08-03-10

Het leven zoals het is

 

Euro's - 012a (kleiner)Vorige week was ik aanwezig in een bankkantoor waar ik tot dan toe niet als klant was gekend. De reden van mijn bezoek aldaar was het openen van een bankrekening. Zonder slag of stoot ging dat niet. Want het computersysteem weigerde in eerste instantie, en ook in tweede, mijn identiteitsgegevens te bewaren, die via mijn in een kaartlezer gestopte identiteitskaart, op het computerscherm verschenen.

Bijgevolg dienden mijn gegevens op de conventionele manier te worden ingebracht. Zijnde het inscannen van de beide zijden van mijn elektronische identiteitskaart en van mijn handtekening. Waar serieus wat tijd in kroop. Wat ik dacht in een kwartiertje geregeld te krijgen, nam uiteindelijk drie keer zoveel tijd in beslag!

En mensen, wat een massa papier ging er bij deze handeling verloren. Die registratiepapieren, in drie exemplaren, het afdrukken van de voorwaarden en zo meer. Ecologisch gezien betekent het openen van een bankrekening op zulk een manier, ernstige roofbouw op de natuur. Papier, inkt, elektriciteit... Mijn ecologische voetafdruk bedraagt alweer een maatje meer. Helaas! Maar gedane zaken nemen geen keer, dus ga ik me voor de rest niet druk maken over dit feit.

Wat ik enigszins raar vind is dat de dame die deze formaliteiten vervulde, gegevens wou over mijn inkomen, wou weten welke inkomsten er op die net geopende rekening zullen worden gestort en ze me daarenboven, weliswaar vriendelijk, doch enigszins dwingend, de vraag stelde of ze mocht weten wat ik van plan ben om met die rekening aan te vangen.

Waarschijnlijk is dit een routinevraag, maar ze kwam bij mij nogal raar over. Alsof bijvoorbeeld een dakwerker zal zeggen dat hij op zijn nieuwe bankrekening zijn uit zwartwerk verkregen inkomsten zal storten. Of een witte boord crimineel zal verklaren dat hij er zijn frauduleus verkregen gelden op zal parkeren. Of een drugsbaas aan een bankbediende zal bekennen dat hij net een rekening opende om er de opbrengsten van zijn drugstrafiek op onder te brengen.

Voorts vind ik zulk een vraag een ernstige inbreuk op de privacy. Stel je voor dat ik aan een sollicitant, die zich bij mij aandient voor een openstaande vacature, zou vragen wat de  kandidaat zinnens is om aan te vangen met het geld dat zij of hij bij een eventuele aanwerving, bij mij kan verdienen? Ik zou ongetwijfeld nogal een hevige reacties krijgen. En mogelijks niemand vinden om voor me werken. Terecht, overigens!

Maar ik hield me, in tegenstelling tot wat mijn gewoonte is, gedeinsd. Dat ganse gedoe met al die paperassen had al zo veel tijd gekost, dat ik geen zin had om er nog meer te verspillen door een nutteloze discussie aan te gaan met iemand die vast enkel uitvoerde wat haar overste haar heeft opgedragen.

Toen die vrouwelijke bankbediende alle verkregen data opsomde riep in haar op een gegeven moment even halt toe. Want bij burgerlijke stand had ik gehoord 'ongehuwd'. Terwijl ik officieel wel al sinds 1993 ben getrouwd. Die status wijzigen was volgens de bankbediende evenwel onmogelijk, omdat het gegeven zo van mijn identiteitskaart werd gelezen. Vreemd...

*****

Enkele dagen voordien had de, volgens de aan mijn identiteitskaart gekoppelde data, niet bestaande echtgenote, op mijn herhaald verzoek, mijn nog, in wat vroeger onze gezamenlijke slaapkamer op de eerste verdieping was, aanwezige kledij, in een grote doos en een dito geruite verhuiszak gestopt. Zodat ik ze elders, in een voor mijn assistenten toegankelijke ruimte, zou kunnen onderbrengen.

Brian in papa's outfitTerwijl ikzelf in de woonkamer zat, op het gelijkvloers, zoals vaak voor mijn computer, was zoon Brian blijkbaar toevallig getuige van de activiteiten van zijn ma. Want ik hoorde hem plots, door het houten vloer annex plafondgewelf uitroepen 'awesome!' (formidabel!). Waarna ik hem van de, ook al houten, trap hoorde naar beneden denderen. Waar even later de deur tussen onze hal en de woonkamer open vloog, en mijn zoon door het deurgat de kamer binnen stormde. Uitgedost in een beige broek die ooit tot mijn zondagse outfit behoorde en mijn, uit een ver verleden afstammende, zware zwartlederen motorvest.

Uitgelaten en blij stond de jongen daar te draaien, zich te showen voor mij en voor zichzelf. Dat laatste was mogelijk door de weerspiegeling van zijn gedaante in het glas van een manshoge vitrinekast die in onze living staat opgesteld. Brian had deze kledij gegraaid uit die door mij ter beschikking gestelde doos. Ooit de stevige kartonnen verpakking van een groot computerbeeldscherm.

Een dag later heb ik, met de praktische hulp van mijn assistente, alle overgebleven kledij van vroegere jaren eens aan mijn gezichtsveld laten passeren en er de items uitgehaald waarvan ik vermoedde dat ze mijn kinderen zouden passen en waarin ze mogelijks zouden kunnen geïnteresseerd zijn om ze aan hun garderobe toe te voegen.

In de avonduren heb ik hen die kledingvoorraad dan naar de woonkamer laten brengen. En mochten ze hun keuze maken. Wat me een verkleedschouwspel bezorgde dat aangenaam was om te zien.

*****

Het weerzien van een deel van mijn kledij van een tijd geleden, deed me terugdenken aan mijn favoriete kledingstukken van nog vroeger. In de decade tussen mijn vijftiende en mijn vijfentwintigste levensjaar droeg ik graag strakke, nauw om het lijf spannende broeken. Waarvoor je plat achterover op je bed moest gaan liggen om ze aan te trekken. En je buik diende in te trekken om de rits gesloten en de broeksknop dicht te krijgen.

Meestal droeg ik jeans. Maar af en toe kon ook een uit een andere textielstof vervaardigde pantalon, mij bekoren. Zo had ik, ten tijde van mijn voorlaatste jaar aan de middelbare school, een witte broek. Die enkel ter hoogte van mijn onderbenen enige ruimte vrij liet tussen het kledingstuk en mijn huid.

Op het einde van het schooljaar had ik mij vrijwillig aangemeld om ter voorbereiding van het opendeur weekend, op een vrije namiddag, het elektronicalokaal van onze school op te ruimen en enigszins aantrekkelijk in te richten. De klus was bijna geklaard toen ik mij hurkte om iets op te heffen en bij deze handeling de achterkant van mijn strakke witte broek hoorde en voelde scheuren.

Snel stelde ik me recht en voelde met mijn beide handen aan mijn bibs. Mijn broek was netjes in twee gescheurd, over de gehele lengte van mijn bilspleet! Nog een geluk dat ik die ochtend een propere onderbroek had aan getrokken. Want mijn twee klasgenoten, met wie ik de werkzaamheden verrichtte, waren op het geluid van die scheurende stof en mijn daarop aansluitend gevloek afgekomen en keken grinnikend naar mijn zitvlak.

Short skirt girl on bicycle - 001Gelukkig droeg ik een lange zwarte gebreide wollen trui, die ik zo ver als enigszins mogelijk was, over mijn poep trok om de averij zoveel als mogelijk aan het zicht van anderen te onttrekken. Volgens mijn nog steeds glimlachende maten lukte dat op die manier vrij goed.

Het afwerken van de klus in het labo liet ik over aan hen en de leerkracht die poolshoogte kwam nemen, maar aan wie ik niks over mijn gescheurde broek vertelde. Aangezien ik me er eigenlijk een beetje voor schaamde.

Spiedend stapte ik over de verlaten speelplaats, richting de boom aan de uitgang, waar ik mijn moeder haar fiets had gestald. Het gebeurde wel vaker dat ik mijn ma haar tweewieler gebruikte op momenten dat ze hem kon missen. Dat, als gevolg van de opbouw van het tweewielig vervoermiddel verplicht voorover gebogen zitten op een herenfiets vond ik immers niet zo leuk. Vandaar dat ik me liever met een damesfiets verplaatste.

Wat me nu trouwens ook uitermate goed uitkwam. Want gezeten op mijn mannenfiets had ik, tijdens de 8 kilometer lange rit huiswaarts, mijn billen nooit geheel kunnen onttrekken aan het zicht van eventuele passanten. Wat me, gezeten op mijn ma haar fiets, wel redelijk lukte. In een zo rechtop zittende houding als enigszins mogelijk was, wisselde ik voortdurend van hand om het stuur vast te houden, zodat ik met de vrije hand mijn omhoogschuivende trui naar beneden kon trekken. Allicht heb ik toen kunnen ervaren hoe het aanvoelt als je als meisje, met een ultra kort jurkje of rokje aan, met je onderbroek op het fietszadel zit.

Daar denk ik nu aan. Want toen was al mijn aandacht gericht op de vrees om bekenden tegen te komen die zouden merken wat er met mijn broek aan de hand was. En voor schut staan en mogelijks de dagen nadien door de halve schoolbevolking of een kwart van mijn dorpsgenoten uitgelachen worden, daar had ik als tiener totaal geen zin in.

10-06-09

Regels

 

Je komt als jongeman soms nogal wat tegen met de meiden! Daar kan ik persoonlijk ook enkele pittige anekdotes over vertellen. Zoals die keer toen ik als prille twintiger eens een vriendinnetje meenam om te gaan shoppen in Maastricht. We waren daar al gearriveerd toen ze pas ontdekte dat ze haar handtas thuis op het tafeltje in de inkomhal van haar studio had laten liggen. Ik zei: "Da's niks, ik heb geld bij, een haarborstel en ook een extra zakdoek & zo" en voegde er, om te zwanzen, aan toe: "Gelukkig is het niet je onderbroek die je thuis bent vergeten!" Het meisje kleurde terstond bloedrood.

Een andere keer was ik samen met een jongedame. Ik weet niet meer juist onder welke omstandigheden, en ik herinner me ook de reden niet meer, maar ze zei in elk geval, op een bepaald moment: "Ik heb zo mijn regels!" Waarop ik antwoordde: "Ga dan maar vlug naar het toilet om een inlegkruisje in je slip te stoppen!" Dat meisje is effectief weggehold. Niet naar het toilet, maar gewoon weg van mij!

Een andere griet heeft mij dat trouwens eens, in halfdronken toestand, wankel op haar benen staand, bekend: "Schone jongen" zei je, zoals gemeld was ze zat, dus had ze vast een troebel zicht, "Ik ben weg van jou!" Onmiddellijk respondeerde ik met: "Neen, dat is niet waar, want je bent hier nog. Maar ik zou wel graag hebben dat je weg bent van mij, want je stinkt uit je bek. En bovendien hou ik niet van zatte wijven!"

"Tenzij ze jong en sexy zijn", had ik er nog aan kunnen toevoegen. Maar dat deed ik niet, want dat vrouwmens zou dat toch niet meer hebben gehoord, want ze was al weg gewaggeld en ik heb haar daarna gelukkig nooit meer teruggezien!

Het was in die tijd, de jaren tachtig, en waarschijnlijk nog steeds, trouwens niet altijd eenvoudig om een griet aan de haak te slaan. Figuurlijk dus, welteverstaan! Alhoewel ik er, als zeventienjarige, toch eens een keer in ben geslaagd om dat, ongepland, bijna letterlijk voor elkaar te krijgen.

Op de fuiven, waar ik, als rijpe tiener, in de weekends met mijn, uit jongens en meisjes bestaande vriendengroepje, heen hing, was al meer dan eens mijn oog gevallen op een knap jong meisje. Eentje met een weelderige bos krullend donkerbruin haar. Bij de toen nog populaire kusjesdans probeerde ik al eens om haar in mijn armen, en aan mijn lippen, te krijgen. Maar helaas slaagde ik daar niet in. En mijn kansen waren uiterst beperkt omdat die schoonheid meestal niet meedeed aan dat kusgedoe.

Ook voor een slow, die altijd volgde op die kusjesdans, kon ik, ondanks herhaalde beleefde uitnodigingen daartoe, de bevallige deerne niet strikken. En dan, op een keer, toen ik me na zo een massadans, door de menigte bewoog, op zoek naar een danspartner, werd ik door de vriendin van dat meisje op de schouder getikt.

Terwijl ik verder stapte, deed het meisje me teken om achterom te kijken. Dus hield ik halt, draaide me om en keek recht in de ogen van die zo door mij begeerde brunette. Menslief, wat was ze toch knap. En nu liep zij dus achter mij aan?

Fout gedacht! Op mijn blauwe jeansvestje waren twee kleine buttons gespeld. En bij het haar ongemerkt passeren, allicht omdat ik op dat moment een ander schoon grietje in het vizier had, was ze met een deel van haar enorme haardos aan me vast komen te zitten. Vandaar die achtervolging door de rumoerige en lawaaierige danshal.

Weken- of misschien zelfs maanden later, heb ik toch nog eens een poging ondernomen om dat, in mijn ogen goddelijk, schepsel, aan de haak te slaan. Figuurlijk dan, deze keer! Ze zat, samen met een aantal jongens, aan een tafeltje, naast de tafels die mijn maten en ik hadden ingepalmd.

Naarmate de avond vorderde merkte ik dat het meisje nogal dikwijls alleen op haar stoel, aan dat tafeltje achterbleef. En als die kerels, van het type 'zware jongen', er toch waren, kroop geen enkele van hen dicht tegen haar aan of stelde zich amoureus tegenover haar op. Daaruit concludeerde ik dat het meisje geen vriendje had. En leek deze avond voor mij het uitgelezen moment om mijn kans te wagen om dit mooie meisje nader te leren kennen.

En ik had al een plannetje beraamd om dit prachtig schepsel der natuur te bekoren. Naderhand beschouwd een nogal ridicuul idee. Van elk beschikbaar drankje dat op die fuif was te verkrijgen, wou ik er namelijk één bestellen. En het ganse aanbod zou ik voor haar bevallige neusje plaatsen, zodat ze maar te nemen had wat ze drinken wou.

Slechts één, niet onbelangrijk, probleem doemde op. Om al die drankjes te kunnen bekostigen, had ik geld nodig. En ik had die avond al een groot deel van mijn budget gebruikt om benzine te kopen voor mijn bromfiets. En het saldo had ik aangewend als mijn aandeel in de drankpot, die inmiddels was uitgeput. Er zat dus niks anders op dan bij wat maten aan te kloppen voor een beetje geld. Die maakten daar geen probleem van. Temeer daar ik hen deel maakte van mijn plan.

Nu de voorbereidingen waren getroffen, rijgde ik de veters van mijn 'stoute' combat schoenen nog wat sterker aan, trok mijn nauwsluitende jeansbroek recht, liet mijn vingers even door mijn haren glijden, om mijn kapsel ietwat te fatsoeneren en ging vervolgens recht op de jonge vrouw af.

Ze keek op toe ik me, het lichaam voorovergebogen, voorstelde aan haar. Ze glimlachte vriendelijk en deelde me ook haar naam mee. Op mijn vraag of ik even bij haar mocht komen zitten, antwoordde het lieflijk ogend creatuurtje positief! Ze bleek met haar broers en hun maten naar deze fuif te zijn gekomen. Omdat ze wel zin had om uit te gaan, maar haar vriendin ziek was en haar ouders niet wilden dat ze alleen op stap ging. Toen ik haar zei dat ik haar een drankje zou bezorgen, reageerde het meisje onmiddellijk met de woorden: "Neen, niet nodig hoor. Ik heb deze avond reeds genoeg gedronken en heb nu echt geen zin meer in om het even welk drankje!"

De schoonheid vervolgde: "Ik zeg dat steeds liever onmiddellijk, zodat niemand haar of zijn geld besteed aan een drankje dat ik dan toch niet uitdrink." Net op dat moment kwam de ober eraan met een schaal waarop minstens 10 verschillende soorten drankjes stonden. Oei! Hoe moest ik dat hier oplossen? Zonder gezichtsverlies te lijden. Ik zei die jongen dat hij alle drankjes bij elkaar op tafel mocht zetten en dat ik dan wel voor de verdeling zou zorgen. Nadat ik de drankbezorger met het geleende geld had betaald, riep ik enkele maten bij me.

Die keken me vragend aan, want ze hadden zich gedeinsd gehouden omdat ze dachten dat ik toch liever alleen bleef zitten bij het meisje mijner dromen. En waren nog meer verbaasd, toen ik hen uitnodigde om een drankje te nemen. Erg succesvol was mijn broederlijk delen overigens niet, want mijn maten waren niet geïnteresseerd in het drinken, of zelfs maar proeven van de meeste van die daar op tafel gepresenteerde brouwsels.

Wat er daarna is gebeurd en hoe die avond is afgelopen, daar heb ik het raden naar, want ik kan het me met de beste wil van de wereld niet meer herinneren. Eén ding is zeker: dat meisje is noch die zaterdagavond, noch op een later moment, ooit de mijne geworden. In tegengesteld geval had ik die gedenkwaardige informatie zonder twijfel voor eeuwig en altijd ergens in een veilig hoekje van mijn grijze hersenmassa bewaard. Dus waarschijnlijk is onze beginnende communicatie vrij snel op een sisser uitgelopen. Mogelijk koos ik een fout moment uit om met het meisje in contact te treden. Had ze misschien haar regels?!

Ru(sh)di(e), 4 april 2009.

23-03-09

De smaak te pakken?

  

Wees niet bevreesd. Het is niet mijn intentie om er vanaf nu elke week mee voor de dag te komen. Maar na die toch wel gesmaakte verschijning van dat pittig meisje, vorige maandag, wou ik toch ook vandaag nog met iets in dezelfde kleur voor de dag komen. Evenwel niet zomaar. Er hangt immers een verhaaltje aan vast!

Zelfgemaakte handboog en pijlenWe gaan even terug in de tijd. Naar een moment waarop ik mijn broek nog versleet in de lagere school. We woonden toen in een kleine, meer dan 100 jaar oude woning. Maar net door de beperkte oppervlakte allicht, vond ik het in onze huiskamer super gezellig.

Onze zwart/wit televisie, die haar signalen opving via een antenne die stond opgesteld op het dak van de stal, kon slechts 4 zendkanalen weergeven. En dan enkel nog bij goed weer. Bijgevolg moesten we voor ons avondlijk genot veelal andere bronnen aanspreken.

Op een gure winterse zaterdagavond waren we met ons vijven thuis: mijn ma, mijn twee zussen en onze pa. Mijn broer moest toen nog worden gemaakt. Of er op dat moment al plannen in die richting waren, daar heb ik het raden naar en, als ik eerlijk ben dan moet ik bekennen dat ik van zulke informatie trouwens liever verstoken blijf!

Mijn ma was, als steeds, druk bezig in het achterhuis. Voor wie dat niet kent, dat is een kamer die je met een beetje fantasie en ruime interpretatie, als keuken zou kunnen beschouwen. Mijn oudste zus zat in de sofa een stripverhaal te lezen, de jongste speelde aan tafel met haar poppen en ik zat op de zandstenen vloer met mijn boerderijdiertjes en autootjes te spelen.

's Namiddags had mijn pa wat gesnoeid in de tuin en enkele twijgen, de mooiste, meest rechte en met zo weinig mogelijk aftakkingen, aan de kant gehouden. Die had hij nu naar binnen gebracht. Hij zat er mee aan de andere kant van de tafel, waarop ook mijn zus haar poppenbed en andere spelattributen stonden opgesteld. Mij pa vilde de takken, want het was zijn bedoeling uit dat snoeihout voor mij een handboog en enkele pijlen te vervaardigen.

Af en toe keek ik eens op vanaf mijn speelplek, om te zien hoe ver mijn pa al met het werk was gevorderd. En ik merkte dat het goed opschoot. Na het villen sneed mij pa met een mes de stukken hout af op de juiste lengte, haalde de oneffenheden weg en maakte inkervingen. In de grootste tak, een buigzame, deed hij dat langs beide uiteinden. Vervolgens plaatste hij er aan het ene uiteinde een touw in dat hij enkele keren om de tak wikkelde en stevig vastknoopte.

Daarna bracht hij het touw ook aan in de andere gleuf en spande het op, tot de twijg gebogen stond. Vervolgens wikkelde mijn pa ook langs dit takeinde het touw een aantal keren rond het stuk hout en legde er vervolgens enkele stevige knopen in.

De kortere stokjes kregen slechts aan één uiteinde een inkerving. De andere kant bleef gewoon bot. Geen scherpe punt, zoals ik suggereerde, om werkelijk een 'echt' projectiel te zijn. Mijn pa vond zulks uiteraard veel te gevaarlijk! Op strooptocht gaan met deze boog en pijlen zou er voor mij dus niet inzitten. Alsof dat ik dat ooit zou hebben gedaan! Natuurlijk niet, daarvoor zag ik de diertjes in de natuur, ook toen al, veel te graag!

Voila! Mijn boog en pijlen waren klaar! In klein model weliswaar, gezien de boog maar iets van een halve meter groot was, maar toch net echt! Onmiddellijk zag ik in gedachten mezelf al door onze tuin lopen, en in de rijweg ernaast, met mijn boog en pijlen. Als een echte indiaan! Dus ook met lendenlap en een lint rond mijn hoofd, met een pluim erin.

Mijn autootjes en miniatuur beestenboel had ik intussen al lang terug in hun opbergdoos gestopt. Een cilindervormige waspoederton, door zuslief kunstig bekleed met een restje behangpapier. Want vanzelfsprekend stond ik al ongeduldig naast mijn pa zijn stoel te wachten tot wanneer ik het door hem vervaardigde speelgoed in handen zou krijgen.

Delfts blauw - 000 (klein)Maar mijn pa wou de dingen eerst zelf uittesten op functionaliteit en degelijkheid. De man legde een pijl in de boog. En floep, de pijl was weg. Sneller dan mijn pa had gepland, en doordat hij niet had kunnen richten, ook de verkeerde kant uit! In een flits verdween het stokje richting schoorsteenmantel, waar het een prachtig bordje in Delfts blauw van de zwarte staander tikte, zodat het klets naar beneden viel! In gruzelementen op de vloer, waar ik een kwartier eerder nog zat te spelen.

Mijn beide zussen keken op en brachten hun handen naar hun mond. Eentje slaakte zelfs een korte gil! Maar de veroorzaker van dit onheil, mijn pa dus, was nog meest van al geschrokken. Kleine ik het minst, want ik had alle handelingen, en het incident, in detail kunnen volgen.

Mijn ma stormde de woonkamer binnen. Stopte bruusk en keek ontstelt naar de scherven op de grond. Ze was heel boos! Het vernielde bord maakte immers deel uit van een hele reeks, die de tablet boven onze antieken schoorsteennis sierden. Waar onze ma veel zorg voor had en die ze derhalve, bij de wekelijkse poetsbeurt, steeds omzichtig afstofte. En nu had haar eigen vent, nota bene met kinderspeelgoed, zo een bordje als doelwit uitgekozen en naar de knoppen geholpen! 

Mijn nog steeds beduusd kijkende pa, kreeg de tijd niet om uit te leggen wat er was gebeurd en dat wat ons ma te zien kreeg eigenlijk het onbedoelde en ongewenste resultaat was van een ongelukkig incident dat jammerlijk had geleid tot dit accident.

De vlammende ogen van mijn ma hadden inmiddels de oorzaak van de miserie in het vizier gekregen. Ze rukte de boog uit pa's handen, graaide de pijlen van tafel en ook die op de grond, en brieste dat ze dat gevaarlijk tuig ging wegstoppen en dat we er niet op moesten rekenen het ooit nog terug in handen te krijgen.

Stilletjes ruimde mijn pa het groene bastweefsel op waarvan hij de twijgen had ontdaan. Terwijl mijn ma met een uit de wasstal gehaald handborsteltje de scherven in een stofblik veegde. Mijn zussen waren allang weer bezig met hun respectievelijke activiteiten. En kleine Rudi stond uiterst triest in het rond te kijken. Weg plezier! Terwijl ik er nog niet eens aan was begonnen Weg leuke vooruitzichten! Wenkbrouw ophalen

Officieel heb ik noch de boog, noch de bijhorende pijlen, ooit in mijn bezit gekregen. Maar een klein huis met weinig meubilair heeft als voordeel dat er slechts een beperkt aantal verstopplekken zijn, zodat ik reeds de eerstvolgende dag, bij afwezigheid van mijn ma, die spullen snel had gevonden. En ik er dus uiteraard ook mee heb gespeeld. Op momenten dat mijn ma het niet kon zien. En uiteraard hoedde ik mij ervoor om niet dezelfde stommiteit uit te halen als mijn pa! Lachen

11-03-09

Steunpunt Straten

 

Vandaag, donderdag 12 maart, bevind ik mij de ganse dag in de Nekkerhal te Mechelen. Voor de tweede en tevens laatste dag van de 5de editie van de Dag van de Openbare Ruimte.

Dag van de openbare ruimte - logoHilde Crevits , Vlaams minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur komt het project Harmonisch Park- en Groenbeheer (Agentschap voor Natuur en Bos) toelichten en reikt aansluitend in naam van Steunpunt Straten de prijs 'Publieke Ruimte 2009' uit.

Wie vandaag thuis is en zich een beetje verveelt, alhoewel dat nochtans geen voorwaarde is, nodig ik graag uit om een beetje te gaan lezen op mijn andere blog: Rudi's schrijfsels.

09-03-09

Vrijheid, blijheid!


 

Elke dag is er wel een blogger die één of meerdere foto's publiceert, waarop haar of zijn hond staat afgebeeld. Dikwijls zijn dat beeltenissen van hun trouwe viervoeter, terwijl die zich 'ongebonden' in de vrije natuur voortbeweegt.Honden aan de leiband

Vaak vraag ik mij dan af of zij nooit problemen hebben met bos-, veld- of parkwachters, die perse willen en zelfs eisen dat de hond aan de leiband gaat.

Zelf vind ik het nogal onnozel dat een goed opgeleide en dus ook luisterende hond in de natuur niet vrij mag rondlopen. Al die andere, daar aanwezige dieren, hangen toch ook niet vast aan een touwtje?

En de motieven van zij die tegen het loslopen zijn, vind ik belachelijk. De honden zouden bijvoorbeeld Skipper (klein)achter het wild aangaan. Dat is doorgaans niet zo. Als ik met mijn hond Skipper het bos introk, was die altijd opgetogen en blij omwille van alle geuren die ze opsnoof en de sporen die ze kon volgen. Maar slechts uiterst zelden rende ze even achter bijvoorbeeld een konijntje of een haas aan, dat even om de hoek, of uit zijn hol was komen piepen. En dan was het aan mij om haar met een fluittoon tot de orde te 'roepen'.

Wat is er trouwens mis met dieren die achter dieren aanlopen? Dat is toch 'natuur'lijk?! Maar blijkbaar is een deel van het mensdom van mening dat Boswachterhuisdieren moeten worden gediscrimineerd. Wat helemaal niet strookt met mijn opvatting in deze. Zolang je dier niet aan het stropen gaat, is er toch niks aan de hand? En uiteraard moet je wat rekening houden met de seizoenen en er bijvoorbeeld zorg voor dragen dat je hond de beesten niet van hun nest jaagt in volle broedperiode.

Wie zijn hond vrij laat rondcrossen, heeft een behoorlijke controle over het dier, anders lukt zo een ontspannen wandeltocht met je loslopende viervoeter niet. Als ik met Skipper op wandel was, liet ik haar trouwens ook altijd bij mij komen, om aan mijn zij mee te stappen, als we andere wandelaars naderden die lieten blijken niet erg op de aanwezigheid van mijn loslopende hond te zijn gesteld. Waarom die dan geen problemen hadden met de vrij rondwaggelende eenden, of dat koppeltje bosduiven op een boomtak, vroeg ik mij dikwijls af. Wijselijk hield ik echter mijn mond, maar liefst had ik telkenmale uitgeroepen: "Blijf weg uit de natuur als je enkel maar van gekooide en vastgebonden dieren houdt!"

Meer dan eens kwam ik in aanvaring met bos-, veld- en parkwachters. Die me vermaanden omdat ik Skipper niet aan de leiband hield. Mijn argumentatie Skipper (zeer klein)werd nimmer aanvaard. En die ambtenaren hebben de wet achter zich. Die elke burger wordt verondersteld te kennen. Het plaatselijk Politiereglement dat stipuleert dat honden aan de leiband moeten worden gehouden hangt trouwens veelal (verplicht?) goed zichtbaar (?) aan de parktoegang.

In dat verband heb ik een leuke anekdote. In een vrij uitgestrekt bos, ergens in Wallonië, genoot ik van een deugddoende zomerse namiddagwandeling. Skipper liep, als naar gewoonte, los voor mij uit, op het wandelpad. Snuffelend en opgewonden en vrolijk kwispelend met haar pluimenstaart. Ineens stond daar een kerel in een carnavalskostuum voor mij. Dat van boswachter. De man bleek evenwel een echte garde te zijn. Zo bleek uit de badge, die het in het groen geklede personage voor mijn neus drukte. Daar schrok ik helemaal niet van. Van onze Waalse landgenoten kan je immers van alles verwachten. Maar Carnaval in de zomer, dat leek me toch al te bizar. KnipogenVerboden voor honden

Nog een geluk dat ik een paar woorden Frans versta,
want de man zei me in die taal: "Mijnheer, aan den entree van dit domein hangt een groot bord, waarop staat dat honden hier niet zijn toegelaten!" Nors liet hij daarop volgen: "Kan u niet lezen, dan?" Waarop ik repliceerde: "Ik wel mijnheer, maar mijn hond niet! "

14-12-08

Weinig om het lijf

  Naturist family - 000 (klein)

De winter is misschien niet het aangewezen moment om over dit onderwerp te palaveren, maar dat kan me geen reet schelen! Zelf geen blote! Knipogen

Naturisme is een levenswijze in harmonie met de natuur. Het wordt gekenmerkt door gemeenschappelijke naaktheid, die als doel heeft het bevorderen van zelfrespect, respect voor de medemens en eerbied voor de natuur en het milieu. En onder medemens wordt wel degelijk elke persoon verstaan, ongeacht beroep, afkomst, huidskleur, cultuur, religie, leeftijd en bijzondere fysieke kenmerken of gebreken!

Nudisme, zijnde het ongekleed recreëren, is dus een essentieel onderdeel van het naturisme, maar kan ook los van deze levensstijl worden uitgeoefend.

Group - 002Ondanks de grote interesse ervoor, en het feit dat er reeds sinds tientallen jaren aan naaktrecreatie wordt gedaan aan het strand, evenwel doorgaans in afgebakende gebieden, wordt dit naaktlopen nog steeds niet sociaal geaccepteerd en worden nudisten en naturisten nog vaak met de nek aangekeken.

Sauna - 000

Jammer eigenlijk dat, wie graag in haar of zijn blootje rondloopt, dat veelal heimelijk moet doen, op terreinen van gespecialiseerde clubs, of op afgeschermde kuststroken. Nochtans hebben zij letterlijk niks te verbergen. Ze geven zich, integendeel, zelfs letterlijk volledig bloot!

En laat ons wel wezen! Wat laat een naaktrecreant zien dat we niet kennen? Niks! Want iedere ziende mens heeft op zijn minst al wel eens het eigen blote lichaam gezien. In een spiegel bijvoorbeeld. En het zou me sterk verwonderen dat er een mens is die nog nooit het naakte lichaam van de andere sekse heeft gezien. Is het niet in levende lijve, dan wellicht in een boekje.

Aan het strand, in muziekclips, op advertenties en zo meer paraderen trouwens ook dikwijls heren, doch voornamelijk dames, in kledij die nog nauwelijks iets verhult. Als je bij reetveters en flinterdunne minitopjes trouwens nog van kleding kan spreken. En al deze vertoningen en publicaties zijn zichtbaar voor vrouw en man, meisje en jongen, van alle leeftijden.

Waarmee alweer de hypocrisie van onze maatschappij wordt aangetoond. Naturisme en nudisme wordt afgekeurd omwille van dubieuze fatsoenlijkheidnormen. Terwijl anderzijds een fenomeen waar eventueel wel over het al dan niet toelaatbaar zijn, zou kunnen gediscussieerd worden, evenwel probleemloos wordt geaccepteerd.Nudism - cartoon - 000

 Nochtans is het zo dat vrij veel mensen op één of andere manier trekjes hebben van nudisme en zelfs van naturisme.

De ene persoon gaat graag naar de publieke sauna, de andere kruipt graag zonder kleren onder de wol. Anderen lopen graag in hun blootje door het huis, of zelfs in de eigen tuin. Ontelbaar veel mannen en vrouwen vinden het bevrijdend en spannend om sliploos onder de mensen te komen. Nog meer mensen houden ervan om textielloos te zonnebaden of te zwemmen. En ik persoonlijk ken zelfs individuen die in hun nakie in bad of onder de douche gaan! Lachen

Het probleem is eigenlijk dat men deze gevoelens en feiten doorgaans niet ten overstaan van elkaar wil toegeven! Hetzij uit onterechte gêne, hetzij uit, vaak terechte, schrik voor wat de ander zal zeggen of doorvertellen. Terwijl die andere vaak heimelijk ook een blootloper of blootloopster is! Of het graag zou zijn!