op prestatie en succes gerichte samenleving die veel van dit leed veroorzaakt.

Naar onze kinderen toe dient men zich de vraag te stellen wat prioritair is. Prestatiezucht, overdreven ernst en ijveren naar succes. Of een kind gewoon een kind te laten zijn en het speels, guitig en onbezorgd aan zijn eigen tempo te laten uitgroeien tot een mooi en tevreden mens? Ik kies voluit voor het laatste!

08-11-08

Avontuur in de avonduren

Mijn lotsbestemming blijft verrassingen voor mij in petto hebben. Veel te veel naar mijn zin. Maar als er één zekerheid is in dit aardse bestaan, dan is het wel het feit dat je het lot hoe dan ook niet kan ontlopen.

Eergisteren ben ik met Caroline, mijn echtgenote, naar het oudercontact geweest van de middelbare school, waar onze zoon Brian zijn eerste jaar ASO (Algemeen Secundair Onderwijs) volgt. We waren immers uitgenodigd voor een oudercontact, waarbij ons werd aangeboden, tijdens een persoonlijk gesprek met de leerkrachten, de nodige toelichting te krijgen bij de studieresultaten van onze zoon, tot op heden.

Welkom voelde ik mij bij aankomst aan de school helemaal niet. Want dat plankje, met hellend vlak, om via de hoofdingang in de school binnen te geraken, lag niet klaar. Een attente dame zorgde er evenwel voor dat twee mannen, binnen de kortste keren de ramp voor de dorpel hadden geplaatst. En, eens ik binnen was, ook terug op zijn oorspronkelijke plek legden. Anders zou ik niet tot aan de lift zijn geraakt, die we nodig hadden om in de klaslokalen te geraken, waar de leerkrachten ons te woord zouden staan.

Die lift, dat is zo een oud type, met een vaste, zware, open te draaien deur, en zonder dubbele cabine. Wat betekent dat, eens je in de ascenseur staat en deze met een druk op de knop in beweging hebt gezet, je, aan de kant waar je bent ingestapt, de wand van de liftkoker vervaarlijk aan je voorbij ziet flitsen. Gevaarlijk vind ik dat! Dat systeem zal wellicht beveiligd zijn. Maar wat als die beveiliging faalt? Dan kan je net zo goed mee naar boven worden gesleurd, met alle kwalijke gevolgen van dien.

Lift - cartoon - 000 (klein)

Aangezien de liftkoker aan nog eens aan de kleine kant is, pas ik er ook alleen maar in als ik mij met mijn rolstoel schuin in deze lift positioneer. Enkel op die manier  kan ik er gebruik van maken. Maar kom, we zijn gewoon van ons plan te trekken en we zijn, met behulp van dat systeem, in ieder geval op de verdiepingen geraakt waar we zijn moesten.

Alles bij elkaar genomen hebben we tweeënhalf (2,5) uur zitten wachten om drie (3) leerkrachten gedurende een vijftal minuutjes te spreken. Die tijd uittrekken en dat wachten heb ik er absoluut voor over, om met de leerkrachten van mijn zoon eens van gedachten te wisselen. Maar er zou wel eens een efficiënter formule mogen bedacht en toegepast worden. Want ik had graag ook nog met enkele andere leraars en leraressen kennis gemaakt. Nu was daar geen mogelijkheid toe. De globaal toegewezen tijd was immers op!

Wel vijf of zes mensen heb ik gisterenavond gezien, die lid zijn van het oudercomité, waarvan ook ik deel uitmaak. Die dames (?) en heer (?) vonden mij blijkbaar niet de moeite waard om gedag tegen te zeggen. Was het misschien omdat mijn echtgenote erbij was? Die heeft namelijk een bruine huidskleur. Er waren nochtans meer ouders met een kleurtje aanwezig. De schoolbevolking is immers nogal heterogeen samengesteld. Nu ja, ik ga mijn hoofd niet breken over de oorzaak en beweegredenen van die mensen hun totaal gebrek aan elementaire beleefdheid. Ten overstaan van Caroline en mij welteverstaan, want andere mensen werden wel door hen begroet. Dus zal het allicht aan onszelf liggen. Of berust dit op een misverstand en hebben die lui mij gewoonweg niet herkent?! Knipogen

De leerkrachten daarentegen, zijn vriendelijk, gemotiveerd en vol goede intenties. De ene allicht al wat meer dan de andere, maar ik heb toch de indruk dat de school een goed leerkrachtenkorps heeft. Ook een aantal leerlingen van de hogere jaren lieten zich op deze oudercontactavond van hun beste kant zien. Al heb ik wel mijn bedenkingen bij de nogal onbehouwen wijze waarop ze hun taak uitvoerden. De jongeren gingen immers, in twee ploegen, denk ik, rond om aan de leerkrachten en wachtende ouders soep te bedelen. Wat ik zag en hoorde, was een meisje met een grote, en blijkbaar zware ketel soep. Naast haar een jongen met een grote pollepel, waarvan hij de steel in de ene hand en de schep in zijn andere hand hield, bovenop een aantal van resten soep doordrongen servetten. Niet echt een appetijtelijk aanzicht.

Pollepel - 000 (klein)

 "Moet er iemand soep hebben?" vroeg de jongen. Wie reageerde zei "neen, dank u" of bewoog het hoofd een paar keer van links naar rechts en terug om hetzelfde antwoord te geven, maar dan visueel.  Ook ik bedankte voor het aanbod, dat nochtans niet rechtstreeks tot mij was gericht. Het kan idioot lijken, maar ik zag enkel die twee jongelui en veronderstelde dus dat iedereen uit diezelfde soeplepel moest drinken. Die dan telkens gereinigd werd, vandaar die doordrenkte servetten. Maar mijn mond aan die lepel zetten, wat even voordien ook een wildvreemde had gedaan, dat zag ik helemaal niet zitten. Zulks doe ik niet als ik in Europa ben! Opeens kwamen echter nog twee andere meisjes opdagen, waarvan er eentje een mand droeg met soepkommen, lepels en servetten in. Maar niemand van de ouders kwam op haar of zijn beslissing terug. Ook ik niet.

Niet stoppen met lezen, want mijn verhaal is nog lang niet ten einde. De plot moet nog komen! Tijdens het wachten op audiëntie door de leerkracht wiskunde, merkte ik op dat de gang stilaan leegliep. Diverse leerkrachten deden hun jas aan en vertrokken. Ook de meeste, ten behoeve van de wachtende ouders, in de gang geplaatste stoelen, stonden er nu werkloos bij. Aan Caroline liet ik weten dat ik er niet gerust in was. Dat wij nog met de lift naar beneden moesten en dat ik bang was dat we vast zouden komen te zitten in de lift en alzo opgesloten en achter zouden blijven in een verlaten schoolgebouw. Mijn eega deelde deze vrees niet.

Na het onderhoud met de wiskundeleraar, repten we ons naar de lift. Teneinde van de derde verdieping, waarop we ons bevonden, terug op het gelijkvloers te geraken. Ik reeds schuin in de cabine. Caroline kwam naast mij staan, sloot de deur en drukte op de '0'. Er gebeurde niks. Geen van ons beiden stond we voor het oog/de ogen die de deur beveiligen. Dat kon dus niet de oorzaak zijn van de malfunctie. Dus nogmaals geprobeerd. En nog eens. Uiteindelijk kwam de lift dan toch in beweging, om even later met een schok alweer halt te houden, tussen twee verdiepingen. Op welke knop er ook werd gedrukt, er kwam geen beweging in dat ding. Mijn voorgevoel dreigde bewaarheid te worden!

Caroline probeerde dan maar de lift te laten bewegen door de knop ingedrukt te houden. Eureka! Dat lukte... even. Alweer was de lift met een schok stil komen te staan. De truc met het ingedrukt houden van de knop werkte deze keer niet. Wat nu gezongen? Iemand bellen? Maar wie? En het belkrediet van mijn GSM-kaart was zo goed als opgebruikt. Hopelijk dat van Caroline niet. Maa
r ik durfde het haar niet te vragen. Gelukkig bleef de licht in de liftcabine branden. Na even gewacht te hebben, kwam er bij het blijven ingedrukt houden van de liftknop uiteindelijk toch weer beweging in de lift en geraakten we zo, in enkele etappes, dan toch terug op de begane grond. Oef! Dat was in elk geval de laatste keer dat die lift me heeft mogen vervoeren. Het risico vast te blijven zitten, neem ik niet meer.

Helemaal buiten geraken via de voordeur was er ook niet meer bij. Vrijwilligers om dat hellend vlak te helpen verplaatsen waren er niet te bespeuren. Gelukkig was de achterdeur niet op slot en kon ik dus in het pikkedonker langs de achterzijde het gebouw verlaten. Als een dief in de nacht. En met gevaar lek te rijden op een onzichtbaar object. Leuk is anders!

Thief in the night - 003

04-11-08

In de eerste plaats jongeren!

Handen (logo) (klein)

UNICEF België heeft eind vorig jaar, samen met jongeren met een handicap, het rapport voorgesteld: 'Wij zijn jongeren in de eerste plaats'. Uit een bevraging van meer dan 300 jongeren met een beperking, in de leeftijdsklasse van 12 tot 18 jaar, kwam deze stelling, een smeekbede zou ik het willen noemen, immers als voornaamste bekommernis en aandachtspunt naar voren.

Kind met handicap - cartoon - 001

Onze maatschappij heeft jammer genoeg de neiging om personen in hokjes te stoppen. In te delen en te beoordelen op basis van bijvoorbeeld hun uiterlijke kenmerken of zichtbare gebreken. Dit stigmatiseren is kortzichtig, onrechtvaardig en kwetsend voor hen die er het slachtoffer van zijn. En zeker indien dit gebeurt bij kinderen, jeugd en jongvolwassen. Net zoals hun gezonde, valide leeftijdsgenoten, willen ook zij 'gewoon' bij de groep horen, deel uitmaken van de uitbundige meute, niet opvallen, maar opgaan in het geheel. Maar dat wordt hen helaas maar al te vaak niet gegund.

Kind met handicap - cartoon - 000 (klein)

In de hedendaagse leefwereld hebben jonge mensen het sowieso reeds moeilijk hun draai te vinden, keuzes te maken, aan foute verleidingen te weerstaan. Als ze daar bovenop dan ook nog eens telken male de vernedering moeten ondergaan om in de eerste plaats beoordeeld te worden op hun handicap(s), en het hoofd moeten bieden aan de navenante vooroordelen, dan wordt hen het leven helemaal moeilijk gemaakt. Totaal onnodig en zelfs onmenselijk! Die jonge medemensen hebben het zo al lastig genoeg!

Kind met handicap - cartoon - 002 (klein)

Slechts weinig mensen hebben reeds door dat fysiek onvermogen een persoon niet per se anders maakt dan anderen. Kinderen met een zintuiglijke, fysieke of mentale beperking zijn in de zeerste plaats ook gewoon kinderen. En willen dan ook, en hebben er het volste recht toe, als dusdanig behandeld (te) worden! De beperking die ze hebben kan en mag niet over het hoofd gezien worden, maar anderzijds ook in geen geval aanzien worden als hun belangrijkste eigenschap.

Deze jongeren zijn ook volwaardige individuen die mee vorm kunnen en willen geven aan de samenleving waarin ze leven. Net zoals hun valide leeftijdsgenootjes. Met dezelfde rechten, gelijke kansen, en hetzelfde aanzien als mens, op basis van hun talenten en wat ze kunnen. En niet langer afgerekend op hun beperkingen en wat ze niet kunnen. Dit laatste mag geenszins een belemmering zijn op de persoonlijke ontwikkeling van deze kinderen.

Kind met handicap - cartoon - 003 (klein)

Mensen moeten ophouden met personen met een handicap bevreesd of meewarig aan te kijken en betuttelend of afwijzend te behandelen. Dat voelt immers onaangenaam, beledigend en kwetsend aan voor de dezen en evenzo, en soms nog meer voor de personen uit hun omgeving (ouder, partner, vriend, kind...). De doorsnee burgers worden niet graag geconfronteerd met het beeld van iemand in een toestand waarin zij zelf, hun ouder of kind zich had kunnen bevinden, als het lot ook hen minder gunstig gestemd was geweest. Ze willen er trouwens ook niet aan worden herinnerd dat het hen alsnog kan overkomen.

Dat verklaart mijns inziens ten dele hun gedag. Die egocentrische houding hoeven we evenwel in geen enkel geval te aanvaarden. Niemand heeft zelf om haar of zijn handicap gevraagd. De afkeuring, afwijzing en uitsluiting van personen met een handicap moet gebannen worden uit onze maatschappij. En plaats ruimen voor een atmosfeer en mentaliteit van verdraagzaamheid, begrip en inclusie. Ik ijver ervoor, hopelijk jullie ook!

01-10-08

Respect gevraagd

In het jaar 2004 wou men in Lokeren, overeenkomstig één van de doelstellingen van het het Lokers Mobiliteitsplan, enkele schoolomgevingen herinrichten. Ingevolge het mobiliteitsconvenant dat het stadsbestuur reeds eerder afsloot met het Vlaams gewest, kan voor scholen, die gelegen zijn langsheen, of palen aan, een gewestweg, hiervoor een (ruime) subsidie worden verkregen.

Vicieuze  cirkel (klein)

Klik op de foto voor een grotere weergave

Twee basisscholen, die aan deze voorwaarden voldoen, zouden worden aangepakt,. Eén van deze scholen is 'GVBS Sint-Anna - Heirbrug'. Een basisschool, met op dat moment 317 leerlingen in kleuter- en lager onderwijs en 39 personeelsleden. Gelegen op 500 meter van mijn voordeur en tevens de school waar mijn kinderen toen onderwijs genoten en ik lid was van het oudercomité.

Ingevolge de bepalingen van het mobiliteitsconvenant, had het stadsbestuur een 'Gemeentelijke Begeleidingscommissie' (GBC) opgericht. Die fungeert als overlegforum, en is samengesteld uit alle ondertekenaars van het convenant, aangevuld met andere maatschappelijke belangen actoren. Met een mandaad van het oudercomité trad ik, als hun vertegenwoordiger, toe tot deze commissie, die sinds de opmaak van het gemeentelijk mobiliteitsplan instaat voor de uitvoering, opvolging en evaluatie ervan.

Voor dit project werd door de stad Lokeren een studiebureau aangesteld, met als opdracht een concept uit te werken waarin de wegen, fietspaden, trottoirs en parkeerplaatsen rondom de schoolpoort zouden worden aangepast, teneinde zoveel mogelijk knelpunten op het vlak van de verkeersveiligheid, weg te werken.

Na de startvergadering van de GBC (1 oktober 2004) en in functie van het samenstellen, van een dossier, overeenkomstig de richtlijnen van de Vlaamse overheid, en teneinde het studiebureau de benodigde informatie te verschaffen, toog ik aan het werk. In eerste instantie met een bevraging van alle leerlingen (via een briefje en enquêteformulier aan de ouders) , om een overzicht te krijgen van de belangrijkste schoolroutes en hoofd verplaatsingswijzen, het maken van een plan waarop de voornaamste schoolroutes werden aangeduid, de opmaak van een overzicht van de belangrijkste knelpunten en het op papier zetten van een persoonlijke visie op de herinrichting van de schoolomgeving rondom GVBS Sint-Anna - Heirbrug.

Basisschool Heirbrug - Schoolpoort

Het adviesbureau gebruikte de verkregen informatie bij de opmaak van haar startnota, met daarin haar concept voor de herinrichting van de schoolomgeving. Dit werd voorgesteld op de vergadering van de Gemeentelijke Begeleidingscommissie, op 19 november 2004.

Ondertussen had ik een werkgroep opgericht, met daarin een vertegenwoordiging van directie, leerkrachten en ouders. De startnota werd besproken binnen deze groep en hun opmerkingen werden op papier gezet en overgemaakt aan het adviesbureau.

Met de werkgroep werden vergaderingen belegd waarin we, aan de hand van checklists, ondermeer een inventarisatie opmaakten van de verkeersknelpunten in de directe en ruimere schoolomgeving, manieren zochten om deze op te lossen, een actieplan met gewenste en geplande initiatieven voorbereidden en uitwerkten, en advies uitbrachten bij het stadsbestuur over de uitvoering van het schoolvervoerplan. Ook de leerlingen van de derde graad (5de en 6de leerjaar) kregen hun inbreng, door inventarisatie van de verkeersknelpunten, aan de hand van de checklists. Alle knelpunten werden op plan aangeduid; dit zowel door de werkgroep als door de leerlingen. Ter verduidelijking ging ik op stap om foto's te (laten) nemen van de knelpunten en voegde deze toe aan het dossier. Alsook een registratie van voorstellen m.b.t. de herinrichting  van de schoolomgeving, aangebracht door leerlingen en werkgroep.

Midden december 2004 was ik volledig klaar met mijn opdracht en bezorgde op 20 december, via de mobiliteitsdienst van de stad Lokeren, het resultaat van deze noeste arbeid, het schoolvervoerplan, aan de ontwerper. Deze bezorgde begin 2005, aan de leden van de Gemeentelijke Begeleidingscommissie, een aangepaste versie van de startnota, waarin meerdere concepten voor de herinrichting werden voorgesteld. Deze nota werd besproken op de vergadering van de Gemeentelijke Begeleidingscommissie van 13 januari 2005.

Basisschool Heirbrug II

Op de vergadering van de GBC op 15 februari 2005, werd een consensus bereikt betreffende het concept van heraanleg van deze schoolomgeving. Met als gevolg dat de startnota en het schoolvervoerplan reeds op 21 maart 2005 aan de Provinciale Auditcommissie (PAC) konden worden voorgelegd.

Van de directrice van de basisschool, die haar waardering voor mijn hulp in deze zaak, trouwens dikwijls uitte, kreeg ik midden april 2005 een kopie in handen van een brief van het stadsbestuur aan de school, waarin gemeld werd dat de PAC de startnota had goedgekeurd, en eveneens de bijkomende nota voor subsidiëring van een fietspad langs de gewestwegen, aan de school. Iets waar ik persoonlijk bijzonder had voor geijverd.

Daarna volgde de administratieve afhandeling tussen stadsbestuur en Vlaamse Gewest en de passage langs de Gemeenteraad. Na goedkeuring kreeg het adviesbureau opdracht tot het maken van een projectnota, met voorontwerp.

Toen op 1 september 2005 mijn kinderen de basisschool Heirbrug verlieten, en ik dus niet langer deel kon uitmaken van de ouderraad van die school, communiceerde ik dit per e-mail naar de schepen, zijn mobiliteitsambtenaars en het studiebureau. En meldde tevens dat ik, als vertegenwoordiger van de zachte weggebruiker, in naam van de Voetgangersbeweging VZW, waarvan de organisatie, en de rol die ik er in speel, hen genoegzaam bekend was, wou blijven zetelen in de GBC. De directie van de school en de voorzitter van de ouderraad meldde ik naderhand mondeling dat ik dit dossier actief zou blijven volgen.

Voor één vergadering werd ik nog uitgenodigd. Met name deze van 8 maart 2006, waarop ik dan ook aanwezig was. Als ik me goed herinner werd op deze bijeenkomst het voorontwerp, mits kleine te maken aanpassingen, goedgekeurd. Zodat dit kon worden voorgelegd aan de Provinciale Audit Commissie (PAC). Bij een goedkeuring aldaar, kon dit terug op de Gemeenteraad passeren, waarna, bij een positief advies, de stad zou kunnen starten met de aanbesteding en, na de toewijs, de uitvoering van de werkzaamheden voor de heraanleg, van start zouden kunnen gaan.

Daarna hoorde af zag ik niks meer van de GBC of met betrekking tot dit dossier. Begin juni 2007 informeerde ik bij de mobiliteitsambtenaren van de stad, omtrent de stand van het dossier en kreeg ik van één van hen te horen dat de plannen voor de herinnering zo goed als definitief waren.

Op 14 augustus 2007 werd er een vergadering belegd van de GBC, met betrekking tot de herziening van het mobiliteitsplan. Hier werd ik NIET op uitgenodigd! Omdat men zogezegd dacht dat ik mijn functie had overgelaten aan iemand anders. Nog een geluk dat die persoon me contacteerde, zodat ik alsnog aan een invitatie voor die bijeenkomst geraakte. En er bijgevolg ook op kon aanwezig zijn. Als gevolg van de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2006 was er sinds 1 januari 2007 een schepenwissel uitgevoerd. Marc Van Hoecke was van het toneel verdwenen en werd opgevolgd door voormalig schepen van landbouw, Gust Mels. Andere naam, ander gezicht, zelfde partij: OpenVLD.

Van dan af bleef het weer stil. Geen uitnodigingen voor een bijeenkomst van de GBC, noch informatie over een aanbesteding en uitvoeren van de werken in het dossier van de herinrichting schoolomgeving basisschool Heirbrug.

Begin september 2008 kwam ik, eerder toevallig, te weten dan de werken aan de schoolomgeving van Sint-Anna - Heirbrug een aanvang zullen nemen op woensdag 1 oktober. Vandaag, dus! En dat inmiddels reeds een informatievergadering had plaatsgevonden, waar aan de omwonenden en andere belanghebbenden, een presentatie werd gegeven van de definitieve plannen voor de heraanleg.

Herinrichting schoolomgeving

Helemaal niet gelukkig met deze gang van zaken, liet ik mijn laptop op mijn schoot plaatsen, typte vlijtig mijn gedachten over, op het steeds minder wit blijvende blad van mijn tekstverwerker, en zond op 15 september, via de elektronische snelweg, het resultaat van mijn typen als bericht naar de schepen van mobiliteit.

Met zowel de formele aanhef 'geachte schepen August Mels', als met het informele 'beste August', opende ik mijn schrijven. Mijn tekst zelf begon ik met de melding dat ik met genoegen vernam dat de werken voor de herinrichting van de schoolomgeving Sint-Anna Heirbrug 'eindelijk' van start zouden gaan. Maar dat het mij evenwel droef stemde dat ik dit via de media aan de weet was moeten komen! En dat er inmiddels een infovergadering had plaatsgevonden, voor de buurtbewoners en andere betrokkenen.

Dat ik reeds van bij de aanvang van dit project ben betrokken geweest in de samenstelling van het dossier. Met ondermeer de opmaak van een schoolvervoerplan. En trouw elke vergadering van de Gemeentelijke Begeleidingscommissie heb bijgewoond en mijn steentje bijgedragen in de discussies. Dat ik op geen enkel moment heb gemeld niet langer betrokken of op de hoogte gehouden te willen blijven van de vorderingen in dit dossier; integendeel!

Daar liet ik op volgen dat het dan ook ontzettend jammer is en op zijn zachtst gezegd 'niet netjes' dat ik verstoken bleef van de recente evolutie nopens dit project, en bijgevolg tevens monddood werd gemaakt.

Waarop ik liet volgen dat uiteindelijk de creatie van een veiliger en meer aangename schoolomgeving mijn betrachting is geweest. En dat die er nu zal komen, me genoegen doet. Maar een beetje waardering voor de door mij geleverde inspanningen, wel op zijn plaats was geweest. En dat ik bovendien nog onbeantwoorde vragen heb met betrekking tot de te voorziene infrastructurele maatregelen ten behoeve van het veiliger maken van het kruispunt N70/N47.

Mijn schrijven eindigde ik met zowel het formele 'hoogachtend' als het informele 'met vriendelijke groeten', en daaronder mijn voornaam, familienaam, adres, telefoonnummer, e-mailadres en de link naar deze weblog. Knipogen

Een kopie van dit schrijven stuurde ik naar de burgemeester van Lokeren, de heer Filip Anthuenis en, niet zichtbaar voor voornoemde geadresseerden, tevens naar enkele andere belanghebbenden.

De laatst vernoemde adressaten reageerden vrijwel onmiddellijk. En traden me bij in het betreuren van het mij niet inlichten over de eindfase van dit project. Iemand opperde ludiek het idee om te vragen of ik het lint mag doorknippen bij de plechtige opening. Lachen Maar weet wel dat het mij daar niet om te doen is.

Vanuit de hoek van de burgemeester van Lokeren, de heer Filip Anthuenis, bleef het stil. Van Schepen Mels ontving ik op 21 september een antwoord. Waarin de schepen liet weten dat ik inderdaad mijn steentje heb bijgedragen in dit dossier. En dat de plannen ondertussen af zijn, en de aanbesteding en toewijs is gebeurd en er een informatievergadering voor de buurt is gehouden welke druk is bijgewoond. Dat de buurt hiervoor was uitgenodigd per drager, en dat hij meende dat dit verder ook was gepubliceerd in de infokrant. Dat er echter buiten de buurt niemand persoonlijk werd uitgenodigd en dat dit de gewone procedure is. Hij eindigde met de melding dat, indien ik nog vragen mocht hebben inzake verkeer omtrent dit dossier, ik steeds terecht kan op de Mobiliteitsdienst. En vervolgde met beste groeten, en zijn naam, Gust Mels.

Visser - cartoon - 000 (klein)

Een ontzettend flauw antwoord, naar mijn mening. De schepen herhaalde gewoon wat ik ondertussen al wist. Dat ik zelf achter de vooruitgang in dit dossier moet vissen, vind ik toch wel eigenaardig. Op de website van mobiel Vlaanderen lees ik trouwens: 'De GBC evalueert ook de resultaten van projecten en acties die opgezet zijn via de modules'. Volgens mijn informatie dient er trouwens, door de GBC, van het mobiliteitsplan jaarlijks een voortgangsrapport en een actieprogramma te worden opgemaakt.  Hoe kan dat, als die niet meer wordt bijeengeroepen? Of heeft men mij terug uit de lijst geschrapt? Huilen

Kan iemand van de dames en heren politici, die deze weblog lezen, mij alsjeblieft klaarheid verschaffen in deze materie? Is de manier van werken, zoals schepen Mels ze toepast, inderdaad gangbaar? Zo ja, dan zou ik hen die er de bevoegdheid voor hebben, vriendelijk willen verzoeken er dringend werk van te maken om de reglementering rond deze handelswijze te rectificeren. De burger die zich belangeloos inzet voor de gemeenschap, verdient op zijn minst enig respect. In het bijzonder van hen die door deze gemeenschap verkozen zijn om hen in het bestuur te vertegenwoordigen!

PluralismLogo

Of wordt in dit specifiek geval mijn pluralisme en politieke onpartijdigheid mij kwalijk genomen? Het feit dat ik open sta en contacten onderhoud met politici van diverse democratische partijen, in allerhande functies en op alle mogelijke niveaus? 'Ons Heer' zal het wel weten, maar die is, zoals je allicht weet, jammer genoeg nauwelijks bereikbaar. Wenkbrouw ophalen