13-06-12

Waar een mens al slapend zijn tijd mee vult

              

mens,verlamd,neurochirurgie,revalidatiecentrum,clnr,rc,ziekenhuis,universitair_ziekenhuis,uz,kamergenoot,buurman,nekoperatie,narcose,droom,man,dood,lijk,medische_ingreep,karaoke,therapie,geest,my_way,myway,frank_sinatra,franksinatra,laptop,slap,gezang,geheim,woonst,gezin,villa,bungalow,slaap,zomer,dode,zwerver,happymike,happy_mike,woning,examen,les,hogeschool,cursus,rolstoelerZoals intussen allicht genoegzaam geweten is, ontwaakte ik midden mei 2000, na een klungelig uitgevoerde nekoperatie, zwaar verlamd uit de narcose. Na drie maanden verblijf op de verpleegafdeling neurochirurgie, resideerde ik, aansluitend daarop, gedurende vijftien maanden in het revalidatiecentrum van het universitair ziekenhuis, waar de noodlottige medische ingreep werd uitgevoerd.

mens,verlamd,neurochirurgie,revalidatiecentrum,clnr,rc,ziekenhuis,universitair_ziekenhuis,uz,kamergenoot,buurman,nekoperatie,narcose,droom,man,dood,lijk,medische_ingreep,karaoke,therapie,geest,my_way,myway,frank_sinatra,franksinatra,laptop,slap,gezang,geheim,woonst,gezin,villa,bungalow,slaap,zomer,dode,zwerver,happymike,happy_mike,woning,examen,les,hogeschool,cursus,rolstoelerTijdens de dus meer dan een kalenderjaar durende therapie, verbleef ik in een heel krap bemeten tweepersoonskamer. En, met als doel zo goed mogelijk te recupereren, deed ik elke dag dapper mijn oefeningen. En toen ik “s nachts sliep, werkte mijn geest naarstig verder. En blijkbaar die niet alleen. Want toen ik op zekere ochtend ontwaakte, kreeg ik van mijn buurman te horen dat hij tijdens die net voorbije nacht gewekt was geworden door mijn gezang.

Al sinds een tijdje was ik, als vrijetijdsbesteding, bezig met karaoke op de in mijn slaapkamer opgestelde persoonlijke laptop en, samen met een aantal lotgenoten, ook op de computers die stonden opgesteld in de ontspanningsruimte van het revalidatiecentrum. En nu bleek dat ik tijdens mijn slaap mijn eigen versie had gezongen van het vooral dankzij de vertolking door de, ook onder de naam ‘The Voice’ gekende Amerikaanse crooner, Frank Sinatra, bekend en populair geworden lied 'My Way'. En, als ik mijn toenmalige kamergenoot mag geloven, had ik het er nog niet eens zo slecht van afgebracht

*****

mens,verlamd,neurochirurgie,revalidatiecentrum,clnr,rc,ziekenhuis,universitair_ziekenhuis,uz,kamergenoot,buurman,nekoperatie,narcose,droom,man,dood,lijk,medische_ingreep,karaoke,therapie,geest,my_way,myway,frank_sinatra,franksinatra,laptop,slap,gezang,geheim,woonst,gezin,villa,bungalow,slaap,zomer,dode,zwerver,happymike,happy_mike,woning,examen,les,hogeschool,cursus,rolstoelerIn datzelfde centrum voor locmotorische en neurologische revalidatie was ik vele maanden eerder eens ’s nachts angstig wakker geworden, badend in het zweet. En paniekerig omdat ik ervoor vreesde dat een angstvallig, zorgvuldig en succesvol door mij geheim gehouden daad, mogelijks zou worden ontdekt en geopenbaard. En wat voor een geheim: ik had gedroomd dat een lijk, dat ik enkele jaren eerder in onze tuin had begraven, wel eens spoedig zou worden gevonden. Met ongetwijfeld een resem extra problemen voor mij als gevolg Wenkbrauw ophalen

Het was immers zo dat ik, na rijp beraad, had beslist om mijn huis, een voor een rolstoeler slecht toegankelijke villa, te verkopen. En met mijn gezin te verhuizen naar een bungalow of de gelijkvloerse verdieping van een flatgebouw. Daar moet ik in mijn slaap mee bezig zijn geweest. En de kans dat bij een verkoop van mijn woonst de nieuwe eigenaar in de vrij grote tuin zou (laten) graven was heel reëel. Bijvoorbeeld om er een extra gebouw in neer te poten of om de klassiek aangelegde tuin naar eigen smaak herin te richten.

mens,verlamd,neurochirurgie,revalidatiecentrum,clnr,rc,ziekenhuis,universitair_ziekenhuis,uz,kamergenoot,buurman,nekoperatie,narcose,droom,man,dood,lijk,medische_ingreep,karaoke,therapie,geest,my_way,myway,frank_sinatra,franksinatra,laptop,slap,gezang,geheim,woonst,gezin,villa,bungalow,slaap,zomer,dode,zwerver,happymike,happy_mike,woning,examen,les,hogeschool,cursus,rolstoelerEn die dode was vast Happy Mike, een Engelse zwerver zonder identiteitspapieren, die eens een zomer lang klussen bij mij verrichtte. Toen die man eens door een fout manoeuvre bijna van het dak van mijn woning was gevallen en nadien wou weten wat ik had gedaan als hij morsdood op de begane grond was beland, had ik immers geantwoord dat ik hem dan zou hebben begraven in een enkele dagen eerder door hemzelf gegraven kuil!

Maar dat voorval herinnerde ik mij (nog) niet bij het plots ontwaken uit die nare droom. Gek genoeg was ik er ook in wakkere toestand van overtuigd dat er een dode man begraven lag in mijn tuin. En dat de nieuwe eigenaars dit bij graafwerken vast zouden ontdekken. Dus moest dat lijk moest daar weg. Maar op welke plek had ik dat ook alweer begraven? En hoe kon ik dat voor elkaar krijgen? Want met dat zwaar verlamde lichaam van me lukte me dat uiteraard niet eigenhandig. Maar aan wie kon ik hulp vragen? Al deze en meer vragen spookten door mijn hoofd.

Achteraf bekeken komt het me vreemd voor, maar het heeft me toen dagenlang bezig gehouden vooraleer ik er met stellige zekerheid van overtuigd was dat er van een accident en een in mijn tuin begraven dood lichaam helemaal geen sprake was. En dat het ganse verhaal een door mijn hersenen verzonnen spinsel was Lachen


*****

mens,verlamd,neurochirurgie,revalidatiecentrum,clnr,rc,ziekenhuis,universitair_ziekenhuis,uz,kamergenoot,buurman,nekoperatie,narcose,droom,man,dood,lijk,medische_ingreep,karaoke,therapie,geest,my_way,myway,frank_sinatra,franksinatra,laptop,slap,gezang,geheim,woonst,gezin,villa,bungalow,slaap,zomer,dode,zwerver,happymike,happy_mike,woning,examen,les,hogeschool,cursus,rolstoelerEen gelijkaardig fenomeen deed zich voor toen ik als jonge twintiger ernstig overwoog om terug les te beginnen volgen aan de hogeschool. Gedurende meer dan een jaar schrok ik regelmatig ’s nachts wakker, denkend dat ik de volgende dag een belangrijk examen diende af te leggen. En de inhoud van mijn cursus nog niet grondig genoeg had ingestudeerd. Keer op keer duurde het minutenlang vooraleer ik eruit was of ik al dan niet (reeds) opnieuw student was en al dan niet een examen voor de boeg had. Uiteindelijk waren de antwoorden telkens ontkennend. Waarna ik steeds gerustgesteld terug indommelde en vredig verder sliep.

04-04-11

Schooluniform

Studerende student - 001.JPGDe studenten aan de universiteiten en hogescholen hebben in de maand januari reeds hun tentamens gehad. De leerlingen die les volgen aan middelbare scholen die drie examenperiodes organiseren, zijn nog volop bezig of hebben net gedaan met hun proefwerken van het tweede trimester. De moed opbrengen om te studeren zal er, met het mooie lenteweer van de voorbije week, niet eenvoudiger op zijn geweest. Maar hopelijk is het jonge volkje daar toch in geslaagd en kunnen ze binnenkort met mooie cijfers naar huis komen. Tot vreugde van henzelf, hun ouders, hun leerkrachten en elke andere persoon die hen genegen is.

Students in uniform - 000.JPGDe gedachte aan de studerende jeugd, leidt mij naar de discussie over de zin en onzin van schooluniformen. Die ik hier evenwel niet ten berde ga brengen. Maar ik wil jullie wel enkele feiten meedelen omtrent dit thema. Eén ervan is dat ikzelf nogal zot ben van schoolpakjes. Als ik bijvoorbeeld op woensdagnamiddag langs het Gentse Zuid passeer, dan geniet ik gewoonweg van het zicht op die mengelmoes van jongens en meisjes in hun schooluniform. In veel Gentse scholen is men immers nog steeds verplicht tot het dragen van een kleurenuniform. Waarbij enkel kledij van een welbepaalde kleur is toegestaan. Je merkt ginds dan ook diverse groepjes kinderen op met verschillende kleding aan, maar wel in dezelfde kleur. Wat, althans in mijn ogen, een mooi beeld oplevert.

Girl in green jacket - 000.JPGZelf heb ik nimmer school gelopen aan een onderwijsinstelling waar je verplicht was om een schooluniform te dragen. Mijn zussen daarentegen hebben een aantal jaren les gevolgd aan een katholieke middelbare school, verbonden aan een klooster. En die waren verplicht om kledij te dragen van één bepaalde kleur; donkergroen als ik me niet vergis.

Schoolmeisje in groen - 000.JPGNaar ik mij meen te herinneren kwamen leerlingen en ouders al wel eens tegen die kleedcod ++e in opstand. En waren er nogal wat progressieve meisjes, met lef, die de kledingvoorschriften nogal vaak vrij, creatief en inventief interpreteerden. Wat dan weer regelmatig tot conflicten leidde met de gezagvoerende nonnetjes en hun moeder-overste, die er doorgaans een andere, meer conservatieve visie op na hielden.

De kloosterzuster zijn uiteindelijk, geloof ik, na verloop van tijd (jaren?) wel wat bijgedraaid, meer tolerant geworden. Maar ik denk niet dat minirokjes, korte jurkjes of hotpants ooit op hun school zullen zijn getolereerd.

Eigenlijk had ik in Japan moeten geboren geweest zijn. En als meisje! Want als klein ventje was ik Japans schoolmeisje - 000.JPGdol op matrozenpakjes. En dat is nu net waarop in die tijd, in dat land, het schooluniform van lagere schoolmeisjes was gebaseerd Lachen

Maar hoChoco - 000.JPGe graag ik het ook wou hebben, aan zo een marineblauw/wit matrozenpakje ben ik helaas nooit geraakt. Waarschijnlijk heb ik nooit aan mijn ma durven vragen om er zo eentje voor me te maken, want ik ben er vrij zeker van dat ze dat nooit had geweigerd.

Heimelijk was ik jaloers op Choco, de aap van stripfiguur Jommeke zijn vriendinnetjes, De Miekes. Want die bananeneter draagt er in de populaire stripreeks wel sinds jaar en dag zo eentje! Maar in plaats van dat rode broekje had ik wel een blauw exemplaar gewild Knipogen

Matrozenpetje - 000.JPGTreuren om dat gemis deed ik evenwel niet. Want, eerst bijgestaan door mijn 5 jaar oudere, handige en graag knutselende zus, en vervolgens vrij snel  zelfstandig en helemaal alleen, maakte ik wel talloze wit/blauwe matrozenpetjes uit crêpepapier. En getooid daarmee, liep ik rond in ons kleine huisje en buiten in de grote ouderlijke tuin. Zelfs nu, decennia later, weet ik nog steeds precies hoe je zulk en petje maakt! Lachen

Schoolmeisje.(blog).JPGOnlangs las ik in een magazine dat er, vooral in Groot-Brittannië, een heropleving aan de gang is, waar het schooluniformen betreft. En ook in ons land is deze traditie blijkbaar weer in opmars. Bepaalde scholen hebben zelfs recentelijk hun uniformregels strenger gemaakt. Het Sint-Franciscusinstituut in Melle is daar een voorbeeld van. Jeansbroeken zijn daar VERBODEN. En een rok of jurk moet minstens driekwart van de jongedames hun dijen bedekken. Flauw zeg!… Wenkbrauw ophalen

Het is wel zo dat, ondanks de vaak strikte voorschriften over de vereiste kleur groen, blauw, grijs of bruin, van de outfit, er in veel scholen toch vaak modieuze kledij is toegestaan, zoals bijvoorbeeld de nauw aan de benen spannende ‘skinny’ broeken. Bepaalde winkels zijn overigens gespecialiseerd in schooluniformkledij. Dus daar kan men dan vast het nodige advies verkrijgen van wat wel en niet kan, in deze of gene school.

Jas met ipod - 000.JPGNaar verluidt zijn er in de handel zelfs schooluniformen te koop waarin een ruimte is voorzien voor de ipod van de scholier. En misschien zijn er ook wel jassen, broeken en rokjes verkrijgbaar met geheime zakjes of andere ruimtes voor spiekbriefjes, een rekenmachine of zelfs minicomputer!

Geslaagd! - 000.JPGMinder dan 3 maand van heden is het schooljaar alweer ten einde. En is er opnieuw een studieperiode en examentijd achter de rug. En zal het bonte allegaartje van schoolkinderen, al dan niet in uniform, terug voor 2 maand uit het straatbeeld verdwijnen. Hopelijk voor hen, hun (groot)ouders en andere naasten, zal dat zijn met een welverdiend A-attest op zak. Lachen

20-05-10

Damesfiets

  

Gedurende de laatste jaren van mijn middelbare schooltijd gebruikte ik vaak mijn moeder haar, toen nieuwe, bruinkleurige fiets om me naar school te verplaatsen. Ik reed immers veel liever met een damesfiets, waarop je rechtop kan zitten, dan met een herenfiets, waarop je je in een voorover gebogen zithouding voortbeweegt.

Broek & hemd man - 000 (klein)Toentertijd had ik halflang haar. En droeg ik meestal een jeansbroek. Van die nauw om je lichaam spannende exemplaren. En mijn bovenlichaam stak vaak in een trui die tot onder mijn zitvlak reikte. Of een hemd van een type dat zowel door meisjes als door jongens werd gedragen, met de lange slippen boven de broek gehangen. Met als gevolg dat ik, als fietser, zo nu en dan door jongens werd nagefloten. Die zagen mij, vanaf de rug gezien, immers aan als meisje! Toen vond ik dat helemaal niet leuk. Maar als ik daar nu aan terugdenk, vind ik dat vrij grappig.

Op de dagen dat ik met mijn ma haar fiets mijn schoolse plicht vervulde, stalde ik dit stalen ros niet in de reguliere, door de onderwijsinstelling voorziene parkeerstalling. Daar moest die immers aan een haak worden gehangen. Wat heel sletig was voor het rijwiel. En ik vond het mijn plicht om uiterste zorg te dragen voor mijn ma's gerief. Ik was al blij dat ze die fiets zo gewillig aan mij toevertrouwde. Dus haar eigendom in goede staat houden was het minste wat mijn ma van me mocht verwachten.

Daarom plaatste ik haar mooie rijwiel tussen de bomen aan de hoofdingang van de school. Op een plek waar voortdurend volk passeerde. En netjes beveiligd met het wielslot waar ma's velo mee was uitgerust. Een toenmalig modern gadget dat het gedoe met losse fietssloten overbodig maakte. De eerste keren dat ik met ma's fiets naar school kwam, controleerde ik tijdens de pauzes telkenmale of hij er nog stond. Maar al snel stapte ik af van die gewoonte.

Toen ik na een examen, waarbij we de school mochten verlaten eens we ons antwoordenblad hadden afgegeven, bij de fiets arriveerde, kwam ik tot de vaststelling dat ik het sleuteltje van het fietsslot kwijt was. Ik tastte alle zakken van mijn kledij af, maar kon dat drommelse kleine ding helaas niet vinden. Was ik het dan verloren, onderweg van het klaslokaal naar de stalplaats? Ik speurde het ganse traject af, tot twee keer toe, maar kon jammer genoeg het sleuteltje niet vinden.

Betonschaar - 000 (blog)Dus ben ik maar in een werkplaats van de school een stevige tang gaan lenen. Een zogenoemde betonschaar. In elk van mijn pollen hield ik het uiteinde van één van die wel een halve meter lange handvatten vast. De hardstalen bekken van het werktuig plaatste ik op het stukje buis van het fietsslot dat tussen de spaken van het achterwiel stak om zodoende het ronddraaien ervan te vermijden. Met pijn in het hart bracht ik met een, vanwege het hefboomeffect, weinig benodigde kracht, mijn handen naar elkaar. Waarbij het stukje buis werd doorgeknipt en ik het vervolgens probleemloos kon verwijderen. En na het terugbrengen van dat stuk knipgereedschap, gezwind met de fiets naar huis kon rijden.

Met een ei in mijn strakke broek natuurlijk, want ik had mijn ma haar mooie, nieuwe, voor haar verplaatsingen zoals boodschappen doen zo noodzakelijk instrument, een stukje kapot gemaakt. Welks scene er zich bij mijn thuiskomst afspeelde, kan ik mij niet meer herinneren. Dus vermoed ik dat mijn ma niet al te zwaar heeft getild aan het gebeurde. Ze kende mij als een zorgzaam type persoon en wist dus dat ik dat sleuteltje niet uit onachtzaamheid zou zijn kwijtgespeeld. Dat ik een goed examen had gemaakt interesseerde haar toen vast meer. En dat ik die namiddag onbezorgd studeerde voor het examen van de dag nadien was op dat moment waarschijnlijk ook een grotere bekommernis. Vermoedelijk is moederlief, vanaf die dag, om haar rijwiel vast te zetten, terug een gewoon cijferslot uit onze collectie beginnen gebruiken.

*****

Toen mijn ma zich vele jaren later opnieuw een nieuwe fiets aanschafte, gaf ze de oude, een iets meer dan een decennium eerder soms nog door mij bereden fiets, aan mijn echtgenote cadeau. Nog steeds in goede staat, want zorgzaam onderhouden door mijn ouders. En inclusief fietszakken, die inmiddels aan het fietsstoeltje waren bevestigd. Dat wielslot bevond zich ook nog steeds in de toestand waarin ik het had gebracht. Dus onbruikbaar. Het door de fietsmaker later vervangen door een nieuw exemplaar was er blijkbaar nooit van gekomen. Of mogelijks door mijn ouders te duur bevonden.

De fiets kreeg een plaatsje toegewezen bij de andere rijwielen in onze garage. Waaronder de voorheen door mijn vrouw gebruikte tweedehands fiets. Welke werd op rust gesteld, maar behouden als reservefiets. Zo begon ma's oude fiets aan een nieuw leven. Waarin het voortverplaatsingsmiddel heel wat minder intensief werd gebruikt. Af en toe voor een marktbezoek, nu en dan eens om brood te halen bij de bakker en hoogst zelden voor een fietstochtje.

*****

Een jaar of drie geleden kocht ik mijn beide zoons elk een moderne, sportieve herenfiets. Waarvan ze, binnen het door mij beschikbaar gestelde budget, ieder voor zich, zelf het merk en model mochten uitkiezen. Waar ze heel blij mee waren. Dit in tegenstelling tot de gevoelens die ze uitten toen ik hen naderhand een mooie, sobere maar kwalitatieve fietshelm bezorgde. Waarvan ik verwachtte dat ze die op hun hoofdje zouden zetten bij elke verplaatsing met hun nieuwe, overeenkomstig hun lichaamsgrootte, nog net iets te grote fiets.

Brian op oma's fietsSinds het begin van dit jaar is één van mijn zoons begonnen met nogal vaak zijn moeders fiets te gebruiken bij zijn verplaatsingen naar school, het zwembad, de bakker of andere bestemmingen. Vooral die fietszakken vind de jongen erg praktisch en handig. Om het brood van bij de bakker in op te bergen, zijn inline skates of zwemgerei in te vervoeren bij het uit sporten gaan en zo meer.

Het rijwiel is, door een vrijwel totaal gebrek aan onderhoud, volledig doorroest en oogt helemaal niet fraai meer. Maar dat deert mijn zoon blijkbaar niet. Volgens hem bolt het oude karretje trouwens zelfs beter dan zijn door opa's noeste arbeid nog steeds als nieuw ogende herenfiets.

Mijn zoon Brian op de van oorsprong zijn oma's fiets... een déja vu? De kledij waarmee de jongen op de fiets zit verschilt wel wezenlijk van mijn toenmalige outfit. Hij draagt ook wel vaak jeans, maar van die net iets te grote modellen, die hij dan overeenkomstig de huidige mode, halverwege zijn poep laat hangen. Zodat minstens de helft van zijn onderbroek voor iedereen zichtbaar is. Terwijl in mijn tijd ondergoed zedig werd onttrokken aan het oog van anderen.
Lange truien of dito hemden draagt mijn zoon niet. En zijn bruine krulletjes worden meestal heel kort gehouden. Behalve als hij, zoals nu, aan het sparen is voor wat haar om er vervolgens vlechtjes in te laten leggen. Zoals menig topvoetballer, rapper of hiphopartiest.

Aangezien mijn dertienjarige zoon er dus, in tegenstelling tot zijn pa, bijna twee decennia eerder, langs geen enkele kant bekeken, ook maar een beetje vrouwelijk uitziet, zal hij allicht nimmer door jongens worden nagefloten. Tenzij het dan kerels zou betreffen die vallen voor menselijke exemplaren van hun eigen soort. Maar van dergelijke voorvallen heb ik geen weet. En ik ben er heel zeker van dat zoonlief zulks absoluut niet leuk zou vinden. En helemaal niet grappig!

22-02-10

Blij met mijn brommer

  

Tijdens mijn kinderjaren woonde ik samen met mijn ouders, mijn twee oudere zussen, en later ook met het na mij gemaakte en op de wereld gezette broertje, op een afgelegen plek op het platteland. In een buitenwijk van een gehucht van een dorp dat in 1977 werd opgeslorpt door een naburige stad.

Het op zulk een verlaten plaats en dicht bij de natuur wonen, vond ik op zich wel prettig. Er waren evenwel een aantal nadelen aan verbonden. Ons huis stond in een straat die de verbindingsweg vormde tussen verschillende gemeenten. En was van oorsprong trouwens een onderdeel van de Romeinse heerweg tussen de steden Antwerpen en Brugge.

Privaat - verboden toegang - 001 (klein)Derhalve werd deze lange baan druk bereden. Vaak door voertuigen waarvan de bestuurders nogal veel druk zetten op het gaspedaal. Op straat spelen was dus uit den boze. Vooral ook omdat de straat ter hoogte van ons huis een dubbele bocht maakte, waardoor wij het aankomende verkeer slechts op het laatste moment konden waarnemen. Achter, en de ene kant naast ons huis, lag er landbouwgrond. Maar de eigenaars van de akkers en weiden achter ons, een trio ongehuwd gebleven ouderlingen, die het boerenbedrijf van hun ouders verder zetten, konden niet verdragen dat er in de buurt van, en zeker niet op hun grond, zich spelende kinderen ophielden. Dieper het veld in was het één en al bos. In privébezit! Overal hingen er verweerde bordjes met het opschrift: 'privaat' en/of 'verboden toegang'. Wenkbrouw ophalen

Maar het ergste van al vond ik, vooral op iets oudere leeftijd, het veraf wonen van plaatsen waar iets te beleven viel. De afstand naar de dichtst bij gelegen stad was 8 kilometer. Dus best een eindje rijden. Het openbaar vervoer was geen optie, omdat we, om de meest nabije opstapplaats te bereiken, al een afstand van 3 kilometer dienden te overbruggen.

Vandaar dat ik als zestienjarige het boek met de wegcode van mijn zussen leende, grondig instudeerde en een lift van mijn vader bedong om in het examencentrum te geraken. Waar ik vlotjes, met een zeer goed resultaat, het theoretisch examen aflegde, waarmee ik een bromfietsattest behaalde.

Nochtans dook er, net voor de aanvang van het groepsexamen, een probleem op. Als examinandus kreeg je op een witte doek geprojecteerde dia's, met beelden van verkeerssituaties en afbeeldingen van verkeersborden te zien. En jouw antwoord op de erbij gestelde meerkeuzevragen diende je op een voorgedrukt blad aan te kruisen. Met schrijfgerij dat blijkbaar elkeen werd verondersteld van huis te hebben meegebracht.

Ik niet dus. Althans geen balpen. Wel een potlood! Toen ik, enigszins bedeesd, aan de examinator van dienst vroeg of ik dat schrijfmiddel mocht gebruiken, gaf de man me een blaam. Want wie gebruikte er nu een potlood om een schriftelijk examen af te leggen? Ik hield me wijselijk stil en trachtte de man zo schuldbewust als mogelijk aan te kijken. Wat werkte, want de man toverde uit zijn binnenzak een balpen, waar ik voor de duur van het examen gebruik van mocht maken.

Eens dat minuscuul geplastificeerd wit attest op zak, kon ik dus op zoek gaan naar een bromfiets. Een tweedehands exemplaar, want voor een nieuwe had ik niet genoeg geld bijeen kunnen sparen. Terstond ging ik op speurtocht. Via vrienden, annonces in allerlei kranten, reclamebladen, bij bromfietsverkopers en zo meer. Spoedig vond ik een aanbod voor een machine die dicht in de buurt kwam van wat ik voor ogen had.

Met vier man reden we, met de auto van mijn vader, op een zaterdagochtend, naar het huis van de verkoper. Mijn vader, ikzelf, de man van mijn oudste zus en diens jongere broer. Deze laatste, een jonge man van een jaar of twintig, was trouwens, in ons gezelschap, de specialist ter zake. En had zijn eigen motorhelm meegebracht, teneinde, ingeval de aangeboden gemotoriseerde tweewieler door ons allen unaniem een goede koop werd bevonden, er mee naar huis te kunnen rijden.

Yamaha RD 50ccEens aangekomen bij de verkoper, leidde deze ons naar een berghok, alwaar we tussen allerlei rommel die daar stond opgestapeld, onder een laagje stof, een zwarte brommer aantroffen. Een Yamaha RD met een cilinderinhoud van 50cc. En hij stond me op het eerste zicht wel aan. Enkel het stuur vond ik maar niks. Het was een naar beneden gebogen model, waardoor je met je buik bijna plat tegen de brandstoftank van deze baanmodel bromfiets moest liggen, om het stuur vast te kunnen houden.

Toen de bromfiets naar buiten was gerold en de specialist uit ons viertal de machine in gang trapte en er vervolgens als een raket mee wegstoof, was meteen duidelijk waarom er zulk een laag stuur op die zwaar opgedreven brommer was gemonteerd. 90 kilometer per uur reed dat ding! En reeds van in de eerste van de vier versnellingen reageerde de machine vinnig en trok ze heel snel op. Wat in lekentaal zoveel betekent als dat de brommer vanuit stilstand uiterst vlug een hoge snelheid bereikte.

De koop was snel gesloten. Ik kreeg, als bewijs dat ik de brommer had gekocht en betaald, van de verkoper een stuk ruitjespapier, dat allicht uit een notablok was gescheurd, en waarop hij zijn naam, adres en nog wel iets van 'verkocht aan 1.000 Frank' of  zo had vermeld. Om weet ik veel welke reden niet het door mij betaalde bedrag, maar slechts een fractie daarvan, dat weet ik nog. En ook dat die kerel er was in geslaagd om in die slechts enkele woorden tekst, toch een schrijffout te maken.

Maar dat merkte ik pas later, toen ik thuis was. Want ik stond tijdens het afhandelen van het financiële luik van de transactie nogal beduusd te staren naar die oranjekleurige helm die ik bij de brommer kreeg geleverd. Daar ging ik de straat niet mee opgaan!

De broer van mijn schoonbroer reed met mijn brommer naar de woning van mijn zus. En wij verplaatsten ons met mijn pa zijn auto naar dezelfde locatie. Alwaar ik ongeduldig en opgewonden nu ook wel eens zelf met mijn brommer wou rijden.

Nu had ik daarvoor nog nooit met een via de voet geschakelde bromfiets gereden. Dus moest mij dat wel even worden bijgebracht. Maar ik had het systeem snel door. Tot schrik van mijn vader, die wel even lichtjes panikeerde toen ik er ineens als in een flits, volle gas vandoor sjeesde.

Er werd afgesproken dat mijn zus haar schoonbroer een ander stuur op mijn bromfiets zou plaatsen en de machine aan een grondige technische controle zou onderwerpen. Waarbij hij ook de maximaal haalbare snelheid zou begrenzen. Afstellen zoals men dat toen noemde, en wellicht ook nu nog steeds benoemd. De valhelm namen we mee naar huis. Die zou mijn pa wel in de juiste kleur spuiten, zwart dus.

Korte tijd later kon ik mijn op punt gestelde machine in gebruik nemen. Inmiddels waren ook de papieren, meer bepaald verzekering en gelijkvormigheidsattest, in orde. Zo dachten we althans. Want toen ik bij mijn eerste rit naar school, mijn papieren vergeleek met deze van mijn gemotoriseerde schoolmakkers, bleek dat mijn bromfiets was ingeschreven als 'motorvoertuig', omdat er iemand, ik weet niet meer wie, maar het was een garagist zo meen ik mij te herinneren, op de aanvraag voor het attest '50cc had opgegeven, terwijl, om als bromfiets aanzien en geregistreerd te worden, de cilinderinhoud maximaal 49cc mag zijn.

Maar in die tijd maakten wij daar geen spel van. Er werd me aangeraden even op te passen voor politiecontroles tot ik de leeftijd van 18 jaar bereikte. Op die leeftijd kon ik dan mijn rijbewijs halen, een motorplak aanvragen, de verzekering dienovereenkomstig laten aanpassen en klaar was Kees. Probleem opgelost! Wat was het leven vroeger toch eenvoudig. Lachen

Bromfietscontrole - 000Veel van mijn brommermaten hebben last gehad met de politie. Die werden bijvoorbeeld tegengehouden op weg naar huis, moesten een test op de rollen ondergaan en werden met een decibelmeter onderworpen aan een geluidssterktetest. Meestal met als gevolg een aanmaning om zich binnen een korte termijn aan te melden op het politiekantoor met een afgestelde bromfietsmotor en een goeie geluidsdemper op hun machine gemonteerd. In het slechtste geval hadden ze onmiddellijk een Proces-verbaal aan hun broek. En konden ze voor de politierechter verschijnen. Wie werd gesnapt werd doorgaans geverbaliseerd voor diverse inbreuken op de verkeerswet: rijden zonder rijbewijs, zonder geldige verzekering, zonder geldig kenteken, geluidsoverlast, overdreven snelheid, met een motor op het fietspad rijden... Een ganse boterham, met een navenant prijskaartje.

Aangezien die flikken meestal hun rollen reeds opstelden voor het einde van de schooldag, zorgde ik ervoor dat ik tijdig geseind werd van waar ze stonden, zodat ik de controle kon vermijden door langs elders huiswaarts te rijden. Er was altijd wel minstens één schoolmakker die het laatste uur, van de buiten onze school gelegen sporthal of het zwembad kwam, de opstellingswerkzaamheden opmerkte en mij hiervan op de hoogte bracht.

En als ik in het weekend uitging, dan reed ik meestal huiswaarts via kleine binnenbaantjes, waar buiten deze van de enkele daar residerende boeren, geen kat op de baan te bespeuren viel, laat staan een politiebrigade. Toch ben ik er één keer niet in geslaagd om de politie te verschalken. Samen met een maat van mij, die toen ook eenzelfde type brommer had als de mijne, maar dan een nieuw exemplaar, reed ik via een omweg naar huis. We verplaatsten ons over een hoofdweg, onreglementair, maar het minst gevaarlijk, naast elkaar op de rijbaan voor auto's. Mijn maat zijn machine was onzichtbaar omgebouwd tot een 75cc, en mijn gemotoriseerde tweewieler was inmiddels ook terug wat opgedreven, om ook bij tegenwind en bergop, vooruit te geraken.

Zwaantjes - 000Aangekomen ter hoogte van een brug over een natuurlijke waterweg, begon mijn kameraad op het fietspad te rijden. Maar ik bleef halsstarrig op de rijbaan rijden. Mooi in het midden van het rechtse rijvak, zodat elke automobilist me opmerkte en zeker niet tegen me aan zou knallen. Eens over de glooiing  van de brug, kwam ik tot de onaangename visuele vaststelling dat er goed honderd meter verder twee 'zwaantjes' stonden. De benaming die toentertijd in de volksmond gangbaar was voor politieagenten die zich met de motor verplaatsten.

Die mannen stonden naast hun machine, de ene met zijn lichtgevende zwaaistok in de hand, en van op het trottoir in de gaten gehouden door een aantal burgers, onze richting uit te kijken. Aan hen ontsnappen was onmogelijk. Zo vlug als ik kon stuurde ik mijn bromfiets richting fietspad. En minderde net als mijn maat vaart. Braafjes achter mijn maat reed ik de enkele tientallen meters tot aan de plaats waar de agenten stonden opgesteld. Tot mijn verbazing lieten ze mijn maat gewoon doorrijden. Maar aan mij gaven ze teken dat ik moest stoppen. Wat ik uiteraard onmiddellijk deed.

Vanzelfsprekend vermoedde ik dat ze mij gingen bekeuren omdat ik op de rijbaan en niet reglementair op het fietspad had gereden. Maar niks daarvan. Ze bekeken spiedend mijn brommer, vroegen mij om hen mijn identiteitskaart, mijn bromfietsattest en de papieren van mijn brommer te tonen, bekeken deze even vluchtig en lieten me vervolgens gewoon doorrijden. Wat ik vlug deed. Voor ze eventueel met andere plannen voor de dag zouden komen. Maar ik sloeg de eerstvolgende straat rechtsaf in. En draaide vervolgens terug rechts af, zodat ik in een straat terecht kwam, evenwijdig met die waar ik was gecontroleerd. En hield even later halt. Tussen beide straten was er enkel een parkeerruimte gelegen, zodat ik, van waar ik stond, de verdere activiteiten van de zwaantjes kon volgen. Maar meer dan de boel afkijken zag ik die mannen evenwel niet doen.

Enkele buurtjongens, die ik trouwens kende, en die daar, samen met enkele volwassenen, vlak naast de agenten diens activiteiten hadden gevolgd, waaronder het controleren van mij en mijn brommer, zagen me staan en kwamen lachend op me afgelopen. Het was verdorie één van hen die de flikken had getipt dat één van die bromfietsen was omgebouwd tot een motor. En die motoragenten hadden verondersteld dat het de mijne was, omdat die er wat anders uitzag, wegens zijnde een ouder model met meer delen in chroom, en vast ook omdat ik, in eerste instantie, op de rijbaan reed. Het was evenwel mijn maat die met een tot een 75cc omgebouwde machine onder zijn gat en tussen zijn benen zat. Maar daar kon je, zuiver op het zicht, helemaal niks van waarnemen.

Die maat van mij, inmiddels reeds lange tijd geleden overleden als gevolg van een valpartij met zijn motorfiets, op de autosnelweg, stond in onze schooltijd, eens bij de politie als 'geseind' gemeld. Omdat een politiepatrouille in een naburige gemeente hem tijdens een weekend een verbodsteken had zien negeren en langs de verkeerde kant een straat had zien inrijden met eenrichtingsverkeer. Ongelukkigerwijs werd hij enige tijd later in het centrum van de stad waar de school was gevestigd waar we les volgden, opgemerkt door een alerte politieagent. Die mijn maat prompt tot stoppen bracht, zijn identiteit- en bromfietspapieren controleerde, en hem confronteerde met de door die agent zijn  collega's van de aangrenzende politiezone Winking policemandoorgeseinde, vermoedelijk door hem begane verkeersinbreuken.

Mijn makker hield bij hoog en bij laag vol dat het ongetwijfeld om een vergissing ging, want hij was zogezegd al wekenlang niet meer in die gemeente geweest en verkeersinbreuken plegen was niet zijn gewoonte. De politieagent aanhoorde geduldig mijn maat zijn repliek. En zei dan laconiek dat hij een verslag van hun onderhoud zou opmaken en het voor één keer bij een waarschuwing zou laten. Maar dat hij de jongen zijn uitleg niet geloofde. Want het type brommer waarmee de jongen reed, in lichtblauwe kleur gespoten, zo reden er in de streek geen twee rond. En bovendien droeg de opgemerkte bestuurder, bovenop zijn motorjas, een mouwloos jeansvestje, met op de rug de naam van een motorclub, gevestigd in onze woonplaats en met tevens een voornaam erop aangebracht. 'Toevallig' dezelfde als degene die mijn maat bij zijn geboorte van zijn ouders had meegekregen!

18-06-09

Afkijken

 

Spieken - 000De examentijd is alweer aangebroken, of bij sommigen al volop aan de gang. Het moment om nog eens terug te blikken op mijn eigen studententijd. Zoals reeds eerder verteld, was ik in mijn jonge jaren reeds even braaf als ik nu ben, als volwassene. Af en toe eens ondeugend misschien, dat geef ik grif toe, en nooit verlegen voor het bakken van een poets, maar daar schuilt mijn inziens helemaal geen kwaad in. Integendeel zelfs, dat brengt wat leven in de ... nu ja, figuurlijk uiteraard: brouwerij.

Spieken of 'afkijken' zoals wij dat toen noemden was iets dat bij het schoolse hoorde. En bij examens een interessante methode was om, ondanks geringe studie-inspanningen, toch behoorlijke resultaten te behalen bij toetsen, tentamens of examens.

Vanaf het moment dat ik de middelbare school aanvatte speelde ook ik nu en dan gretig het spelletje mee. Maar was er niet zo bedreven in dat ik het aandurfde doelbewust, zonder er voor te studeren, uitsluitend vertrouwend op spieken, een examen aan te vatten.

Behalve die ene keer dan. We zouden van één of ander technisch vak een examen krijgen over de inhoud van een boek, waaruit we geen les hadden gekregen. Uit tijdsgebrek. De leerstof was evenwel niet zo moeilijk of onduidelijk, dus een toelichting was niet echt noodzakelijk. Aangewezen materie voor zelfstudie, dus. Maar de stof was niet erg interessant en de hoeveelheid was nogal omvangrijk.

examen afkijkenDe jongen die normaliter links van me zat in de klas, had er ook niet veel zin in. Dus samen bedachten we het, naar we toen vonden, lumineuze idee om elk de helft van het boek te lezen en grondig in te studeren! Aangezien we reeds sinds vele maanden meestal naast elkaar zaten in de klas, waren we er ook in geoefend om onopvallend te spieken.

Zo gezegd, zo gedaan. Dus las en leerde ik mijn helft van het cursusboek. Het werd een ware worsteling. Maar ik deed het toch. Die andere helft wou ik voor alle zekerheid ook even vlug doorlezen. Maar na twee bladzijden gaf ik het al op. Geen zin. En daarbij, mijn maat ging dat instuderen. En de kans dat ons plan in duigen viel omdat hij ziek was op de dag van het examen, achtte ik verwaarloosbaar klein. Boerenzoons, en hij was er één,  worden immers niet snel ziek.

Toen we elkaar de ochtend van het examen op de speelplaats ontmoetten, bevestigde de jongen dat hij zoals afgesproken zijn helft van de leerstof had ingestudeerd. We konden dus met een gerust hart de toets aanvatten.

Dat was evenwel zonder de waard gerekend. Hier in de gedaante van de leerkracht. Die het, in zijn ogen allicht lumineuze, idee had opgevat om een aantal leerlingen uit mijn klas van hun vaste zitplaats weg te halen om ze elders te laten plaatsnemen. Mijn buurman mocht blijven zitten, op de tweede rij, maar ik moest mijn stek verlaten om op de eerste rij te gaan zitten. Naast het gangpad. Dus zonder buurman aan mijn linkerkant!

Op het gemor van mij en enkele andere jongens, reageerde de leerkracht niet eens. Verdorie! Het was nu maar te hopen dat de meeste vragen uit de door mij geleerde helft van het cursusboek zouden komen. Wat jammer voor mijn klasgenoot zou zijn, maar die moest dat later dan maar zien goed te maken. Dat zou hem vast lukken, want het was een verstandige kerel.

Spieken - cartoon - 003Twee vragen kregen we slechts. Elk op de helft van de punten. Gelukkig kwam er één uit de door mij geleerde leerstofhelft. Dus deed ik mijn uiterste best om een zo compleet als mogelijk antwoord neer te pennen. Want wat ik op die tweede vraag kon antwoorden, daar had ik het raden naar, want ik had er totaal geen idee van waar die over ging.

Doordat ik op de voorste rij zat kon de leerkracht mij goed observeren. De man zag dat ik op de tweede vraag nog niet eens trachtte een antwoord te formuleren. Dat was hij niet gewoon van me. En het leek hem te irriteren. Want hij vroeg me of ik dat boek dan misschien niet had gelezen. Als naar gewoonte sprak hij me aan met mijn familienaam. Wat mij dan weer irriteerde. Want ik kon er niet bij dat wij onze leraars met het voorvoegsel 'mijnheer' moesten aanspreken, terwijl zij naar ons toe niet hetzelfde deden.

Maar kom, dat is een andere discussie. Mijn resultaat op het bewuste examen was dus 50%. Mijn klasgenoot had 60%. Die had het geluk gehad een glimp op het blad van zijn linker buurman te kunnen werpen. Zodat hij ook iets had kunnen schrijven onder de vraag die niet uit de door hem geleerde boekhelft kwam. Vandaar het bewuste resultaat.

We hebben uit het voorval onze lessen getrokken. Maar het heeft er ons uiteraard niet van weerhouden om, zo de gelegenheid zich voordeed, en we het geluk hadden naast elkaar te mogen zitten voor een toets, elkaars weergave van de kennis nopens de leerstof, aan te vullen door middel van een portie afkijken. 

PS: zij die pas dit jaar lezer zijn geworden van mijn blog, kunnen hier een eerdere log van me lezen rond 'Spieken'.

12-12-08

Spieken

 

Cheating - 004 (klein)

Mijn twee zoons zijn volop bezig met hun examens. Echt graag studeren doet geen van beide. Ze willen wel goeie punten halen, maar liefst zonder er al te veel moeite voor te moeten doen. En het maximum der punten halen is al helemaal geen streefdoel. Gelukkig komen de jongens desondanks, zo nu en dan thuis met een 10... op 10! Of ze al een vals durven spelen, door te spieken, heb ik hen nog niet gevraagd. Ik wil mijn kroost immers niet op slechte gedachten brengen!

Zelf studeerde ik redelijk graag. En ik had het doorgaans niet moeilijk om de leerstof onder de knie te krijgen. Toch heb ook ik enige spiekervaring. Meestal ging het hem veeleer om de kick van iets te doen wat niet mocht, met de kans om betrapt te worden, dan als laatste redmiddel om een voldoende te halen. Integendeel zelfs. Zo zat ik, in het eerste jaar middelbaar, tijdens de laatste examenperiode van het schooljaar, naast een jongen die meestal ook goed presteerde. Voor een examen godsdienst. Onder toezicht van een leerkracht waar wij nooit les van kregen.

Angry teacher - 000

Mijn buurman en ik waren vrij snel klaar met het beantwoorden van de vragen. Maar de examenbladen mochten pas afgegeven worden als iedereen klaar was, of als het belsignaal zou klinken, zo had die leerkracht ons vooraf gezegd. Uit verveling, en allicht ook 'voor de sport', begonnen we dan maar op elkaars blad te kijken, met als doel onvolledigheden in onze antwoorden, aan te vullen. Ineens werden onze bladen, met geweld, van onder onze neus en handen weggetrokken! "Hier wordt niet afgeschreven!" schreeuwde de toezichthoudende leerkracht ons toe. "Een dikke nul voor jullie allebei!" liet hij daarop aansluiten, terwijl hij op onze examenbladen, die hij op het leraarsbureau had neergegooid, in grote, rode letters het cijfer 0 schreef ! Over alle tekst heen en met een uitroepteken erachter!

We schrokken wel even. En liepen rood aan. Maar zwegen en aanvaardden gelaten de sanctie. De daaropvolgende dagen verwachtten we ook van de vakleerkracht nog een uitbrander te krijgen. Maar die man sprak ons evenwel niet aan over het voorval. Mijn  klasgenoot en ik waren niet echt bevreesd voor die zero. We dachten immers dat we, ondanks dat slechte cijfer, na deliberatie, toch naar het volgende leerjaar zouden mogen overgaan. Studenten met een globaal studieresultaat van achteraan de 80% buizen omwille van een onvoldoende voor een vak als godsdienst, zou immers al te belachelijk zijn geweest, zo redeneerden we. En zadelden ze ons toch op met een herexamen, dan was het gewoon kwestie van een namiddag studeren, een ochtend naar school komen voor het examen, en daarmee was de kous dan ook af.

Op ons rapport was van die nul evenwel niks te bespeuren. Wij hadden gewoon punten gekregen zoals de rest van de klas en konden dus geheel onbekommerd de vakantie in. Om daarna probleemloos het tweede jaar secundaire school aan te vatten.