02-03-10

Liftperikelen in het UZ

  

Toen ik, in de zomer van 2000, pas in de revalidatiekliniek, het RC genoemd, was gearriveerd, keek ik wel mijn ogen uit. Van een ex-kamergenoot op de verpleegafdeling neurochirurgie, die al eerder naar het RC was getransfereerd, maar zo nu en dan nog eens terug kwam, had ik nochtans vooraf wel al te horen gekregen waar ik me aan kon verwachten.

Nogal wat mensen met een tetraplegie, dus verlamming van ondermeer de vier ledematen. Tevens een aantal personen met een paraplegie, zijnde verlamd aan de onderste ledematen. En voorts iemand met een hemiplegie, dus halfzijdig verlamd, en voorts enkele individuen die één of meerdere ledematen misten of althans een deel ervan.

Een bont allegaartje fysiek beperkte personen dus. Waarvan de meeste onder hen zich verplaatsten met gebruik van één of twee krukken, een wandelrekje of middels een rolstoel. Manueel of elektrisch. Enkele mannen waren daar evenwel nog niet aan toe en werden in hun kamer van bed naar massagetafel getransfereerd en al liggend naar de oefenzaal verplaatst.

Allen samen zouden zij de eerstvolgende tijd, die ik zo kort als mogelijk wou houden, een belangrijk deel uitmaken van mijn leefwereld. Ondanks de voorafgaandelijk verkregen informatie en spijts het feit dat ik zestien jaar eerder ook al eens een half jaar op die plek verbleef, was het toch even wennen.

bandaged-man in wheelchair - 000De eerste keer dat ik mijn kamer werd uitgerold, gezeten in een zwartkleurige manuele rolstoel, die ik reeds op de verpleegafdeling op eigen dwingend verzoek had ter beschikking gekregen, zag ik bij het passeren van de ontspanningsruimte een vent zitten die zo uit een humoristische sketch kon zijn geplukt!

De al iets oudere heer, zat in een compacte elektrische rolstoel, met grote wielen achteraan, en iets kleinere vooraan. Met één van zijn armen in witte plaaster gestoken en, ter hoogte van de schouder, gestrekt naar voren gericht. En op die plaats en in die positie gehouden door een constructie met dunne, doch stevige metalen waterleidingsbuizen.

Dit kon toch niet echt zijn? Zulke constructies werden toch enkel in humorfilmpjes gebruikt? Het bleek evenwel geen frats te zijn. Enkele dagen later kreeg ik van de man in kwestie, die ik hier gemakshalve Jozef zal noemen, te horen, dat hij enkele maanden daarvoor, zittend in zijn auto, na een hoofdbeweging, ineens zijn lichaam niet meer kon verroeren. Waarschijnlijk ten gevolge van een bloedklonter die zich plots, ter hoogte van de nekwervels, in het ruggenmerg had vastgezet.

Zo was Jozef dus verlamd geworden aan de vier ledematen. Om zijn grotendeels willoze armen en handen toch nog enige functionaliteit te geven, zou hij een aantal heelkundige ingrepen ondergaan waarbij ondermeer pezen werden verplaatst, verkort en/of verlengd. En ik meen mij te herinneren dat die lachwekkende lichaamspositie waarin Jozef zich tijdelijk verplaatste, onderdeel was van de helingprocedure na één van die medisch-technische operaties.

Van Jozef, die helaas inmiddels reeds sinds enkele jaren is overleden, herinner ik me trouwens een incident waarin de brave man de hoofdrol speelt.

Omdat hij zelf niet op de knop kon drukken om de kokerlift aan de vragen of de automatische deuren er van te openen, diende de brave man, zo hij op dat moment de enige wachtende potentiële liftgebruiker was, steeds iemand aan te spreken om op de knop te drukken. En eens in de liftcabine, ook op de knop te drukken van de etage waar hij heen wou. Het gelijkvloers, de kelder of de eerste verdieping.

Waarna de vriendelijke helper of helpster vlug de kooi uitsprong. Want aangezien Jozef achterwaarts de lift inreed, kon hij immers, eens aangekomen op de juiste hoogte, zonder de hulp van derden, probleemloos, en zonder tegen iets of iemand aan te botsen, door de elektrische schuifdeuren, de lift uitrijden.

Nu was die lift al een sinds een jaar of dertig geïnstalleerd en begon deze ouderdomsverschijnselen te vertonen en slijtageproblemen. Waardoor hij regelmatig dienst weigerde. En iedereen diende gebruik te maken van de tweede in het gebouw aanwezige lift. Die overigens veel kleiner was dan het andere exemplaar.

Tot de gespecialiseerder herstelploeg ter plaatse kwam. Wat meestal vrij snel gebeurde. Tenminste als die, via de noodtelefoon in de liftkooi of anders telefonisch door iemand van de verpleging, paramedici, kuisploeg, refterdames... van het euvel op de hoogte werden gebracht.

Wat niet gebeurde op het moment dat de lift vast kwam te zitten met enkel en alleen Jozef erin. Want de man kon telefonisch geen alarm slaan omdat hij fysisch niet in staat was om de noodhoorn vast te nemen. En elke andere persoon die de lift wou nemen, ineens doorstapte of doorreed naar de volgende lift.

Tot er dan toch iemand dromerig en geduldig op de lift wachtte waarin Jozef vastzat. Geen notie nemend van de rode indicator die een panne aanduid. De lift kwam niet, maar de met een goed gehoor behepte dromer hoorde wel het flauwe hulpgeroep van Jozef. De verlamming had immers ook de werking van 's man spier en pees van het middenrif aangetast. Wat dan weer een invloed had op Jozef zijn longwerking en ergo de onmogelijkheid veroorzaakte om luid te praten, laat staan te roepen. Uiteindelijk is Jozef, na minstens een half uur eenzaam opgesloten te hebben gezeten, na een dringend ingrijpen van de technische herstelploeg, uit de lift kunnen rijden.

Ligtvoet LMD blue - 000Zelf ben ik ook ooit eens komen vast te zitten in een lift. En wel op de terugweg van een mij, via de onderaardse gangen van het ziekenhuiscomplex, in de late namiddag naar een afspraak begeven in één van de poliklinieken. Toen verplaatste ik me reeds sinds geruime tijd middels een elektrische rolstoel.

Op mijn heenweg had ik een, zich daar in die molpijpen al fietsend voortbewegend personeelslid, aangesproken om de manueel te openen liftdeur voor me open te houden, zodat ik er achterwaarts in kon rijden, de knop van de eerste etage, waar ik zijn moest, in te drukken en de deur voor me te sluiten.

Een bedankje, een groet en ik was weg, de hoogte in. Van -1, over 0, tot +1, alwaar de lift halt hield. Ik reed met mijn blauwe elektrische rolstoel zachtjes vooruit. De druk tegen de liftdeur, door mijn op de voetsteunen van mijn verplaatsingsmiddel staande onwillige stappers, liet deze op scharnieren draaiende deur open gaan, zodat ik de wachtruimte van dit dispensarium kon inrijden. Waarna de deur zachtjes achter me dichtklapte. Nog vooraleer een verbaasde, van zijn stoel opstaande, op zijn beurt wachtende persoon zijn intenties om me met de deur te helpen, had kunnen waarmaken.

Toen het consult was beëindigd, was het in de gang behoorlijk donker en was er in de wachtzaal niemand meer te bespeuren. Dus reed ik terug de gang in om een nog in het gebouw aanwezige menspersoon te zoeken die me naar beneden kon helpen. In een kantoortje waar nog licht brandde, zag ik door het half gematteerde vensterraam enige beweging. Ik tikte op het raam. Waarop een dame, met haar jas reeds aan, en een handtas in de hand, de deur opende. Zij wou me met graagte helpen en moest trouwens de kant van de lift uit. Om via de trap ernaast, naar de uitgang te stappen op het gelijkvloer. Want het sluitingsuur van het zittingslokaal voor poliklinische behandeling was reeds ruimschoots voorbij; Zodat deze dame, net zoals haar collega's die reeds vertrokken waren, ook huiswaarts mocht gaan.

De vriendelijke dame hielp me dus de lift in, drukte op de knop voor transport naar de kelderverdieping, ontving mijn dank, en sloot na onze wederzijdse afscheidsgroet, de liftdeur. Waarop de liftcel zich in beweging zette. Om even later tot stilstand te komen... tussen twee verdiepingen! De licht in de cabine ging uit. Wat nu? Een mobieltje had ik toen nog niet. Wie had ik trouwens met dat ding moeten bellen? Met wat wringen van mijn lichaam slaagde ik er in om in het duister de knop te vinden en er met de wijsvinger van mijn linkerhand zelfs op te drukken. Waarop de lift zich weer in beweging zette.

Zij die van drama houden zullen op hun honger blijven zitten, want ik ben tot in de kelderverdieping geraakt zonder dat er zich een herhaling van het probleem voordeed. Maar dit voorval was voor mij een nuttige les. Nadien ben ik, ondanks het vaak voorkomende onbegrip van derden, omwille van deze houding en dit principe, nooit meer een krappe, oude lift ingereden, zonder een andere, valide persoon bij me. De enige liften waarin ik me wel nog alleen in durf te laten verplaatsen zijn de grote, ruime exemplaren, waarin ik me probleemloos kan draaien, het bedieningspaneel kan bedienen en van de noodtelefoon gebruik kan maken. En die je voornamelijk vind in moderne, recent gebouwde ziekenhuizen, grote winkelcentra, overheidsgebouwen...

23-01-09

Niet kunnen? Dat kan niet! De weg naar integrale toegankelijkheid

Op dinsdag was ik in Gent om deel te nemen aan het 'Infomoment Instrumenten voor een toegankelijk publiek domein en mobiliteitsbeleid'. Een organisatie van de 'Vlaamse Stichting Verkeerskunde', afgekort VSV.

Deze activiteit ging door in de Zebrastraat te Gent. Een gerenoveerd ovaalvormig complex, dat vroeger gekend was als 'De Cirk'. Een locatie die me geheel onbekend was. Maar met de routeplanner en de GPS zou ik het wel vinden. Hoewel ik van mening ben dat ik zulks niet hoef te doen, had ik, zoals ik meestal doe, bij inschrijving in het vakje opmerkingen braaf genoteerd dat ik een 'elektrisch rolstoeler' ben.  Er zijn mensen die met deze term niet overweg kunnen, maar dat is hun probleem. Het kind moet een naam hebben, en persoonlijk vind ik deze de meest stijlvolle benaming.

Dat 'infomoment' in Gent had dus tot doel iedereen die actief is op het vlak van mobiliteit en toegankelijkheid (ambtenaren, politie, medewerkers van De Lijn, intercommunales, studie- en adviesbureaus, welzijnswerkers, verkeerskundigen...) te informeren over het nieuwe Vademecum (leidraad) 'Toegankelijk Publiek Domein'. In dit nieuwe vademecum wordt een duidelijk inzicht geboden in de technische richtlijnen in verband met een toegankelijke inrichting van het openbare domein.

Zebrastraat - 000 (kleinst)

Op de juiste dag was ik dus, ruimschoots op tijd, op de juiste plaats aanwezig. Vrijwel onmiddellijk had ik door dat bij dit bouwwerk het architecturaal perspectief had geprimeerd. Zowel links als rechts van de brede toegangsweg tot de binnenplaats, is een ingang, met een dubbele toegangsdeur. Om ter hoogte van die deuren te geraken, heb je de keuze tussen een trap met hoge treden en een hellend vlak, niet voorzien van een opstaande (veiligheids)rand, noch van een balustrade en derhalve levensgevaarlijk! Bovendien ligt er onder de deur ook nog een dorpel, met een hoogteverschil ten opzichte van de overloop.

De plaats waar ik zijn moest, was links. Dik tegen mijn zin en erg op mijn hoede wegens het risico op naar beneden tuimelen bij een stuurfout, reed ik het hellend vlak op. Om het niveauverschil tussen voor en achter de deuren te overwinnen had ik mijn assistente, die inmiddels reeds de toegangsdeuren had open gezet, de rubberen deurmat tot net voor de dorpel laten verschuiven. Zo raakte ik, zij het enigszins oncomfortabel, toch binnen.

In de ontvangstruimte deed mijn assistente mijn jas uit, en verwijderde alle andere attributen die mijn lichaam hadden warm gehouden. Vervolgens dronken we, in diezelfde ontvangstruimte, een koffie en verorberden een miniboterkoek. Terwijl we daar mee bezig waren, kwam men me vertellen dat er waarschijnlijk een probleem was om op de bovenverdieping te geraken, waar het infomoment zou worden gehouden. De lift was immers stuk. Een herstelploeg was evenwel reeds ter plaatse.

Zebrastraat - 002Even daarna kwam ik dan te weten dat ik, via de tweede, wel functionerende lift, toch tot bij  de vergaderzaal zou kunnen komen. Maar hoe dan ook moest ik naar buiten, want alleen langs daar kon ik die lift in. Dus opnieuw jas aan, wat niet zo eenvoudig is voor iemand die verlamd is en in een rolstoel zit, en daarna via die levensgevaarlijke helling terug naar de begane grond, buiten. Door twee greppels, die in de visie van sommigen mogelijks mooi ogen, maar in de praktijk voor op zijn minst een derde van de bevolking een waar obstakel zijn, reed ik tot op de binnenkoer, waar de liften zijn. Voor de toegangsdeur tot de lift, die voorzien is van een stevige hoge dorpel (oogt mooi, hè!), had men inmiddels een degelijk mobiel hellend vlak gelegd. Een kleuter kon op 't zicht alleen al zien dat ik nooit in die lift zou passen. Voor de show, en om mijn goede wil te tonen, reed ik toch de helling op, de lift in... tot zo ver ik kon. Voor iets minder dan de helft van mij en mijn voortbewegingsmiddel was geen plaats in de minilift.

Dus ik achterwaarts terug naar buiten. Iemand, die zich, in navolging van de anderen, niet voorstelde, maar van wie ik aanneem dat het Alain Liedts is, de voorzitter van de stichting die eigenaar is van het complex, vond dat mijn rolstoel eigenlijk nogal (te) groot  is. Ik repliceerde dat het de lift is, die veel te klein is! (zonde, want er is daar zo veel ruimte...)

Een andere persoon kwam luidop tot de vaststelling dat er een probleem was. Ik confirmeerde dat en voegde er aan toe dat hij dus van vergaderplaats zou moeten wisselen. Hij keek me even aan en antwoordde toen (met tegenzin?) bevestigend. Het zou de andere zijde van het gebouw worden. Dus ik langs dat ander gevaarlijk hellend vlak naar boven om in een, voorlopig nog leeg en KOUD lokaal te wachten tot de verhuis van het materiaal achter de rug zou zijn. Terwijl ik door het vensterraam merkte dat inmiddels de overige ingeschrevenen voor het infomoment, aan de overkant, gezellig, in de warmte, gezapig een koffie zaten te drinken.

De man, van wie ik dus vermoed dat het de eigenaar is, zorgde voor wat licht, zette de verwarming hoger en bood me aan voor een koffie te zorgen, wat ik dankbaar aanvaardde. Even later kwam de brave man evenwel reeds terug. Zonder koffie, maar met de melding dat het infomoment dan toch zou doorgaan aan de kant waar ik eerst was, maar wel op het gelijkvloers. En niemand van die klojo's kon ons dat komen melden?!

Zebrastraat - 003De eigenaar ging met ons mee, terwijl ik de ene gevaarlijke helling af en de andere weer op reed. Toen ik de man wees op de gebreken aan deze constructie, zei hij dat er bij de eerstvolgende verbouwing iets aan zal gedaan worden. Ik durf te hopen dat er niet word gewacht tot Sint-juttemis!

Wachten, dat konden de organisatoren blijkbaar ook niet, want mijn jas was nog niet uit, en mijn plaats in de conferentieruimte had ik nog niet ingenomen, of die onbeschofteriken waren al met hun programma begonnen. Met verontschuldigingen voor de gewijzigde locatie. Maar van zich tegenover MIJ en mijn assistente excuseren voor het ons van her naar der sturen, is er de ganse dag geen sprake geweest! 

De uiteenzettingen brachten me niks bij dat ik niet reeds wist, maar alles werd wel goed verwoord, wat het luisteren boeiend maakte. Zowel in de voor- als in de namiddag was er een pauze, waarin iets kon gedronken worden in de ontvangstruimte, die gelegen is in dezelfde ruimte, en parallel aan het gedeelte waar het infomoment plaats vond.

Toen het middag was, bij de lunchpauze, ging iedereen evenwel ineens naar de overkant, waar ik 's ochtends alleen en in de kou had gezeten! Dat de lunchpauze daar doorging, daar wist ik niks van. Niemand die mij daarvan had op de hoogte gebracht! Aangezien dat jas aan, jas uit gedoe veel te omslachtig is, en er aan de overzijde klaarblijkelijk niemand op mijn komst zat te wachten, besloot ik niet naar de overkant te gaan. Mijn assistente ging broodjes voor ons halen, die we opaten voor het venster in de, buiten ons, lege ontvangstzaal. In het weinige zonlicht dat door het raam naar binnen viel, was 't best genieten.

Na het eten ben ik even gaan plassen. In een klein, smal... berghok! Want het toegankelijk toilet was redelijk ontoegankelijk! Let wel, ik plas in een urinaal, hé, en de door mij geproduceerde inhoud daarvan is wel in het toilet beland. Zulk een situatie is evenwel mensonterend. En dat in een gebouw dat slechts enkele jaren geleden werd gerenoveerd. En dat voor een locatie waarin een infodag doorging omtrent toegankelijkheid!

Inmiddels zond ik reeds een bericht naar de voorzitter van de organisatie (VSV), de heer Jan Peumans, die tevens Schepen is in Riemst, ondervoorzitter van de N-VA en Vlaams parlementslid (fractievoorzitter N-VA), met een bloemlezing van wat ik vaststelde en moest ondergaan, de laatdunkende houding van de ganse aanwezige meute en het verzoek om in de toekomst ook met mijn noden rekening te houden, en deze van alle andere personen met een beperking, waar ze niet zelf voor gekozen hebben. En zodoende alle theorie die zijn medewerkers en sprekers op diverse activiteiten, zo mooi kunnen verwoorden, ook zelf in de praktijk ten uitvoer te brengen. En om tevens op zijn minst een beetje RESPECT te tonen voor mijn persoon, en mensen in een gelijkaardige situatie. Want het is niet omdat wij fysiek zwaar gehavend zijn, dat wij geen mensen (meer) zijn en niet dezelfde noden, gevoelens en rechten hebben als elke andere persoon. Een kopie van dat schrijfsel heb ik doorgestuurd naar ondermeer enkele beleidsmensen die een zekere verantwoordelijkheid hebben in deze materie.

Doktersdiploma - 000 (klein)

Hoofdpijn gekregen van al het voorgaande te lezen? Neem dan een proper glas uit de keukenkast, giet daar wat plat drinkwater in en drop er een bruistablet in uit het medicijnenkastje. Terwijl je wacht tot die tablet is uitgeborreld en derhalve één is geworden met het water, heb je nog net tijd genoeg om op mijn blog (rolstoeler) te stemmen in de categorie lifestyle van de Skynet Blogs Awards '08, waarna je voor mijn part die veredelde rekenmachine, annex tekstverwerker, mag afzetten. Vervolgens best ook het brouwsel in glas achterover slaat, zodat je arbeid niet nutteloos was, en dan je bed induiken. Slaap lekker! Als je binnen x aantal uren weer wakker wordt, zal het vast wel weer beter gaan! En neen, je moet me geen visite betalen. Zolang ik nog niet in het bezit ben van dat 16 maand, 1 week en 4 dagen geleden, voor veel, vooraf getransfereerd geld, via het internet bestelde doktersdiploma, is al mijn medisch en gezondheidsadvies volledig GRATIS! Maar je kan mij wel een plezier doen door nog tot zondag elke dag op mijn blog te stemmen! Bedankt! Enne... Prettig Weekend!

08-11-08

Avontuur in de avonduren

Mijn lotsbestemming blijft verrassingen voor mij in petto hebben. Veel te veel naar mijn zin. Maar als er één zekerheid is in dit aardse bestaan, dan is het wel het feit dat je het lot hoe dan ook niet kan ontlopen.

Eergisteren ben ik met Caroline, mijn echtgenote, naar het oudercontact geweest van de middelbare school, waar onze zoon Brian zijn eerste jaar ASO (Algemeen Secundair Onderwijs) volgt. We waren immers uitgenodigd voor een oudercontact, waarbij ons werd aangeboden, tijdens een persoonlijk gesprek met de leerkrachten, de nodige toelichting te krijgen bij de studieresultaten van onze zoon, tot op heden.

Welkom voelde ik mij bij aankomst aan de school helemaal niet. Want dat plankje, met hellend vlak, om via de hoofdingang in de school binnen te geraken, lag niet klaar. Een attente dame zorgde er evenwel voor dat twee mannen, binnen de kortste keren de ramp voor de dorpel hadden geplaatst. En, eens ik binnen was, ook terug op zijn oorspronkelijke plek legden. Anders zou ik niet tot aan de lift zijn geraakt, die we nodig hadden om in de klaslokalen te geraken, waar de leerkrachten ons te woord zouden staan.

Die lift, dat is zo een oud type, met een vaste, zware, open te draaien deur, en zonder dubbele cabine. Wat betekent dat, eens je in de ascenseur staat en deze met een druk op de knop in beweging hebt gezet, je, aan de kant waar je bent ingestapt, de wand van de liftkoker vervaarlijk aan je voorbij ziet flitsen. Gevaarlijk vind ik dat! Dat systeem zal wellicht beveiligd zijn. Maar wat als die beveiliging faalt? Dan kan je net zo goed mee naar boven worden gesleurd, met alle kwalijke gevolgen van dien.

Lift - cartoon - 000 (klein)

Aangezien de liftkoker aan nog eens aan de kleine kant is, pas ik er ook alleen maar in als ik mij met mijn rolstoel schuin in deze lift positioneer. Enkel op die manier  kan ik er gebruik van maken. Maar kom, we zijn gewoon van ons plan te trekken en we zijn, met behulp van dat systeem, in ieder geval op de verdiepingen geraakt waar we zijn moesten.

Alles bij elkaar genomen hebben we tweeënhalf (2,5) uur zitten wachten om drie (3) leerkrachten gedurende een vijftal minuutjes te spreken. Die tijd uittrekken en dat wachten heb ik er absoluut voor over, om met de leerkrachten van mijn zoon eens van gedachten te wisselen. Maar er zou wel eens een efficiënter formule mogen bedacht en toegepast worden. Want ik had graag ook nog met enkele andere leraars en leraressen kennis gemaakt. Nu was daar geen mogelijkheid toe. De globaal toegewezen tijd was immers op!

Wel vijf of zes mensen heb ik gisterenavond gezien, die lid zijn van het oudercomité, waarvan ook ik deel uitmaak. Die dames (?) en heer (?) vonden mij blijkbaar niet de moeite waard om gedag tegen te zeggen. Was het misschien omdat mijn echtgenote erbij was? Die heeft namelijk een bruine huidskleur. Er waren nochtans meer ouders met een kleurtje aanwezig. De schoolbevolking is immers nogal heterogeen samengesteld. Nu ja, ik ga mijn hoofd niet breken over de oorzaak en beweegredenen van die mensen hun totaal gebrek aan elementaire beleefdheid. Ten overstaan van Caroline en mij welteverstaan, want andere mensen werden wel door hen begroet. Dus zal het allicht aan onszelf liggen. Of berust dit op een misverstand en hebben die lui mij gewoonweg niet herkent?! Knipogen

De leerkrachten daarentegen, zijn vriendelijk, gemotiveerd en vol goede intenties. De ene allicht al wat meer dan de andere, maar ik heb toch de indruk dat de school een goed leerkrachtenkorps heeft. Ook een aantal leerlingen van de hogere jaren lieten zich op deze oudercontactavond van hun beste kant zien. Al heb ik wel mijn bedenkingen bij de nogal onbehouwen wijze waarop ze hun taak uitvoerden. De jongeren gingen immers, in twee ploegen, denk ik, rond om aan de leerkrachten en wachtende ouders soep te bedelen. Wat ik zag en hoorde, was een meisje met een grote, en blijkbaar zware ketel soep. Naast haar een jongen met een grote pollepel, waarvan hij de steel in de ene hand en de schep in zijn andere hand hield, bovenop een aantal van resten soep doordrongen servetten. Niet echt een appetijtelijk aanzicht.

Pollepel - 000 (klein)

 "Moet er iemand soep hebben?" vroeg de jongen. Wie reageerde zei "neen, dank u" of bewoog het hoofd een paar keer van links naar rechts en terug om hetzelfde antwoord te geven, maar dan visueel.  Ook ik bedankte voor het aanbod, dat nochtans niet rechtstreeks tot mij was gericht. Het kan idioot lijken, maar ik zag enkel die twee jongelui en veronderstelde dus dat iedereen uit diezelfde soeplepel moest drinken. Die dan telkens gereinigd werd, vandaar die doordrenkte servetten. Maar mijn mond aan die lepel zetten, wat even voordien ook een wildvreemde had gedaan, dat zag ik helemaal niet zitten. Zulks doe ik niet als ik in Europa ben! Opeens kwamen echter nog twee andere meisjes opdagen, waarvan er eentje een mand droeg met soepkommen, lepels en servetten in. Maar niemand van de ouders kwam op haar of zijn beslissing terug. Ook ik niet.

Niet stoppen met lezen, want mijn verhaal is nog lang niet ten einde. De plot moet nog komen! Tijdens het wachten op audiëntie door de leerkracht wiskunde, merkte ik op dat de gang stilaan leegliep. Diverse leerkrachten deden hun jas aan en vertrokken. Ook de meeste, ten behoeve van de wachtende ouders, in de gang geplaatste stoelen, stonden er nu werkloos bij. Aan Caroline liet ik weten dat ik er niet gerust in was. Dat wij nog met de lift naar beneden moesten en dat ik bang was dat we vast zouden komen te zitten in de lift en alzo opgesloten en achter zouden blijven in een verlaten schoolgebouw. Mijn eega deelde deze vrees niet.

Na het onderhoud met de wiskundeleraar, repten we ons naar de lift. Teneinde van de derde verdieping, waarop we ons bevonden, terug op het gelijkvloers te geraken. Ik reeds schuin in de cabine. Caroline kwam naast mij staan, sloot de deur en drukte op de '0'. Er gebeurde niks. Geen van ons beiden stond we voor het oog/de ogen die de deur beveiligen. Dat kon dus niet de oorzaak zijn van de malfunctie. Dus nogmaals geprobeerd. En nog eens. Uiteindelijk kwam de lift dan toch in beweging, om even later met een schok alweer halt te houden, tussen twee verdiepingen. Op welke knop er ook werd gedrukt, er kwam geen beweging in dat ding. Mijn voorgevoel dreigde bewaarheid te worden!

Caroline probeerde dan maar de lift te laten bewegen door de knop ingedrukt te houden. Eureka! Dat lukte... even. Alweer was de lift met een schok stil komen te staan. De truc met het ingedrukt houden van de knop werkte deze keer niet. Wat nu gezongen? Iemand bellen? Maar wie? En het belkrediet van mijn GSM-kaart was zo goed als opgebruikt. Hopelijk dat van Caroline niet. Maa
r ik durfde het haar niet te vragen. Gelukkig bleef de licht in de liftcabine branden. Na even gewacht te hebben, kwam er bij het blijven ingedrukt houden van de liftknop uiteindelijk toch weer beweging in de lift en geraakten we zo, in enkele etappes, dan toch terug op de begane grond. Oef! Dat was in elk geval de laatste keer dat die lift me heeft mogen vervoeren. Het risico vast te blijven zitten, neem ik niet meer.

Helemaal buiten geraken via de voordeur was er ook niet meer bij. Vrijwilligers om dat hellend vlak te helpen verplaatsen waren er niet te bespeuren. Gelukkig was de achterdeur niet op slot en kon ik dus in het pikkedonker langs de achterzijde het gebouw verlaten. Als een dief in de nacht. En met gevaar lek te rijden op een onzichtbaar object. Leuk is anders!

Thief in the night - 003

20-10-08

(on)Toegankelijkheid

Het ijveren naar een integrale toegankelijkheid staat bovenaan mijn lijstje van te verwezenlijken doelstellingen. Want wat baat het dan men zorg draagt voor de mobiliteit van elke burger (ook al een doel!), als diezelfde burger door de slechte kwaliteit van de infrastructuur op het openbaar domein op zijn looproute, of door obstakels die de vrije doorgang belemmeren, niet eens veilig en probleemloos, of in het aller-slechtste geval zelfs helemaal niet, zijn einddoel kan bereiken.

Rolstoel cartoon - 000 (klein)

Of, als de persoon in kwestie, dan toch op de plaats van diens bestemming geraakt, zij of hij aldaar geconfronteerd wordt met een ontoegankelijk gebouw. Door bijvoorbeeld enkele onmogelijk te overwinnen treden op of af tot aan de toegangsdeur, een te smalle inkomdeur of -hal, onvoldoende manoeuvreerruimte, een te enge lift of één met onbereikbare bedieningsknoppen .... Of zelfs maar een dorpel of een klemmede deur.

Want, in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, is ontoegankelijkheid niet alleen een probleem voor mensen met een fysieke beperking, zoals rolstoelers, blinden en slechtzienden, (oudere) mensen die niet meer goed te been zijn en al dan niet gebruik maken van een wandelstok of looprekje met wieltjes (rollator) of zonder ... Het tempert ook de verplaatsing- en  toegankelijkheidskwaliteit van bijvoorbeeld (groot)ouders met een kinderwagen of buggy of mensen met een winkeltas of koffer op wieltjes, of leveranciers van goederen.

Toegankelijkheid (collage)

Maar ook kleine kinderen kunnen struikelen op een drempel of over een losliggende steen en zich daarbij verwonden. En voorkomen is nog steeds beter dan genezen. Waarom stelt met niet als norm dat 'alle' voorzieningen (wegen, gebouwen, transportmiddelen...) die open staan voor het publiek, toegankelijk zijn naar de vereisten van de gebruiker met de hoogste noden? Dan is dit goed voor iedereen!  Lachen

De behoefte aan een beleid van integrale tegemoetkoming illustreer ik, ter verduidelijking, aan de hand van een voorbeeld uit mijn eigen woonplaats. Het stadhuis van Lokeren is, naar mijn ervaring, een toonbeeld van toegankelijkheid. Brede glazen toegangsdeuren, die automatisch openschuiven, in het gebouw een ruime manoeuvreerruimte, een ruime lift met grote bedieningsknoppen, waarrond een lichtrand verschijnt na het indrukken, en die geplaatst zijn op een hoogte en plaats,  die het ook voor rolstoelers mogelijk maakt deze te bedienen, zonder halsbrekende toeren te moeten uithalen. En er is bovendien op het gelijkvloers van het gebouw een toilet, op maat van wie zich op wielen voortbeweegt. Lachen

markt (klein)

klik op de foto voor een grotere afbeelding

de toegang tot het stadhuis is rechts om de hoek

Op de weg naar dat stadhuis wordt het de voetganger evenwel danig moeilijk gemaakt door in het bijzonder het hinderlijk groot buitenterras van een café. De uitbaters of eigenaars ervan hebben, nu ongeveer een jaar geleden, dit dan ook nog eens omboord met onverplaatsbare panelen. Het is totaal onbegrijpelijk dat het stadsbestuur daar een toelating voor heeft gegeven. Deze obstakels hebben immers de vrije loopruimte van de voetgangers behoorlijk ingeperkt.En vormen een gevaarlijk obstakel. Ik vind het ongehoord dat op een plaats waar het voetpad erg breed is, deze ruimte voor het grootste deel wordt ingepalmd door een horecazaak. Het comfort van de voetgangers wordt klaarblijkelijk ondergeschikt geacht aan de verlangens van de commercie. Triest...  Huilen

Wat me in deze evenwel nog het meest frappeert, is het feit dat er - voor zo ver ik weet - niemand reageerde op deze, in wezen uitbreiding van dit café, op openbaar domein!

Empty wallet - 000 (klein)

Voorbeelden zoals het aangehaalde zijn jammer genoeg legio. Bouwverordening, antidiscriminatiewet, renovatiepremie...  brengen geen soelaas. In een maatschappij die steeds meer neigt naar egocentrisme en egoïsme, vertrouwen op een verandering in mentaliteit en denkpatroon door sensibiliseren, is ook een utopie. Let op, al deze middelen helpen... een beetje. Om evenwel binnen een redelijke termijn tot acceptabele resultaten te komen is allicht een strikte regelgeving met opgelegde eisen naar toegankelijkheid, jammer maar helaas, de enige efficiënte weg. Met, in de geldbeugel voelbare sancties bij niet naleving ervan! Tong uitsteken