25-11-10

Eindelijk!

Mercedes Sprinter 308 CDI.JPGZij die regelmatig mijn logs lezen, zullen zich vast wel één of meerdere postjes herinneren waarin ik meldde dat ik super graag mijn mobiliteit wou vergroten, door het aankopen van een aangepast busje. Wel, het is er eindelijk van gekomen. Ik heb de eer en het genoegen jullie mede te kunnen delen sinds kort de beschikking te hebben over een eigen personenbus! Lachen

Rich girl - 001a.JPGVoor de financiering ervan heb ik zelf moeten zorgen. Want die vermogende jonge miljardairdochter, waar ik halvelings op had gerekend, ben ik nog steeds niet tegen het bevallige lijf… euh… gelopen Knipogen Nu ja, als dat schoon kind alsnog opdaagt, dan ga ik haar zeker niet wegsturen. Ze kan haar (nieuwe) Porche Carrera GT, toevallig ook mijn favoriete type auto, op de parking voor mijn woning laten staan om mij gezelschap te houden bij mijn verplaatsingen met mijn (tweedehands) Mercedes-Benz Sprinter 308 CDI.

 

Female chauffeur - 000a.JPGWie weet heeft die griet zelfs een privé chauffeur die ik dan even mag lenen om mijn voertuig te besturen. Want aangezien ik niet (meer) zelf kan rijden, zal ik immers op zoek moeten gaan naar een aantal chauffeurs met een hoge beschikbaarheidfactor, want anders geraak ik uiteraard nog altijd nergens. Knipogen

Het hoeft wellicht niet te worden ‘gezegd’, maar toch doe ik het: dit busje opent heel wat nieuwe perspectieven. Eindelijk zal ik weer op plaatsen geraken waar ik al zo lang niet meer ben geweest. Zoals bijvoorbeeld onze Noordzeekust. Eindelijk zal ook ik eens kunnen instaan voor het vervoer van mijn kinderen en hun vrienden naar één of andere activiteit. Eindelijk zal ik eens mensen kunnen uitnodigen & oppikken voor een uitstap… En eindelijk kan ik plannen maken voor de volgende zomer: de muziekfestivals, De Gentse Feesten en zo meer! Lachen

Wuivend monstertje - 000.JPGNaast mijn woning dient nog een carport te worden geconstrueerd. Om mijn ‘dierbaar’ transportmiddel enige bescherming te bieden tegen UV- straling, vuil en nadelige weersinvloeden zoals regen, wind en vorst. Mijn machine zelf moet ook nog eens grondig worden onder handen genomen. Om alle onvolkomenheden weg te werken. En mijn bus nog iets meer ‘op maat’ te maken. Maar eens tiptop in orde, zal ik er dikwijls mee op de baan zijn. Waardoor de kans niet onbestaande is dat ik jullie tijdens één van mijn ritten passeer. Begin dus nu maar al te wuiven! Lachen

>>> Klik ook eens op de afbeeldingen en op de onderlijnde tekst! <<<

15-01-10

De wereld draait door

  

Hostess - 000De tweejaarlijkse 'European Motor Show Brussels', bij het grote publiek genoegzaam bekend  als het 'Auto- en motorsalon' is weer geopend. Uit de beelden die ik bij de vooropening voor de perslui mocht aanschouwen, vielen me direct een aantal bijzonder aantrekkelijke modelletjes op. Naast, op of in de op de beurs tentoongestelde auto's. Knappe dames in een sexy outfit. Het kan niet missen dat zoveel mannen telken male naar het salon trekken. Desnoods in het gezelschap van vrouw en kind(eren). Onder het mom uit te kijken naar een nieuwe gezinswagen, houden ze zich, zonder dat het opvalt bij de partner of andere aanwezigen, een ganse dag ledig met het ongegeneerd beloeren van mooi, jonge hostesses

Wie uit mijn vorige postje zou afleiden dat ik me gedurig aan alcoholmisbruik te buiten ga, dien ik, al naar gelang diens visie, gerust, dan wel teleur te stellen. De beschreven gebeurtenis dateert immers van 8 à 9 jaar geleden en was trouwens ook toen geen dagelijks voortkomend fenomeen. Alhoewel we in het revalidatiecentrum, tijdens het 's avonds gezellig samen zitten, al dan niet met familie of vrienden er bij, graag een pintje bier dronken of een fles wijn kraakten. Maar meestal leidde dit niet tot excessen. Want die waren verboden. En werden, zo het toch gebeurde, gesanctioneerd. Soms zelfs met gedwongen ontslag!

Pils - 001Tijdens mijn jeugd dronk ik al eens een pintje. Maar nooit buitensporig. En ik had het geluk er nogal goed tegen te kunnen. In de jaren dat ik, als tiener, in mijn vrije tijd en tijdens de vakantieperiodes bij een bloemist werkte, kreeg ik, als we in de zomer met zijn allen op het veld bezig waren, op geregelde tijdstippen een koel flesje pils aangeboden. Dat ik gretig aannam en uitdronk. Uit het flesje uiteraard. En vooral als dorstlesser, maar ook een beetje voor de calorieën, want het zware werk op de bloemenakkers was energievretend! En de zeldzame keren dat we des winters, bij vrieskou, klussen opknapten aan de tuinbouwinstallatie, kipten we zo nu en dan een teug jenever of zelfs cognac door ons keelgat achterover. Omdat men in die tijd, begin de jaren tachtig, nog steeds geloofde dat zulks een deugdzaam effect heeft en het lichaam opwarmt. Inmiddels weet men beter. Alhoewel ik merk dat sommige mensen, omwille van het genot, die wetenschap opzettelijk naast zich neer leggen.

De bloemist, een brave, hardwerkende en goedhartige man, die me als minderjarige drank toestopte kan je, zo je daar al de nood toe zou voelen, niet meer voor die daad op het matje roepen. Want hij leeft helaas niet meer sinds hij, al minstens twee decennia geleden, in één van zijn bedrijfsstallen werd gevonden, met om zijn nek een, als een strop, in een lus geknoopte koord, waarvan het andere uiteinde aan een dwarsbalk was vastgemaakt, en zijn voeten bengelend op enige afstand van het grondoppervlak. Wenkbrouw ophalen

Pils - 000Vroeger was het trouwens een evidentie dat je als jongere, op weg naar de volwassenheid, bij het werken met en als 'grote mens', ook profiteerde van de geneugten van de ouderen. Toen ik later in het weekend uitging dronken mijn maten en ik ook wel enkele, liefst versgetapte pintjes bier. Ook toen als dorstlesser en sterkhouder, want ook het dansen slorpte veel energie op. Om maar te zwijgen over het achter de meisjes aanlopen. Knipogen

Eens volwassen en met de auto rijdend, dronk ik nauwelijks nog iets waar alcohol in zat. Niet omwille van de vrees voor een bekeuring bij een eventuele controle, maar 'gewoon' uit veiligheidsoverwegingen. Want alcohol in het bloed maakt je sowieso minder alert en vermindert het reactievermogen. En om vrolijk en uitgelaten te zijn heb ik nooit drank nodig gehad, maar wel een leuk gezelschap.

Sinds ik bijna een decennium geleden verlamd en in een rolstoel geraakte, adviseerden mijn achtereenvolgende longartsen me om het nuttigen van alcoholische dranken zo beperkt mogelijk te houden. Vandaar dat ik mij jarenlang hield aan een regime van het zo nu en dan eens drinken van een glaasje witte wijn. De laatste twee jaar ben ik evenwel ook daarmee gestopt. Enkel een beetje schuimwijn durf ik nog te drinken, bij speciale gelegenheden. Maar enkel bij gebrek aan een alternatieve drank. Want nu mijn lichaam totaal geen alcohol meer gewoon is, wordt ik al slaperig van een half glas wijn. Ik kan er dus hoegenaamd niet meer tegen!

Iets anders nu. Met de realisatie van mijn goede voornemens zit het GOED! Dat aangepast busje kopen kan nog wel even duren, maar in het inkomende postvak van mijn elektronische brievenbus blijven nooit meer dan vijf berichten staan. Dat gezonder eten doe ik en diëten eveneens. Met gunstig gevolg, want de pin van de sluiting van mijn broeksriem kan al twee gaatjes verder worden gestopt. Drie gaat ook, maar bezorgt me een onbehaaglijk gevoel. Omdat het ademen dan ferm wordt bemoeilijkt! Knipogen

Michael Jackson - 000Mijn plan om meer te bewegen breng ik ook al sinds enkele weken dagelijks ten uitvoer. Tot vreugde van mezelf, want ik warm er mijn lichaam mee op, wat bij deze koude mooi is meegenomen, en voel mij er bovendien zowel fysiek als mentaal ook beter bij. Dat hartelijk lachen valt me soms moeilijk en vraagt dikwijls wat improvisatie. Stimulatie door het lezen of aanhoren van een mop, bijvoorbeeld. Of het bekijken van een grappig filmpje of de weergave van de registratie van een optreden van één of andere komiek. Iets waar zoons Brian en Austin me doorgaans graag en soms zelfs spontaan bij helpen. Zingen gebeurt ook elke dag. Dat vormt geen enkel probleem. En mijn stemkwaliteit gaat er hoorbaar op vooruit. Verwacht evenwel niet dat ik de nieuwe 'Michael Jackson' wordt. Qua kleur zit ik goed, wegens ook blank. Zelfs sinds mijn geboorte! Maar mijn stem zal nooit aan de zijne kunnen tippen, want ik ben nog te veel man om zo hoog te kunnen zingen. En naar voorkomen en imago toe kom ik ook niet in de buurt van deze van de 'king of pop'. ik slaag er zelfs met de hulp van mijn kinesist niet in om zijn danspasjes te kopiëren. Daarenboven heb ik ook nog steeds al mijn haar en een onafneembaar reukorgaan!

09-01-10

Belevenissen in het UZ – Een beetje tipsy

  

CLNR - 000Een revalidatiegenoot, die in het centrum verbleef omdat hij een voet, onderbeen en knie was kwijtgeraakt, alle drie de lichaamsdelen gelukkig van dezelfde lichaamszijde, had mij en enkele andere revalidatiegenoten uitgenodigd om na het middagmaal in zijn kamer een glas te komen drinken.

Als ik het mij goed herinner was die man zijn ledemaat kwijt geraakt bij een arbeidsongeval. Vandaar allicht dat hij de privilege had in een eenpersoonskamer te mogen verblijven. Dat zal waarschijnlijk wel in de polis van de ongevallenverzekering van zijn werkgever zijn voorzien geweest. En de kerel kon er maar wel bij varen. Want enige privacy vermindert toch het ongemak van het verblijf in een verzorgingsinstelling.

Een uitnodiging om wat geestrijke drank in mijn lichaam te kappen, dat sloeg ik uiteraard niet af. Bovendien rekende ik erop dat het een leuk onderonsje zou worden. Het kliekje dat de brave man had geïnviteerd was gewoonlijk al een vrolijke bende. En eens we wat alcohol in ons bloed zouden hebben, werden we vast nog plezanter!

Na het eten spoedde ik me dus, al rollend uiteraard, naar die kerel zijn kamer. En kwam daar toch niet als eerste aan, want er stond al volk aan de deur. Op het punt naar binnen te gaan. Ik rolde achter hen aan de kamer in. Waar we niet in de ruimte zwommen, want onder de gasten, een vijftal, denk ik, zowel van vrouwelijke als van mannelijke kunne en van diverse leeftijden, zat het merendeel in een rolstoel. Maar enkel ik in een elektrische.

Fles Cointreau - 000Mijn maat was goed voorzien in zijn eenpersoonskamer. Hij toverde enkele borrelglaasjes uit een kast. Uit het koelkastje naast zijn bed, haalde hij ijsblokjes en uit nog een andere kast toverde hij een fles Cointreau te voorschijn. Een Franse likeur met een alcoholpercentage van 40%. Een drank die vaak als bestanddeel in cocktails wordt gebruikt. Maar wij zouden het spul puur drinken. Met, voor wie dat wou, enkele ijsblokjes er bij in het glas.

Alleen al de geur die vrijkwam bij het geroutineerd openen van de fles door onze gabber, deed ons reeds goesting krijgen. De glazen werden gevuld en er werd geklonken op de vriendschap, een voorspoedige evolutie van onze revalidatie en een goeie start van onze voor nadien geplande activiteiten.

En het werd nog beter! Onze revalidatievriend haalde uit een boodschappentas die op zijn bed stond, een zak toasten naar boven. En kwam, uit zijn koelkastje, ook met een stuk boerenpaté voor de dag. Waarvan een dikke laag op elk van de toastjes werd gesmeerd. Lekker! En welgekomen, want ik begon, van de drank, al wat duizelig te worden.

Zo zaten we daar te genieten van spijs en drank en elkaars gezelschap. En werd er honderduit gepraat over heden, verleden en vooral de toekomst. Wat onze plannen waren voor na de revalidatie. Onze hoop, verlangens, maar ook onze angst. Alles werd ten berde gebracht. De geestrijke drank, die inmiddels reeds door onze aders stroomde, stimuleerde uiteraard de openheid van ons gesprek.

Man, dat was genieten! Gezelligheid alom. Maar hoe prettig we ons samenzijn ook vonden, we dienden er een eind aan te maken, om onze namiddagactiviteiten aan te kunnen vatten. Bij mij was dat op de eerste plaats een afspraak bij de bandagist, samen met mijn revalidatiearts!

Toen ik dat aan mijn lotgenoten vertelde, barstten ze allen samen uit in lachen. Beneveld door de inhoud van mijn, door de gastheer, geregeld gretig bijgevuld glas Cointreau, was ik immers zelf ook nogal lacherig geworden, en zag ik er naar verluidt niet meer erg fris uit. Bovendien zou, volgens hen, mijn adem ook vast naar de geconsumeerde drank ruiken!

Verdorie toch! Moest ik nu juist vandaag een afspraak met de dokter hebben? Onze traktant had evenwel klaarblijkelijk ervaring in het verdoezelen van een (lichte) beschonkenheid. Hij gaf direct een stukje kauwgum aan me, om op te knabbelen, zodat alvast de drankgeur werd weggemoffeld. Maar ik at volgens hem best ook eerst nog een toastje, om die opkomende slaperigheid te verminderen. En ook eventjes buiten wat frisse lucht gaan opsnuiven zou in deze vast helpen.

Koe - 000.jpeg (klein)Ik volgde de man zijn goede raad op. En verorberde dus nog een laatste, super lekker toastje met een dikke laag, zeer smaakvolle paté en stak vervolgens een stukje kauwgum in mijn mond. De smaak van het knabbelblokje was aardbei. Dat viel dus nog best mee. Toch begin ik er  met enige tegenzin op te knabbelen, want dat kauwen laat ik doorgaans liever over aan de runderen, schapen, geiten en de overige herkauwers onder de zoogdieren.

De gasten dankten elkaar voor de fijne babbel en het aangenaam gezelschap en de gastheer daarbovenop ook voor de uitnodiging, het ter beschikking stellen van zijn tijdelijke woonplaats en de door hem geserveerde lekkere drank en belegde beschuitjes.

Ontzettend licht in mijn hoofd reed ik, na het verlaten van mijn maat zijn kamer, de gang in en trachtte in een rechte lijn naar de uitgang te rijden. Waar ik dankzij de automatisch openschuivende deuren, zonder de hulp van derden, naar buiten geraakte. Alwaar een aantal revalidatiecentrumbewoners een sigaret zat te roken. Om frisse lucht op te snuiven moest ik dus wat verder rijden, tot aan de autoweg, die binnen het universitair ziekenhuisterrein de verschillende gebouwen bereikbaar maakt.

Al kauwend reed ik een vijftal minuten later terug het centrum binnen. Iets minder licht in het hoofd, maar wel lichtjes zigzaggend. Want mijn coördinatie had toch wat te lijden onder mijn licht benevelde toestand. Maar toch geraakte ik, zonder ergens tegenaan te botsen, tot aan het dokterkabinet. Het geluk stond voor één keer aan mijn zijde. De secretaresse van de revalidatiearts meldde me dat haar overste was weggeroepen voor een dringende interventie. Waardoor ik op mijn eentje naar de bandagist mocht 'gaan'.

Drunk smiley - 000Dat 'gaan' werd een zwalpend rijden. Maar ook nu reed ik niemand onder de voet en botste ik nergens tegenaan. Nochtans niet eenvoudig in enigszins duizelige toestand en met een wazig zicht. Want in de gang die ik doormoest stonden er her en der stoelen tegen de wand, sommige met een persoon op, andere onbezet en ook nog wel wat andere obstakels, doorgaans medische hulpmiddelen. Voorts was er daar inmiddels ook al heel wat volk in beweging. Zowel residenten van het revalidatiecentrum als ambulante patiënten. Rolstoelers, personen met één of twee krukken, met een rollator...

Gelukkig hoefde ik aan het atelier niet te wachten op de bandagist, want anders was ik ongetwijfeld ter plaatse in slaap gevallen. De man was reeds aanwezig en onmiddellijk beschikbaar om met mij de reden van mijn komst te bespreken. En ik slaagde er wonderwel in om mezelf, gedurende het ganse onderhoud, wakker en deftig te houden.

Ru(sh)di(e), 9 januari 2010.

De ganse serie 'Belevenissen in het UZ', kan je lezen via deze website

11-08-09

Mooie liedjes blijven niet duren

Misschien maar best ook, want op de duur zou dat ook vervelen. En het tekort aan slaap moet ook eens kunnen worden ingehaald! Niet Schoon volkwat mezelf betreft, want voor mij is het een kalme week geweest. Waarin ik, op een tweetal dagen na, steeds vrij vroeg de feestzone verliet. Om de afspraak met mijn thuisverpleegkundige niet te missen, om in bed te geraken. Dit jaar kon ik immers de energie niet opbrengen om al liggend in mijn rolstoel, de nacht door te brengen.

Veel schoon volk gezien. En hoe warmer het overdag was geworden, hoe schaarser het vrouwvolk gekleed ging. Dus de in de Polifonics 2009feestzone aanwezige liefhebbers hebben 10 dagen lang hun ogen ruimschoots de kost kunnen geven. In de centrumstraten binnen de feestzone en op de diverse terreinen.

Mede door het warme, droge weer was er steeds redelijk wat, tot heel veel volk op de been en aanwezig op de locaties waar de optredens plaats vonden. In de tent van de Polifonics bijvoorbeeld. Die, als naar gewoonte, stond opgesteld in het Prinses Josephine Charlottepark. Wegens de te geringe bewegingsvrijheid door ondermeer de vele tafeltjes en stoelen, voor mij niet zo een leuke plek om te vertoeven.

Nog meer aanwezigen waren er op de Grote Kaai, waar de Lokerse Feesten hun feestplein keer op keer bijna, of volledig zagen vollopen. Lokerse Feesten 2009 IGoed voor 15.000 zielen. Toen ik daar de sfeer ging opsnuiven, en van de gelegenheid gebruik maakte om naar wat groepjes te luisteren, deed ik dat van op het platform dat daar in een hoek aan de ingang stond opgesteld. Net niet buiten de omheining. Verder weg van het podium kon niet. Voor mijn gezelschap was dat op het verhoog zitten leuk, want daar waren stoelen aanwezig. En je overziet het terrein en hebt goed zicht op het podium in de verte. Maar opgenomen in de uitgelatenheid van de meute ben je helemaal niet. En het voortdurend heen en weer geloop van mensen, was storend. Want niet alleen de in- en uitgang was daar vlakbij, maar ook één van de toiletlocaties.

 

Lokerse Feesten 2009 IIHet toilet voor de rolstoelers stond trouwens opgesteld net naast het hellend vlak om op het rolstoelerbalkon te geraken. Zo moesten die mensen bij hoge en dringende nood niet ver 'lopen'! Die toiletten zijn jammer genoeg sinds jaar en dag niet omvangrijk genoeg voor grote mensen als ik in grote elektrische rolstoelen. Die blijven dus meestal thuis, waardoor organisatoren en verhuurders van dergelijk sanitair er geen nood aan voelen ook voor hen degelijke faciliteiten te voorzien. Een jammerlijke spiraal zonder einde. Wenkbrouw ophalen

In het programmaboekje van de Fonnefeesten, die zoals steeds plaatsvonden op de Oude Vismijn, omdat het petieterige Fonneplein veel te klein is om gans die accommodatie te herbergen, had ik iets gelezen over het beschikbaar zijn van een aangepast toilet en zelfs een ADL-assistent(e) (Activiteit Dagelijks Leven) die hulp zou bieden bij praktische zaken zoals gebruik van toilet, zich verplaatsen, eten, ...

Wat ik niet gelezen had, of inmiddels vergeten was, is dat je die hulp op voorhand diende aan te vragen op het secretariaat, wat ik dus NIET had gedaan! Voor de organisatoren is het blijkbaar evident dat je als zorgbehoevende op voorhand dag en tijdstip weet waarop je moet plassen of  kakken of wanneer je zin hebt in een snack. En dat je komst naar de activiteit mogelijks afhankelijk is van het weer en nog een resem niet ver vooraf te voorziene andere factoren, daar hebben zij blijkbaar nog niet bij stil gestaan.

Fonnefeesten 2009 IISoit, op een gegeven moment aan het begin van de feestperiode, voelde ik een redelijke druk op mijn blaas. En dacht ik dat ik, in plaats van eens heen en terug naar huis te rijden, wat riskant was met die kapotte batterijen, waarover ik het straks nog zal hebben, gebruik te maken van de ter plaatse voorziene sanitaire voorzieningen en de ADL-assistent(e). Maar waar zou ik die vinden? Bij de mensen van het Vlaamse Kruis misschien?

Dus toog ik naar hun tentje, aan de zijingang, vlakbij het podium. De jongedame die ik eerst aansprak viel uit de lucht. Figuurlijk wel te verstaan. En ging ten rade bij haar oudere collega. Aan wie ik mijn vraag herhaalde op zoek te zijn naar een toegankelijk toilet met assistentie. Ook deze dame wist van niks. Maar wees mij de plaats aan op het terrein waar ik alvast een toilet kon vinden voor rolstoelers. Haar aanbod om met me mee te gaan wees ik vriendelijk af. Ik heb immers een hekel aan zulk een 'begeleide' verplaatsing door de menigte.

Na een tussenstop op een andere toiletlocatie waar men niet eens op de hoogte was van het bestaan van een rolstoelertoilet, arriveerde ik daar waar ik wezen moest. De persoon die de kassa deed aan de toiletten, hoorde niet goed. Dus vroeg ik aan de toiletdame zelf naar die ADL-assistentie. De dame wist van niks, maar offreerde onmiddellijk om navraag te doen op het secretariaat van de feesten,; gevestigd in twee op elkaar geplaatste bureaucontainers, die stonden opgesteld vlak naast de toiletten.

MayasmovingcastleEven later stonden daar twee dames van het Vlaamse Kruis. Andere dan deze die ik voorheen aansprak. Dus mocht ik opnieuw mijn uitleg doen. Mijn plasser in een urinaal houden zagen de vrouwen niet zitten. Dat was mannenwerk! Dus werd een mannelijke collega opgeroepen. Die kwam, en omdat we inmiddels hadden vastgesteld dat die toiletcabine enkele maten te klein was voor mij, verdwenen we achter de omheining, waar ook geen privacy was, want geregeld kwam daar volk langs. Maar dat probleem werd verholpen door de twee dames die een deken naast mij hielden, terwijl de man me hielp. Een volgende keer zou ik hun tent mogen gebruiken. Tof!

Wat een gedoe dus! Dat veel mensen die eenzelfde lot beschoren zijn als mij allicht weerhoudt van het deelnemen aan activiteiten als dit. Mij houdt dat evenwel niet tegen. Dus bracht ik toch het grootste deel van mijn tijd door op het terrein van de Fonnefeesten. Het is en blijft elk jaar tijdens de feestweek mijn favoriete vertoefplek. Alwaar ik via de zijingang gemakkelijk tot aan een plekje op enige afstand van het podium geraak. En er ook vrijwel moeiteloos en snel weer weg geraak. Het is enkel oppassen geblazen voor glasscherven, want op dit terrein serveert men de drank in glazen.

En een lekke band kon ik wel missen. Want reeds de tweede dag van de feesten had ik al te maken met materiaalpech. Op de terugweg naar huis, van een namiddagfeestje, vielen de batterijen van mijn elektrische rolstoel uit. Op een brug over de ijzeren weg. Met veel moeite en aan een slakkengang geraakte ik thuis. Ik liet mijn accu's onmiddellijk bijladen, maar durfde het risico niet aan om nog naar het centrum te rijden.

De volgende dag reed ik wel naar het plein, maar met een bang hart. En de dag erna ook. Maar daarna werden er nieuwe batterijen geleverd door de firma waarvoor ik dag in, dag uit, reclame maak doordat hun firmanaam in het groot te lezen staat op de rugzak die achteraan mijn machine hangt.  

Fonnefeesten 2009 (zanger)Qua zichtbaarheid van het podium en al wie er op stond, had ik doorgaans niet meer hinder dan gelijk welke andere persoon. Soms had ik het genoegen te kunnen vaststellen dat attente jongedames en -heren er continue voor zorgden dat ik steeds vrij zicht had op wat zich afspeelde op het podium. Mij hoeft men al lang niet meer te overtuigen dat er wel degelijk nog 'mooie' mensen bestaan. Mijn ervaring is, en werd alweer tijdens deze ganse 10-daagse bevestigd, dat je waar veel volk is,  je als hulpbehoevende nooit hulpbehoevend bent. En er ook altijd personen zijn die je mee opnemen in hun plezier, niet uit medeleven, maar als gelijkwaardige.

De aangeboden 'weed' heb ik evenwel systematisch geweigerd. Na even op, of aan de rand van één van de feestterreinen te hebben vertoefd, was ik immers al halvelings 'high' van de ingeademde rookslierten die werden geproduceerd door overal aanwezige gebruikers. Er werd trouwens ook serieus wat ander spul gerookt, gespoten, gedronken en gesnoven. Van horen zeggen heb ik het volgende. Op het feestterrein van de Lokerse Feesten, tijdens het optreden van dance-pioniers Orbital, zag een rijpe veertiger, een manspersoon die toch wel af en toen buiten komt, dus geenszins wereldvreemd is, een jonge kerel iets uit een klein glazen flesje, bij zijn frisdrankje gieten. Hij vroeg de jongeman wat die aan het doen was. Die keek hem vragend aan en vroeg: "Zijde gij dom ofwa?" En, terwijl hij zijn blik opnieuw op zijn bezigheden richtte, vervolgde de, zoals zou blijken, junk: "Da's 'gewoon' vloeibare XTC, man!"

Fonnefeesten 2009 IVSoms had ik wel eens pech met mijn uitzicht op het podium. Zo stonden er, tussen de meute voor mij, eens op een avond twee mannen van meer dan 2 meter lang. Ze staken met kop en schouder boven de rest uit. Ik stond centraal, één van het stond uiterst links, de andere nagenoeg uiterst rechts van het podium. Naarmate het optreden vorderde, schoven die kerels, allebei met een vrouwelijke gezel aan hun zijde, meer op naar het midden van het terrein. Tot ze elkaar bereikten en op dat punt bleven stilstaan. Vlak voor mijn neus! Vervelend, maar ook grappig. Ik heb me gewoon verplaatst. En gelukkig zijn ze me niet gevolgd! :-)

Tijdens het eerste optreden op de laatste dag zat iedereen neer op een stoel. Behalve één man. En je raadt het uiteraard al. Hij schoof beetje bij beetje op om uiteindelijk halt te houden vlak voor waar ik zat. En bleef staan, tot ik hem vriendelijk verzocht een beetje op te schuiven. Wat hij, onder het uiten van verontschuldigingen, prompt deed. Wie niet spreekt kan niet gehoord worden.

Je ziet op zulk een festiviteiten enorm veel diverse figuren. Waaronder een hoop rare kwieten. Die doorgaans geen of slechts een beetje last bezorgen. Of integendeel zelfs voor een, lekker meegenomen, extra attractie zorgen. Soms wordt ik ook aanzien als zo een personage. Dan staat men mij aan te staren, allicht tot ik een kunstje uithaal. Wat dus vergeefse moeite is, want veel meer dan eens vriendelijk lachen naar de mensen, of mijn ogen laten rollen, doe ik niet. Misschien moet ik volgend jaar toch maar mijn mondorgel meenemen naar het plein. En een schaaltje om de gulle schenkingen in te verzamelen. Wie weet geraak ik zo nog aan geld om een busje te kopen. Lachen

Karikaturale, clichés bevestigende  types dagen ook vaak op. Om één voorbeeld te geven. Een groepje zware jongens kwam vroeg op de avond langs de zijkant het terrein opgestapt. Kerels met lang haar en tatoeages op hun armen en in hun nek. En waarschijnlijk ook op hun schouders. Maar dat kon je niet zien door die verschillende lagen mouwloze vestjes die ze boven elkaar aanhadden. En welke hen ook een breedgeschouderd aanzien gaf. En hen er onterecht indrukwekkend en gevaarlijk deed uitzien. Allemaal visueel bedrog!

Fonnefeesten 2009 IIISamen met hun vrouwelijk gezelschap verplaatsten ze zich recht richting toog. Je had toch niks anders verwacht?! Enkele minuten later stonden ze daar allemaal, hun grieten inclusief, met een glas schuimend bier in de hand. Of één in elke hand. Afhankelijk van hoe warm ze het hadden of hoe dorstig ze waren, veronderstel ik.

Een uur later stonden die daar nog steeds. Nu allicht niet meer van de dorst, maar van de goesting, met een verse pint in de hand. Of één in elke hand. Om in evenwicht te blijven, vermoed ik. De grieten stonden met elkaar te praten en gluurden in elkaars boezem. Alhoewel ik van dat laatste niet geheel zeker ben. Mogelijks speelt mijn fantasie me hier parten. Knipogen

Weer een uur later zag je nog steeds hetzelfde tafereel. Alleen was de schikking wat veranderd. En er was er al één die wat heen en weer waggelde, en enkele anderen stonden niet meer recht, maar hingen nu letterlijk aan de toog. Eén deugniet had één van zijn zware pollen onder het korte rokje van allicht zijn partner, gestoken en je zag hem duidelijk onder de dunne stof haar billen kneden. "Ze kunnen er maar deugd van hebben" denk ik steeds bij zulk een taferelen. Knipogen

Nog een uur later zag ik wel nog hun volle en halfvolle glazen op de toog staan, maar niet meer de personen aan wie deze toebehoorden. Niet omdat die individuën weg waren! Neen die waren daar nog! Maar lagen nu onderaan de toog. Of waren even weg, allicht om te gaan pissen of kotsen. In één of ander tuintje of  brievenbus! Want gebruik maken van één van de talloze, nochtans 'gratis' ter beschikking staande urinoirs, zien zulke kerels als iets voor mietjes!

Fonnefeesten 2009 (zangeres)Hun vrouwelijk gezelschap lag nog niet plat. Dat zal pas voor de volgende dag geweest zijn. Denk ik, want hun kerels zullen allicht bij thuiskomst niet meer in staat zijn geweest om nog iets te presteren in bed. Of op een andere locatie. Die meiden stonden daar ook nog met een pint in de hand, maar die was slechts half leeg. En waarschijnlijk nog steeds dezelfde als aan het begin van de avond, zo vermoed ik. Want alle schuim was er af en de glasrand zat vol lippenstift. Van aan dat drankje te nippen uiteraard!

Mensen, wat waren twee derden van hen mooie wijven! Misschien moet ik mij in het vervolg ook maar eens in mijn oude motorvest en mouwloos jeansvestje uitdossen. En met een lint rond mijn hoofd en wat stempels op mijn armen en in mijn nek, zal ik er dan vast ook 'ruig' uitzien. En vallen die meisjes niet voor mij, dan mogelijks wel voor mijn racemachine. Desnoods kan ik deze nog 'gebruiken' om dit, zij het dan letterlijk, te bewerkstelligen. ;-) Maar als ik ook mijn mondorgel in 't zicht hou is dat allicht niet nodig. Omdat er dan mogelijks wordt gedacht dat ik een muzikant ben. Waardoor de dames als groupies aan mijn voeten komen liggen! Knipogen

Wat ik jullie ook niet wens te onthouden, is de voor mij meest opmerkelijke tekstpassage, gezongen door de zanger van één van die groepjes die hun opwachting maakten op het Fonnepodium. Hij zong het in het Engels, maar vrij vertaald naar het Nederlands klonk het ongeveer als volgt: "Als ik 's ochtends wakker wordt, grijp ik naar een biertje. Wat de toekomst brengt, dat weet ik niet, maar van één ding ben ik zeker: er is altijd bier!"

Wat moet dat een geruststelling zijn geweest voor de zuipschuiten onder het daar toen aanwezige publiek! Uiteraard in de veronderstelling dat die kerel gelijk heeft. Tot het tegendeel bewezen is geef ik de man evenwel graag het voordeel van de twijfel! Lachen

VuurwerkOp de laatste feestavond was er traditioneel 10 minuutjes vuurwerk. Mooi, en dat lieten de vele honderden, wellicht duizenden, mensen die opeengepakt deze attractie, aan de boorden van de Durme aanschouwden, ook horen. Met 'ah's', 'oh's' en handengeklap na afloop. Het moment ook waarop iedereen dringend elders heen wou. En de kant waar de massa naar toe wou was niet de mijne. Dus begaf ik mij tegenstroom die mensenzee in. En omdat de mensen dan ruimte scheppen voor mij, waardoor het lijkt alsof de menigte splijt, voel ik me op zo een moment Mozes die het volk van Israël door de Rietzee leidt. Want er zijn inderdaad steeds een aantal slimmeriken die me in het kielzog volgen. Lachen

Mijn afsluiter van de feesten was 'The Pimps of Dazzle', een negenkoppig groove- en musicicollectief met roots uit de jazz, funk, pop, r&b, soul... Die energiek het publiek opzweepten met een muzikale mix van humor, groove en seksualiteit! Voor wie het optreden niet zag: twee schone meiden, aan wiens voeten ik mij vlak voor het podium ophield, namen het grootste deel van de zang voor zich. Een formidabel slot voor mijn 10-daagse!

16-07-09

Oops!


Soms wikt men best zijn woorden vooraleer ze ten gehore te brengen. Al te rechtuit zijn kan immers soms tot rare en/of onprettige situaties leiden.

Zo stond ik eens aan een buurtspeelpleintje, bij een groepje dames, waarvan ik er slechts enkele persoonlijk kende. Terwijl onze kinderen uitbundig op het grasveld en in de zandbak speelden, waren wij gezellig aan het keuvelen.

Postbode - 000Op een gegeven moment zei één dame uit het gezelschap, tot een andere vrouw, die zij voorheen blijkbaar ook niet kende: "Die twee oudste van jou lijken sterk op elkaar, hé?!" En ze vervolgde, wijzend op de kleuter die zich tegen zijn mama's benen aandrukte: "Terwijl deze jongen er volledig anders uitziet."

Waarop ik er onmiddellijk glimlachend en al gekscherend aan toevoegde: "Eentje van, zoals men zegt, de postbode, zeker?" Die vrouw keek me vies aan, nam haar kleine op de arm, draaide zich om en ging ervandoor. Had ik iets verkeerd gezegd? Inderdaad zo bleek! Want die dame haar jongste telg bleek het resultaat te zijn van een incidenteel uitwisselen van lichaamssappen tussen haarzelf en de plaatselijke facteur.

Haar man heeft, naar verluidt, de kleine aangenomen als was het er één van hem. Maar dat verandert uiteraard niks aan het feit dat het kind als twee druppels water lijkt op diens natuurlijke vader, de lokale postbode. Lachen

30-05-09

Vrouwen

 

Vrouwen. Ze zijn soms zo moeilijk te begrijpen. "Dat is omdat die kutwijven van Venus komen en wij, fijne venten van Mars!" hoorde ik in mijn prille kindertijd ooit eens zeggen, toen ik mij in het gezelschap bevond van enkele oudere buurjongens, die reeds op een leeftijd waren aanbeland waarop ze hun eerste echte liefdesavonturen beleefden.

Dat was dus tevens het moment waarop ik te weten kwam dat wij, in tegenstelling tot wat mijn pa me had verteld, niet uit de kolen komen. Waarna ik concludeerde dat het andere verhaal over onze afkomst, dat de ronde deed, dan allicht toch geen verzinsel was, zoals mijn pa nochtans beweerde.  Zouden kindjes dan toch door de ooievaar worden afgeleverd? Al naargelang het om een jongen of een meisje gaat, respectievelijk vanaf de hemellichamen Mars of Venus naar de verwachtingsvolle ouders op aarde gebracht? Ferme vogels, als die veronderstelling juist zou zijn. Maar was het inderdaad zo? En hoe zou die bestelling dan in haar werk gaan? Dat vroeg ik mij af, als kleine rakker. Die grote jongens wisten vast het antwoord wel. Maar ik durfde het hen niet te vragen.

Dat het vrouwvolk een moeizaam te bevatten soort is, dat heb ik ook wel begrepen. Bij een jongedame, waar ik toentertijd een innige relatie mee had, liet ik ooit eens een gigantisch boeket rode & witte rozen bezorgen. Ter gelegenheid van haar verjaardag was dat. Maar dat meisje was nog niet content. De bloemen en het ornament er rond vond het wicht ontzettend mooi. Maar de door de koerier bijgeleverde rekening was er voor haar te veel aan.

Ja erg, kon ik er aan doen dat ik op dat moment op zwart zaad zat omdat al mijn geld er was doorgedraaid door haar voorgangster? Zeggen ze niet: "Het is het gebaar dat telt?' En ik was in elk geval mijn liefste haar geboortedag niet vergeten! Belachelijk dat ze struikelde over die futiliteit van het zelf moeten betalen van die klote bloemen.

Toen ik als adolescent eens met mijn fiets huiswaarts reed, zag ik aan de overkant van de drievaksbaan een fantastisch mooi meisje staan. En daarenboven uiterst sexy gekleed. Naar mijn normen, in elk geval. Een glanzend zwart rokje dat tot midden haar bovenbenen reikte, zwarte kniekousen, bordeaux laarsjes en een blazer in dezelfde kleur. Een zwart tasje hing op heuphoogte, op die plaats gehouden door een dunne schouderriem. De kastanjebruine steile haardos lag gedrapeerd over de schone deerne haar hals en schouders.

Potverdikke! Mijn hormonen noopten mij tot actie! Dus reed ik verder tot aan het eerstvolgende kruispunt. Alwaar ik, bij groen licht, de baan overstak. En rustig terug fietste in de richting van de plaats waar die wachtende schoonheid stond.

Eens ter hoogte van haar standplaats gearriveerd, hield ik halt. Richtte mij op van mijn fietsstuur en lachte het meisje, dat bij mijn aankomst een pas had achteruit gezet, liefdevol toe. Ze keek me met haar bruine ogen verbaast en vragend aan. Maar niet geschokt of verschrikt. Dat viel dus al mee. Mijn God, van dichtbij was deze griet nog veel mooier dan van veraf! Een prachtig gevormd gezichtje met een lichtbruine gelaatskleur. Geen make-up. Niet nodig! Maar ze had wel een vleugje parfum op haar welgevormde lichaam gespoten. Daardoor rook het schatje zwoel. Zelfs van op die anderhalve meter die ons beiden van elkaar scheidde.

Met mijn meest vriendelijke en verleidelijke stem zei ik: "Hopelijk heb ik je niet te lang laten wachten?" Het meisje keek me niet begrijpend aan. En opende haar mond. Maar vooraleer ze iets kon zeggen, vervolgde ik: "Ik ben jouw droomprins op het witte paard. Nu ja, een stalen ros, en in rode kleur, maar in elk geval de man die is voorbestemd om met jou het leven te delen!"

Oef! Dat was er allemaal vlot, en zonder al te veel nadenken, uitgekomen! Verwachtingsvol keek ik het meisje aan. Dat stond daar met haar lieve snoet in mijn richting te kijken, met haar mondje vol perfecte parelwitte tanden!

Een antwoord heb ik evenwel niet gekregen. En deze ontmoeting is helaas op niks uitgedraaid. Want toen dat meisje haar, naar ik vermoed echte prins, opdaagde, een nogal potige kerel met een grijze Jeep, maakte ik mij snel met mijn fiets uit de voeten!

Ru(sh)di(e), 17 april 2009.

26-04-09

REVA 2009

 

REVA - logoDonderdag jongstleden ben ik naar Flanders Expo geweest, in Gent. Daar had REVA plaats, een tweejaarlijkse informatiebeurs voor personen met een handicap en ouderen. En, zoals naar gewoonte op zulke activiteiten, reed ik, figuurlijk althans, weer een heleboel bekenden en oud-bekenden tegen het lijf.

En, zoals ook wel eens vaker gebeurt, werd ik weer een aantal keer 'herkend'. Zou ik dan toch zo een straatschuimer zijn? Zodat zo velen me kennen van ziens? Nochtans probeer ik, waarheen ik me ook beweeg, dit steeds zo onopvallend mogelijk te doen.

Mooi volk dat daar trouwens rondliep op de beurs. Als al die knappe, lief ogende jonge meisjes, de toekomstige ergotherapeuten, kinesitherapeuten, verpleegkundigen, sociaal assistenten... kortweg de komende generatie werkers in de sociale sector zullen vormen, dan blijf ik graag nog even gehandicapt. Zelfs tot op het einde van mijn leven! ;-)

thumbs-up (klein)Een beeld dat me trof was dat van een klein meisje, naar ik vermoed een jaar of 10 jong. Ze was in het gezelschap van haar mama, haar jongere zusje en een oudere dame, ongetwijfeld haar grootmoeder. Die in een manuele rolstoel zat en door dat kind werd voortgeduwd. En het meisje deed dat duidelijk met heel veel zin!

Het is maar hoe je je kinderen opvoedt. En als ouder, en bijgevolg uitermate belangrijk rolmodel, het goede voorbeeld geeft. Ik kwam dit vrouwelijk kwartet nog een aantal keren tegen. En zag zowel de mama als de kinderen geïnteresseerd kijken naar hulpmiddelen waarin oma leek geïnteresseerd. En de zusjes testten voor haar de looprekjes en andere spullen uit. Met zichtbaar plezier, getuige hiervan de brede grijns op die kindjes hun gezicht.

Stappend meisjeGrappig vond ik het zien van die blinde jongeman, voorzien van een witte geleidestok, die stevig gearmd door een knappe jongedame de beursgangen doorstruinde. Die jongen stapte daar rond in de zaal met een mokkel en de kans is groot dat die kerel niet eens echt benul had van welk een schoonheid er aan zijn zijde hing geplakt. En ik gun hem zonder meer een onontbeerlijke assistente met zulk een schoon figuurtje en mooi aangezicht. Jammer dat hij niet die jaloerse blikken van menig ziende beursganger kon waarnemen, die duidelijk ook wel dergelijk gezelschap zouden appreciëren.

Nog grappiger was mijn toiletbezoek, op het einde van mijn beursvisite. Uiteraard waren die hokjes weer te klein om mijn elektrisch aangedreven wielstoel te herbergen. Aan de mannenkant lukte het al helemaal niet, te wijten aan een wandbeugel die maar niet in opgeklapte toestand wou blijven staan. Aan de kant van de vrouwen was dat euvel er niet, maar ook daar was het hokje sowieso te klein, zodat de toiletdeur diende te blijven openstaan.

Maar daar had de hulpvaardige toiletdame een oplossing voor. Ze zei dat ze er de ADL- assistente zou bijhalen. Voor hen bij wie deze term niet bekend is: dit is een persoon die wordt ingeschakeld om mensen met een beperking te helpen. Dat kan bijvoorbeeld hulp zijn bij het uittrekken of aandoen van een jas en assistentie bij het eten of naar het toilet gaan. Die jonge ADL- assistente was nogal groot en breed gebouwd en zou door voor de openstaande deur te staan het zicht op mij kunnen ontnemen. En dat vriendelijke meisje gaf gevolg aan dat verzoek, zodat ik toch verzekerd van enige privacy, mijn blaas kon ledigen.

waving_hand (animation)Even later stond ik ook nog even in de belangstelling toen mijn aandacht werd getrokken door een levend standbeeldfiguur in een elektrische rolstoel. Jazeker, ook nieuw voor mij, maar dit fenomeen bestaat wel degelijk! Het in een net pak gestoken heerschap, met een hoge hoed op, waaronder een gezicht en haardos als zijnde van plastiek, te zien was, hengelde naar mijn interesse door met één van zijn in witte handschoenen gestoken handen naar me te wuiven. Vriendelijk als ik ben, wuifde ik glimlachend terug. Hij stak zijn duim op, waarna ik hetzelfde deed. En toen kwam die, op een pop lijkende persoon, tot net naast me gereden.

Met een vingertop raakte hij mijn arm aan. Een piep weerklonk. Vervolgens drukte die figuur met zijn wijsvinger zachtjes elders op mijn arm. Weer een piep! Toen gaf hij een tikje op mijn schouder. Maar nu weerklonk er geen geluid. De man keek verbaast en haalde zijn schouders op. Ik volgde zijn voorbeeld. Vervolgens raakte hij, met een verwachtingsvolle blik, nogmaals met zijn vinger mijn bovenarm aan. Weer klonk een piep! Dat toverde een glimlach op het plastic gezicht, en de man stak zijn duim op. Ik deed, zachtjes lachend, hetzelfde.

bigmouth (klein)Toen haalde hij, met een houterig gebaar, een snoepje uit de borstzak van zijn vest. En vroeg met gebaren of ik daar zin in had. Ik knikte van ja. Waarna die kerel het bolvormige snoepje van zijn doorzichtige verpakking ontdeed. Eens hij daar klaar mee was, gebaarde hij me om mijn mond te openen. Wat ik gewillig deed. Vervolgens kneep hij één oog dicht, en nam een pose aan alsof hij dat, naar inmiddels bleek, roodkleurige snoepje, in mijn mond wou gooien.

Ik sloot lachend mijn mond, maar dat kolderiek personage gebaarde me toch weer de mond te openen. Gedwee gaf ik daaraan toe. Waarna hij vanuit alweer dezelfde, op gooien lijkende houding, met het tussen duim en wijsvinger gehouden snoepje, in een boogbeweging het bolletje zoetigheid tot aan mijn lippen bracht, waar ik het dankbaar op mijn tong liet deponeren en vervolgens liet verdwijnen in mijn mond.

Blijkbaar was dit schouwspel interessant genoeg om er foto's van te nemen. Want ik merkte enkele lichtflitsen op van camera's. Dus verschiet niet als je me één dezer dagen met wijd open mond aantreft in een of andere publicatie.