30-01-11

Snelle Cindy

rudivandamme,rolstoeler,handicap,cindy,sportrolstoel,meisje,meid,mop,grap,rolstoel,vehikel,vierwieler,mond,lippen,ademtest,naakt,gsm,rit,politieagentKleine Cindy was een groot gevaar als ze in haar sportrolstoel door de gangen toerde van de psychiatrische instelling waar ze verbleef. Ze hield ervan om in volle vaart, op één wiel door de bochten te rijden. En in de lange gangen van het instituut haar snelheid op te drijven tot het maximum. Maar aangezien het dertigjarige meisje niet enkel jong was en knap, maar tevens lief en bovendien gewillig, lieten de andere, voornamelijk mannelijke residenten, haar begaan. Enkelen benutten zelfs haar onbezonnen gedrag als aanleiding om contact te hebben met de schoonheid op wielen. En maakten grapjes met de roekeloze meid.

rudivandamme,rolstoeler,handicap,cindy,sportrolstoel,meisje,meid,mop,grap,rolstoel,vehikel,vierwieler,mond,lippen,ademtest,naakt,gsm,rit,politieagentOp zekere dag sjeezde Cindy weer eens door de gang, toen, op enkele meters voor haar, plots een deur wijd open werd gegooid. En in het deurgat ‘dikke Jef’ verscheen, die met gestrekte arm en een luide schreeuw, Cindy aanmaande te stoppen. Wat ze gewillig deed, hoewel ze door de plotse stilstand haast uit haar rolstoel en tegen de bolle buik van Jef belandde.

Heb jij wel een licentie voor het rijden met dit vehikel?”,  vroeg Jef op een nors klinkende, vragende toon. Waarop Cindy, schijnbaar geschrokken, in het om haar heupen bevestigde, op haar schoot liggende, tasje begon te graaien en er even later een bijsluiter van één van haar medicijnen uit te voorschijn toverde en dat aan Jef liet zien. Die instemmend knikte en aan Cindy gebaarde dat ze mocht verder rijden. Wat ze uiteraard meteen, met graagte deed.

rudivandamme,rolstoeler,handicap,cindy,sportrolstoel,meisje,meid,mop,grap,rolstoel,vehikel,vierwieler,mond,lippen,ademtest,naakt,gsm,rit,politieagentNog maar net had ze weer snelheid gemaakt en vloog ze op één wiel de hoek om, toen ‘gekke Willy’ vanuit de Tv-zaal de gang kwam ingelopen om haar, als een echte politieagent, met gestrekte armen de weg te versperren. Ternauwernood kon Cindy een botsing mijden met Willy, die haar met zijn zware stem sommeerde te stoppen en gebood: “Toon mij eens het verzekeringsbewijs van je vierwieler!”

Cindy scharrelde met haar kleine, slanke vingers in haar heuptasje en haalde deze er vrij snel terug weer uit. Met het garantiebewijs van haar gsm tussen de duimen en wijsvingers geklemd. Ze strekte haar armen om het document dichter naar en zichtbaarder voor Willy te maken. Die meteen opzij stapte en teken deed dat alles oké was en Cindy haar rit mocht verder zetten.

rudivandamme,rolstoeler,handicap,cindy,sportrolstoel,meisje,meid,mop,grap,rolstoel,vehikel,vierwieler,mond,lippen,ademtest,naakt,gsm,rit,politieagentMet een brede glimlach op haar mooie mond, met volle lippen, gaf snelle Cindy, met de handen een fikse draai aan de hoepels van haar rolstoel, zodat ze meteen weer goed op dreef was. Maar eens op topsnelheid, moest Cindy alweer vaart minderen. Want daar kwam ‘Pierke hengst’ uit het niks, de gang ingesprongen. Volledig naakt! En met zijn ‘je weet wel wat’ tussen de handen geklemd. Onmiddellijk gilde Cindy: “Oh neen, toch niet alweer een ademtest?!”

01-07-09

De avonturen van Rudi, zonder Co

 

Neen, ik ben niet geveld door de zon of in een diepe zomerslaap gezonken. En ook niet fysiek van de aardbol verdwenen,  Karel Van Miert, Yasmine, Farrah Fawcett, Michael Jackson en een resem andere mensen en dieren achterna.  Neen, het zou wat al te gortig zijn om net nu ik een nieuwe rolstoel heb en terug enigszins mobiel ben, het tijdige te ruilden voor het permanente einde.

De reden voor mijn verminderde activiteit alhier is te wijten aan het feit dat ik mijn een beetje moest reorganiseren, als rechtstreeks gevolg van het sinds zaterdagochtend op reis vetrekken van mijn huisgenoten. En ik mocht inderdaad niet mee. Mijn bijdrage aan hun vakantietrip blijft beperkt tot het meefinancieren van de reis. Nochtans was ik ook wel graag eens een tijdje weg 'gegaan' van mijn vaste verblijfsstek. Helaas... Wenkbrouw ophalen

Doorheen de jaren las ik in zo vele publicaties keer op keer dat ieder mens nood heeft en recht op seks en vakantie. Wat ik ervaar in mijn omgeving is dat men er blijkbaar, ter wille van de eigen gemakkelijkheid en gemoedsrust, vanuit gaat dat ik de uitzondering ben op de regel. Wat dus een totaal foute veronderstelling is. Want het is niet omdat ik met mijn willoos lichaam in een invalidenkarretje rondcross, dat ik geen noden, verlangens noch gevoelens heb. Die heb ik wel degelijk.

Maandagnamiddag reed ik naar het oudercontact op Brian zijn school. Als rolstoeler had ik het zalige genoegen buiten op de koer de leerkrachten van mijn kind te mogen spreken. Het gebouw is immers helemaal niet voorzien op zich op wielen voortbewegende medemensen.

Met het prachtige weer op die dag, was die, in wezen schandelijke ontoegankelijkheid, voor één keer geen straf, geen vernedering, maar daarentegen een zegen. Ik hoefde, in tegenstelling tot andere ouders immers niet in een, allicht door de warmte bevangen gang te gaan zitten vooraleer in een wellicht even muf klaslokaal te worden ontvangen. Neen, zalig in de schaduw van een boom vond ik mijn plekje!

Toen ik, in afwachting van een onderhoud met zijn klastitularis, door een mevrouw, naar ik vermoed werkzaam op het secretariaat van de school,  het rapport van zoon Brian kreeg overhandigd, dit met een bang hart opende en tot mijn grote vreugde het A-attest aantrof, raakte ik zowaar geëmotioneerd.

Gelukkig waren er geen vreemden in mijn onmiddellijke buurt, want door de emotie overmand zou spreken even moeilijk zijn geweest. Had ik dit nieuws op mijn eentje thuis vernomen, ik had waarlijk gehuild van opluchting en blijdschap. Jammer dat ik deze vreugde niet onmiddellijk met een naaste kon delen.

Een dag later was Austin zijn school aan de beurt. Per e-mail had ik met zijn klastitularis afgesproken, even voor de middag, in een lokaal op het gelijkvloers. Want ook deze school blinkt uit in haar ontoegankelijkheid voor minder mobiele medemensen.

De juf stond me al op te wachten... achter een gesloten deur. Het was dus geen slecht idee geweest om niet zonder assistente te komen, want anders had ik weer schoon alleen voor de deur kunnen staan wachten tot ik een passant kon aanspreken met het verzoek die deur voor me te openen. Met het gevaar dat ik, eens binnen, met de deur achter me dichtgeklapt, als een rat in de val had gezeten als daar niemand te bespeuren viel. Maar dat doemscenario viel me dus gelukkig niet ten deel. En ook hier ving ik een A- attest. Hoera!

Dol van vreugde ging ik, vooraleer huiswaarts te keren, een ritje maken. Onderweg at ik, in een schaduwplekje bezijden een verkeersarme straat, en met uitzicht op de spoorweg, mijn meegenomen boterhammen op. Eenzaam en alleen, want mens noch dier was te bespeuren in die buurt. Maar ik was in goed gezelschap: mijn eigen zelve! Knipogen

Op weg naar huis reed ik langsheen een verpauperde volksbuurt. Uit de tegenovergestelde richting kwam een wijkagent aangereden, die even nadien de straat dwarste en zijn bromfiets parkeerde ter hoogte van een rijhuisje op de hoek. Terstond hield ik halt, want mogelijks kreeg ik aanstonds wel een interessant tafereel te zien. Met mijn GSM in de hand, veinzend dat ik aan het telefoneren was, hield ik nauwlettend de agent in het oog. En was benieuwd welk schouwspel zich zo meteen in mijn gezichtsveld zou afspelen

De man, die zijn helm op het hoofd hield, belde aan bij het hoekhuis. Ging vervolgens twee stappen achteruit en wachtte af. Niemand deed open. Anderhalve minuut later zette de politiebeambte terug een stap naar voor en drukte met gestrekte arm op de bel.

Korte tijd later ging de deur langzaam open en verscheen er in de deuropening een knappe, niet al te grote griet van naar ik schat halfweg de twintig, met het lange blonde haar opgestoken in een dot. Het naakte lichaam nauwelijks bedekt doof een minuscule bikini! Blijkbaar gegeneerd hield ze één arm voor haar boezem. Nochtans had ze volgens mij weinig te verstoppen, want voor zover ik het vanuit mijn positie kon zien was het wicht aan de voorkant zo plat als een vijg. Wat evenwel niks afdoet aan haar schoonheid!

De agent wees met zijn rechterarm naar het wel een halve meter hoog staande gras en onkruid in het amper enkele vierkante meters groot voortuintje en de vele op elkaar gestapelde, barstensvolle huisvuilzakken die ook al voor de woning een plekje hadden gekregen. Het meisje maakte met haar vrije arm wat gebaren en ik zag haar ook bevestigend met het hoofd knikken. Allicht beloofde ze de wijkagent de vuilnis op te laten ruimen en de voortuin een beetje te fatsoeneren.

Blijkbaar volstond dat voor de agent, want de man kroop terug op zijn brommertje en reed er vandoor. Toen hij me gepasseerd was, borg ik mijn mobieltje weg. Dat voorwenden aan het bellen te zijn, was immers niet meer nodig. En dat schone mokkel was al lang terug in haar huurhuisje verdwenen. En lag allicht alweer te zonnen op haar terras of koertje of in haar achtertuin. Lachen

07-05-09

Omgaan met zieken

 

Vaak hoor je dat mensen niet op bezoek durven gaan bij iemand die ernstig ziek is, recent een zwaar fysiek letsel opliep of pas een dierbare verloor. Omdat ze niet weten wat ze moeten zeggen! Ga dan, en zwijg! Of zeg die persoon gewoon dat je niet weet wat je moet zeggen. Maar ga er heen. Je komst op zich, zegt al genoeg. Je aanwezigheid is wat telt!

CrimiclownZelf weet ik meestal ook niet wat te zeggen in zulke situaties. En heb ik ook die, vaak terechte vrees dat wat ik zeg, verkeerd zal worden begrepen. Dan zwijg ik liever. En wacht ontspannen af, wat de ander zal zeggen. Als die al iets zegt. Gewoon een beetje bij elkaar vertoeven, desnoods zonder veel gepraat, moet ook kunnen! Trouwens, bij een tweede bezoek komt het meestal veel minder moeizaam tot een conversatie. Omdat je gesprekspartner dan doorgaans beseft dat je eerste visite niet zomaar een beleefdheidsbezoekje was. Of een visite uit nieuwsgierigheid.

Een dikke twee jaar geleden was ik ernstig ziek. Al mijn levensfuncties vielen het één na het ander uit en oorzaak noch remedie konden worden gevonden. Zelfstandig ademen lukte niet meer, een machine na het van me over, en enkel een infuus kon mijn lichaam van voedsel voorzien, want sondevoeding lukte niet. Mijn longfunctie faalde volledig en ik leek ten dode opgeschreven.

Vooraleer ik me, toen nog in een iets betere toestand, in het ziekenhuis liet opnemen, had ik aan mijn thuisverpleegkundigen,  mijn assistentes en mijn kinesist beloofd om hen van mijn conditie op de hoogte te houden. Dus ook toen ik, meer dood dan levend, op de dienst intensieve zorgen lag te zieltogen, trachtte ik nog steeds mijn belofte na te komen om wekelijks iets te laten weten. Mijn gewoonte er geen doekjes om te winden, zond ik hen een Sms'je met de melding dat 'mijn toestand uitzichtloos leek en dat ik ten einde raad was'.

Of ik dit bericht naar iedereen heb verzonden, dat kan ik me niet herinneren. En of ze allen antwoordden, evenmin. Maar dat laatste hoefde ook niet. En dat verwachtte ik ook niet. Maar hoopte ik mogelijks wel, want dagen- en nachtenlang met je volle verstand op een dienst intensieve zorgen vertoeven, in een schijnbaar hopeloze situatie, is allesbehalve een lachertje, zo kan ik je verzekeren.

Verpleegster - 000Dus lag ik, na het verzenden van dat berichtje, toch enigszins verwachtingsvol te staren naar mijn GSM. Hopend dat dit mobieltje spoedig een geluidje ten gehore zou brengen, ten teken dat er een bericht was ontvangen. Hoe lang dat wachten duurde, dat weet ik niet meer. Maar op een gegeven moment ontving ik een berichtje van één van mijn verpleegsters, dat me zeer trof omwille van zijn eenvoud en oprechtheid. De juiste woorden kan ik me helaas niet meer voor de geest halen, maar het was iets in de trant van: "Ik weet niet goed hoe ik hierop moet reageren" en dan allicht, "ondanks alles toch het beste gewenst" of iets dergelijks.

Geen aanmoediging voor iets waar ik zelf geen invloed op had. Geen hoopgevende woorden, die op dat moment hol en ijdel zouden hebben geklonken.

Met die negen woorden, heeft die verpleegster mij een mooi deel laten zien van zichzelf en haar persoonlijkheid! Die "Ik weet niet goed hoe ik hierop moet reageren" zijn de mooiste en meest gepaste woorden die iemand mij ooit in een dergelijke situatie heeft gezegd of geschreven. Want ik vond er steun in. Ik was niet meer alleen met mijn gevoelens van onmacht en niet meer wetend hoe te reageren op wat er met me gebeurde.

Uiteindelijk heeft mijn lichaam zich toch hersteld. Maar dat hadden jullie allicht reeds begrepen. Want anders was ik nooit in staat geweest dit epistel, letter voor letter in te typen, en hier aan jullie te presenteren. De details van mijn wonderbaarlijke genezing en al wat er aan voorafging en nadien plaatsvond, vertel ik jullie wel eens op een ander moment. Maar onthoudt de moraal van het huidige verhaal en pas het intuïtief toe in jullie dagelijks leven. Merci! Lachen

01-04-09

Verzonden

 

1 april 2009 (klein)We gaan even terug in de tijd. Naar 1 april 2004 meer bepaald. Toen viel deze dag een etmaal later dan vandaag op de kalender te zien valt. Op donderdag dus.

Even voor acht uur belde ik de persoon op, die aan het hoofd staat van het team van zelfstandige verpleegkundigen, waarop ik sinds eind 2002, en heden nog steeds, beroep doe voor mijn dagelijkse persoonlijke verzorging.

Quasi in paniek, meldde ik haar met een nerveuze stem dat Brian en Austin al klaar stonden om naar school te gaan, terwijl ik nog ongewassen in bed lag. Haar collega, die werd verondersteld om zeven uur bij me te zijn, was immers nog steeds niet komen opdagen.

Mijn verpleegster klonk hoorbaar verveeld met de situatie en zei onmiddellijk de andere verpleegster te zullen bellen en dan meteen ook weer mij, om me te informeren over wat er aan de hand was. En wat er ging gebeuren.

Luttele seconden later rinkelde de gsm van de verpleegster die me net had gewassen, aangekleed en in mijn rolstoel gezet. Ze stond te gniffelen, maar nam niet op. Een minuut later was het mijn mobieltje dat lawaai maakte. "Ja, sorry hoor, maar ik kan haar niet bereiken." klonk het in mijn oor, "dus zal ik maar onmiddellijk zelf komen!" Waarop ik zei: "Oké, dat is goed. Maar wil je dan eerst even bij de viswinkel passeren om iets voor me mee te brengen?"

Vis - Cartoon - 000  (klein)Zonder enig spoor van argwaan in haar stem, vroeg ze: "En wat dan wel?" Terwijl haar collega, naast me, met haar hand op de mond, stond dubbel gevouwen van ingehouden pret,  spelde ik, met een nog steeds ernstige, vaste stem: "A P R I L vis!"

Nu had de gefopte dame het door, want ze begon hartelijk te lachen en zei: "Ik nam dit jaar speciaal deze dag vrij om niet verzonden te worden, en nu heb ik het potverdorie toch weer aan mijn been!"

08-11-08

Avontuur in de avonduren

Mijn lotsbestemming blijft verrassingen voor mij in petto hebben. Veel te veel naar mijn zin. Maar als er één zekerheid is in dit aardse bestaan, dan is het wel het feit dat je het lot hoe dan ook niet kan ontlopen.

Eergisteren ben ik met Caroline, mijn echtgenote, naar het oudercontact geweest van de middelbare school, waar onze zoon Brian zijn eerste jaar ASO (Algemeen Secundair Onderwijs) volgt. We waren immers uitgenodigd voor een oudercontact, waarbij ons werd aangeboden, tijdens een persoonlijk gesprek met de leerkrachten, de nodige toelichting te krijgen bij de studieresultaten van onze zoon, tot op heden.

Welkom voelde ik mij bij aankomst aan de school helemaal niet. Want dat plankje, met hellend vlak, om via de hoofdingang in de school binnen te geraken, lag niet klaar. Een attente dame zorgde er evenwel voor dat twee mannen, binnen de kortste keren de ramp voor de dorpel hadden geplaatst. En, eens ik binnen was, ook terug op zijn oorspronkelijke plek legden. Anders zou ik niet tot aan de lift zijn geraakt, die we nodig hadden om in de klaslokalen te geraken, waar de leerkrachten ons te woord zouden staan.

Die lift, dat is zo een oud type, met een vaste, zware, open te draaien deur, en zonder dubbele cabine. Wat betekent dat, eens je in de ascenseur staat en deze met een druk op de knop in beweging hebt gezet, je, aan de kant waar je bent ingestapt, de wand van de liftkoker vervaarlijk aan je voorbij ziet flitsen. Gevaarlijk vind ik dat! Dat systeem zal wellicht beveiligd zijn. Maar wat als die beveiliging faalt? Dan kan je net zo goed mee naar boven worden gesleurd, met alle kwalijke gevolgen van dien.

Lift - cartoon - 000 (klein)

Aangezien de liftkoker aan nog eens aan de kleine kant is, pas ik er ook alleen maar in als ik mij met mijn rolstoel schuin in deze lift positioneer. Enkel op die manier  kan ik er gebruik van maken. Maar kom, we zijn gewoon van ons plan te trekken en we zijn, met behulp van dat systeem, in ieder geval op de verdiepingen geraakt waar we zijn moesten.

Alles bij elkaar genomen hebben we tweeënhalf (2,5) uur zitten wachten om drie (3) leerkrachten gedurende een vijftal minuutjes te spreken. Die tijd uittrekken en dat wachten heb ik er absoluut voor over, om met de leerkrachten van mijn zoon eens van gedachten te wisselen. Maar er zou wel eens een efficiënter formule mogen bedacht en toegepast worden. Want ik had graag ook nog met enkele andere leraars en leraressen kennis gemaakt. Nu was daar geen mogelijkheid toe. De globaal toegewezen tijd was immers op!

Wel vijf of zes mensen heb ik gisterenavond gezien, die lid zijn van het oudercomité, waarvan ook ik deel uitmaak. Die dames (?) en heer (?) vonden mij blijkbaar niet de moeite waard om gedag tegen te zeggen. Was het misschien omdat mijn echtgenote erbij was? Die heeft namelijk een bruine huidskleur. Er waren nochtans meer ouders met een kleurtje aanwezig. De schoolbevolking is immers nogal heterogeen samengesteld. Nu ja, ik ga mijn hoofd niet breken over de oorzaak en beweegredenen van die mensen hun totaal gebrek aan elementaire beleefdheid. Ten overstaan van Caroline en mij welteverstaan, want andere mensen werden wel door hen begroet. Dus zal het allicht aan onszelf liggen. Of berust dit op een misverstand en hebben die lui mij gewoonweg niet herkent?! Knipogen

De leerkrachten daarentegen, zijn vriendelijk, gemotiveerd en vol goede intenties. De ene allicht al wat meer dan de andere, maar ik heb toch de indruk dat de school een goed leerkrachtenkorps heeft. Ook een aantal leerlingen van de hogere jaren lieten zich op deze oudercontactavond van hun beste kant zien. Al heb ik wel mijn bedenkingen bij de nogal onbehouwen wijze waarop ze hun taak uitvoerden. De jongeren gingen immers, in twee ploegen, denk ik, rond om aan de leerkrachten en wachtende ouders soep te bedelen. Wat ik zag en hoorde, was een meisje met een grote, en blijkbaar zware ketel soep. Naast haar een jongen met een grote pollepel, waarvan hij de steel in de ene hand en de schep in zijn andere hand hield, bovenop een aantal van resten soep doordrongen servetten. Niet echt een appetijtelijk aanzicht.

Pollepel - 000 (klein)

 "Moet er iemand soep hebben?" vroeg de jongen. Wie reageerde zei "neen, dank u" of bewoog het hoofd een paar keer van links naar rechts en terug om hetzelfde antwoord te geven, maar dan visueel.  Ook ik bedankte voor het aanbod, dat nochtans niet rechtstreeks tot mij was gericht. Het kan idioot lijken, maar ik zag enkel die twee jongelui en veronderstelde dus dat iedereen uit diezelfde soeplepel moest drinken. Die dan telkens gereinigd werd, vandaar die doordrenkte servetten. Maar mijn mond aan die lepel zetten, wat even voordien ook een wildvreemde had gedaan, dat zag ik helemaal niet zitten. Zulks doe ik niet als ik in Europa ben! Opeens kwamen echter nog twee andere meisjes opdagen, waarvan er eentje een mand droeg met soepkommen, lepels en servetten in. Maar niemand van de ouders kwam op haar of zijn beslissing terug. Ook ik niet.

Niet stoppen met lezen, want mijn verhaal is nog lang niet ten einde. De plot moet nog komen! Tijdens het wachten op audiëntie door de leerkracht wiskunde, merkte ik op dat de gang stilaan leegliep. Diverse leerkrachten deden hun jas aan en vertrokken. Ook de meeste, ten behoeve van de wachtende ouders, in de gang geplaatste stoelen, stonden er nu werkloos bij. Aan Caroline liet ik weten dat ik er niet gerust in was. Dat wij nog met de lift naar beneden moesten en dat ik bang was dat we vast zouden komen te zitten in de lift en alzo opgesloten en achter zouden blijven in een verlaten schoolgebouw. Mijn eega deelde deze vrees niet.

Na het onderhoud met de wiskundeleraar, repten we ons naar de lift. Teneinde van de derde verdieping, waarop we ons bevonden, terug op het gelijkvloers te geraken. Ik reeds schuin in de cabine. Caroline kwam naast mij staan, sloot de deur en drukte op de '0'. Er gebeurde niks. Geen van ons beiden stond we voor het oog/de ogen die de deur beveiligen. Dat kon dus niet de oorzaak zijn van de malfunctie. Dus nogmaals geprobeerd. En nog eens. Uiteindelijk kwam de lift dan toch in beweging, om even later met een schok alweer halt te houden, tussen twee verdiepingen. Op welke knop er ook werd gedrukt, er kwam geen beweging in dat ding. Mijn voorgevoel dreigde bewaarheid te worden!

Caroline probeerde dan maar de lift te laten bewegen door de knop ingedrukt te houden. Eureka! Dat lukte... even. Alweer was de lift met een schok stil komen te staan. De truc met het ingedrukt houden van de knop werkte deze keer niet. Wat nu gezongen? Iemand bellen? Maar wie? En het belkrediet van mijn GSM-kaart was zo goed als opgebruikt. Hopelijk dat van Caroline niet. Maa
r ik durfde het haar niet te vragen. Gelukkig bleef de licht in de liftcabine branden. Na even gewacht te hebben, kwam er bij het blijven ingedrukt houden van de liftknop uiteindelijk toch weer beweging in de lift en geraakten we zo, in enkele etappes, dan toch terug op de begane grond. Oef! Dat was in elk geval de laatste keer dat die lift me heeft mogen vervoeren. Het risico vast te blijven zitten, neem ik niet meer.

Helemaal buiten geraken via de voordeur was er ook niet meer bij. Vrijwilligers om dat hellend vlak te helpen verplaatsen waren er niet te bespeuren. Gelukkig was de achterdeur niet op slot en kon ik dus in het pikkedonker langs de achterzijde het gebouw verlaten. Als een dief in de nacht. En met gevaar lek te rijden op een onzichtbaar object. Leuk is anders!

Thief in the night - 003

27-10-08

Mijn gedacht!

Net geen 2.500 motorrijders namen gisteren deel aan de 17de Herfstrit van de Moerzeekse Hartrijders. Met het vehikel waarmee ik mij noodgedwongen de godganse dag verplaats, viel ik aardig uit de toon tussen al die prachtige, veelal zware motoren. Maar ik was wel de enige persoon die met zijn machine binnen in de sporthallen mocht rondcrossen! Zo zie je maar dat je zelfs uit iets, dat op het eerste zicht enkel ellende uitstraalt, toch ook nog je voordeel kan halen. Lachen

Hartrijders

In de als inkomhal ingerichte kleine sporthal van 'De Wuiten' was dé attractie te vinden op het standje van sponsor 'Motorkledij TRACK' uit Waasmunster. Daar was een kunstenares aan het werk, met airbrush en penseel. De dame gebruikte deze en andere attributen om een, ei zo na naakte jongedame een motorpak, met alles erop en eraan op het bevallige slanke lichaam te verven. Op de afbeelding hieronder zie je het resultaat.  De foto waarbij dat schoon kind op mijn schoot zit, ga ik hier niet publiceren. Kwestie van problemen thuis te vermijden. Of misschien ook wel omdat die prent enkel in mijn fantasie bestaat?! Knipogen

Bodypainting

Ondanks de mindere opkomst kon 's avonds, door de peter van de club Marijn De Valck, toch een cheque van 12.000 Euro worden overhandigd aan de 'Vlaamse Vereniging Autisme'. Een mooi bedrag, mijn gedacht!

Terwijl men in de sporthal het opruimen aanvatte, installeerde ik me, als gast van bestuurslid en sponsor, Paul Weyn, in de cafetaria, voor de gelegenheid omgetoverd tot VIP bar. De klok aan de wand duidde 19u aan. Een beetje later zat ik aan een tafeltje, vanwaar die wandklok niet meer zichtbaar was. Toen ik even de tijd controleerde op mijn mobieltje, merkte ik dat het reeds na 21u was. Wat ging te tijd toch snel! Blijkbaar hadden die twee gevoerde gesprekken meer tijd in beslag genomen dan ik dacht. Wat later vroeg mijn zoon wanneer we naar huis zouden rijden. "Binnen een dik half uur", meldde ik hem. "Om 22u komt het busje, zo heb ik afgesproken met de chauffeur!". Waarop Austin me zei dat het dan wel nog anderhalf uur zou duren voor we zouden vertrekken! Waarop ik me realiseerde dat ik de klok van mijn GSM nog niet had aangepast aan het winteruur! Het zou al te belachelijk zijn geweest als ik daar tevergeefs een uur te vroeg op dat busje had staan wachten! Lachen

Herfstrit 2008 Sticker (klein)

Klik hier voor een verslag en foto van de rit, in de regionale pagina's van het online Nieuwsblad.

07-10-08

Misverstand

Het is al uitgekomen wie mijn blog als zijnde 'slecht' beoordeelde. Enkele klasgenoten van Austin zijn de voornaamste 'schuldigen'! Die kwamen tijdens het websurfen op de computers van de school, bij toeval (?) op mijn weblog terecht. Bekeken deze eens snel, vonden er maar niks aan ('saai!'), gaven een slechte beoordeling, en klikten door, op zoek naar meer spannende webpagina's! Austin deelde mij dit enkele dagen geleden mee, zomaar, langs zijn neus weg. Interessant om weten. En ik heb er helemaal geen probleem mee. Waarom zou ik ook?

9mm gun (small)

klik op de foto

Toen diezelfde Austin, vele maanden geleden, voor het eerst  'I got a 9mm' zong, liet ik hem weten er beter aan te doen te zwijgen. Om pesterijen te voorkomen. Een exemplaar van slechts 9 mm is niet echt een lengte om trots op te zijn en mee te koop te lopen. De jongen schudde meewarrig het hoofd en deelde me mee dat het hier wel het patroonkaliber van een pistool betreft. En de tekst uit een liedje komt met dito titel!

Klik hier voor een filmpje van dit liedje met David Banner, die wordt bijgestaan door Akon, Snoop Dogg en Lil Wayne.

David Banner, Akon, Lil Wayne & Snoop Dog

Inmiddels ken ik de tekst van deze rap song ook al lang van buiten. Dat kan trouwens moeilijk anders, want ik heb dat liedje al zo vaak horen weerklinken uit de luidsprekers van mijn zoons hun GSM, de laptop en de muziekinstallatie. Wel minstens 10.000 keer! Akkoord, nu overdrijf ik misschien een beetje... of  (heel) veel.... Maar het is beter te 'overdrijven' dan te 'onderdrijven'. Want dat laatst vernoemde woord staat noch in het Groene boekje, noch in de Van Daele en zeker niet in de Prisma. Simpelweg omdat het woord officieel (*) niet bestaat! En zinnen construeren met onbestaande woorden, leidt enkel tot verwarring, onverstaanbaarheid en misverstanden!

Verwarring

Meer heb ik daarover niet te vertellen. Moest dit een column zijn, waarvoor ik per regel word betaald, dan zou ik hier nog wat onzin aanbreien. Maar tot nader order doe ik dit GRATIS en voor niks. Dus hou ik het hierbij! Voor vandaag althans. Saluut, de kost en tot morgen, overmorgen of een andere dag dat ik goesting heb om iets aan de wereld mede te delen. En jullie zin hebben en moeite doen om mijn schrijfsels te lezen!

(*) Volgens de digitale bibliotheek voor de Nederlandse letteren (dbnl) is 'onderdrijven' jagerstaal voor 'het konijn in de pijpen drijven'