06-05-10

Hoort dit wel?

         

Twee dove personen leerden elkaar kennen op een cursus blind typen. Ze gingen na de lestijden regelmatig samen iets drinken in een kroeg vlakbij de school. En leerden zo elkaar beter kennen. Het klikte geweldig. Er kwam een eerste afspraakje, een volgend, nog één en uiteindelijk kwam van het één het ander en vroeg de tot over zijn dove oren verliefde jongeman, in de gebarentaal waarin beiden erg bedreven waren, het meisje ten huwelijk. Dolverliefd aanvaardde de deerne het aanzoek van haar liefste.

Tijdens hun verlovingsperiode regelde het koppeltje alle noodzakelijkheden die horen bij een echtvereniging en zochten en vonden ze een geschikte flat die ze met veel plezier inrichtten als liefdesnestje. Het werd een mooi huwelijksfeest, waaruit het gehuwde koppeltje na verloop van tijd stilletjes wegsloop om er met hun auto vanonder te muizen; Met de bedoeling thuis met hun tweetjes hun huwelijk ook lichamelijk te bezegelen. Wat iets speciaals moest worden want het vrijen was voor elk van hen de eerste keer.

Toen ze met hun voertuig wegreden van de parking, achteraan de feestzaal waar het bruiloftsfeest werd gehouden, kwam er evenwel veel volk naar buiten gerend. Om hen uit te wuiven! Het duurde even voor ze doorhadden hoe het kwam dat hun aftocht niet zo stil gebeurde als ze hadden gepland. Tot ze zagen dat één of meerdere individuen, waarschijnlijk hun vrienden, achteraan de auto een touw hadden bevestigd waaraan allerlei kletterende voorwerpen waren vastgeknoopt: blikjes, bestek, cd-schijfjes... Door hun auditieve beperking hoorde het pasgehuwde koppeltje uiteraard niks van al dat gekletter!

Eens aan hun woonst gearriveerd, wipte de jongen vlug uit hun auto, liep er om heen, opende galant de deur aan de passagierszijde en bood een hand aan zijn bruid om haar uit de auto te helpen. Lacherig liep het stelletje naar de deur van hun flat, die ze samen openden, waarna de bruidegom zijn schatje optilde en over de dorpel hun woning binnen bracht. Een binnenkomst waarmee ze elkander beloonden middels een innige tongzoen.

Waarna ze zich terstond naar de slaapkamer haastten. En elkaar aldaar, in opperste staat van lust, haast de kleren van het lichaam scheurden. Om spoedig in hun grote bed te belanden waar ze, met een beetje bloed, veel zweet en enkele tranen van gelukzaligheid, hun eerste geslachtsdaad en orgasme met een partner beleefden. Tot hun beider stellige tevredenheid was dit starten van vleselijk samen zijn een voltreffer van jewelste! Die voor hen plaats vond in volkomen stilte.

Niet horen IIIMaar, zoals helaas in de meeste huwelijken het geval is, kwam er, vrij snel, een moment waarop het meisje eens geen zin had in een potje seks. Maar dat aan haar partner duidelijk maken in de verduisterde slaapkamer was niet zo evident. Gebarentaal faalt immers daar waar de gesprekspartners elkaars bewegingen niet visueel kunnen waarnemen. Dus liet ze haar bedpartner maar gedwee begaan.

Ook een volgende keer gaf ze toe, met tegenzin, wegens hoofdpijn. Terwijl ze net genoot van het zalig liggen in lepelhouding met hem achter haar. En niks liever wou dan zo in te slapen. Maar door de manier waarop hij haar bepotelde, en de harde druk op haar billen en onderrug, bleek overduidelijk dat hij die avond meer wou dan enkel dat.

Ze gaf opnieuw toe, maar sprak hem de volgende ochtend, aan de ontbijttafel, in gebarentaal aan over dit onderwerp. Wijselijk zweeg ze over de keren dat het al was voorgevallen, maar zei ze dat ze een code met hem wou afspreken voor het geval één van hen, in de toekomst eens geen zin zou hebben in nachtelijk vrijen in het echtelijk bed. Het meisje stelde voor dat, zo hij tijdens het samen in bed liggen, zin zou hebben in een portie vrijen, hij even zachtjes in haar rechterborst zou knijpen. En zo hij geen zin had in seks, ten teken daarvan even zou knijpen in het meisje haar linkerborst.

Even was de jongen verbaasd en teleurgesteld. Maar hij herpakte zich snel en antwoordde dit een schitterend idee te vinden en beloofde zo te werk te zullen gaan. En offreerde dat, als zij, van haar kant, in bed zin zou hebben in seks, ze maar even aan zijn penis moest trekken. En als ze eens geen zin had, hetzelfde mocht doen, maar dan een keer of dertig!

17-10-09

Competitiesport voor iedereen!

 

De meesten van jullie herinneren zich vast wel de Olympische Zomerspelen, die in augustus van vorig jaar (2008) plaatsvonden in het Chinese Peking (Beijing). En waar voor België Kim Gevaert, samen met haar drie collega's zilver haalde op de 4 x 100 meter. En haar landgenote Tia Hellebaut zelfs goud wist te bemachtigen in het hoogspringen. Een plak dat ook de Verenigde Staten binnen rijfde in de teamjumping. Deze verdienste was voor een groot deel toe te schrijven aan de prestaties die werden geleverd door het Amerikaans paard van Oost-Vlaamse afkomst, Sapphire. Een staaltje van hoe zowel mens als dier de eer van een land kunnen hoog houden. Al spreken we voor wat betreft dit apenland, misschien wel beter van 'redden'. Knipogen

 

Olympische Zomersàpelen 2008 (Peking)

Na afloop van de reguliere Spelen was er, zowat een maand later, op dezelfde locatie, ook een editie voor mensen met onder anderen een fysieke beperking of een hersenletsel: de Paralympics.

Veel heb ik daar op de televisie niet van gevolgd. Gewoonweg omdat daar heel wat minder beelden van werden uitgezonden dan van de versie voor valide personen. Eén finalewedstrijd heb ik evenwel gezien en deze is ook in mijn geheugen opgeslagen gebleven.

Het betreft de finale van de 100 meter zwemmen, vrije slag, voor lichamelijk gehandicapten. De ploeg van Sporza had daar zelfs een heuse reportage van gemaakt, met voorafgaand aan de wedstrijd, een interview met de finalisten.

In de buurt van het Olympisch zwembassin, waar de finale zou plaatsvinden, sprak de reporter met de sporters. De eerste man, die werd geïnterviewd, had geen armen. "Kwijtgespeeld bij het werken met een zaagmachine", zo meldde hij, toen er hem naar werd gevraagd. Waarna hij mocht uitleggen hoe hij het in hemelsnaam klaarspeelde om te zwemmen, zo zonder armen. "Helemaal op beenkracht!" zo bleek.

Vol van ontzag wenste de reporter deze man succes toe in de finale en begaf zich met zijn camera- en geluidsman naar de tweede finalist. Dat bleek iemand zonder benen te zijn. Deze waren geamputeerd moeten worden na een vreselijk autoaccident. Ook aan deze kerel werd de vraag gesteld hoe hij er, zonder benen, in zou slagen die 100 meter te zwemmen. Hier luidde het antwoord: "Uitsluitend op armkracht!"

Ook van deze persoon nam de reportagecrew vol van achting afscheid, hem tevens een succesvolle finalewedstrijd toewensend. Waarna ze bij de derde finalist aanbelandden. Verrast en verbaast stelden ze vast dat deze topsporter armen noch benen had. De man zei zo geboren te zijn. En de door de reporter enigszins verlegen gestelde vraag van hoe hij er dan toch in slaagde te zwemmen zonder ledematen, beantwoordde de moedige man door te zeggen: "Mijn oren zijn zo ontwikkeld dat ik me al wapperend ermee, in recordtijden door en over het water kan verplaatsen. Dus mijn sterkte is mijn oorkracht!

Geweldig onder de indruk namen de interviewer en zijn team ook afscheid van deze man, die inmiddels door zijn trainer en verzorger werd klaargemaakt voor de finale. Waarvoor ze hem dan ook veel succes toewensten.

Rond het zwembad werd alles in gereedheid gebracht voor de finalewedstrijd '100m vrije slag'. De drie mannen namen, geholpen door hun trainers, plaats op de startblokken. En ook de official stelde zich klaar om het startsein te geven.

Het startschot weerklonk. De twee eerste zwemmers doken op eigen kracht het water in. De derde kreeg, geheel volgens een afspraak met de wedstrijdcommissie, een zetje van zijn trainer.

Twee van de drie zwematleten gingen goed van start en schoten, als pijlen uit een boog, vooruit door het water. De derde daarentegen, de kerel met armen noch benen, zonk als een zware rotsblok pardoes richting bodem. Na een minuut of twee bang afwachten naar wat gebeuren zou, dook zijn trainer toch het water in, viste zijn pupil op van de bodem van het zwembad en bracht hem naar de oppervlakte en uit het water. Alwaar de zonder ledematen levende man, happend naar adem, bekwam van zijn overduidelijk mislukte competitieve zwempartij.

Zijn trainer zat daar, aan de rand van het zwembassin, op zijn knieën naast de man en met zijn bovenlichaam over hem heen gebogen en vroeg bezorgd wat er in godsnaam was fout gegaan. Waarop de invalide man, met een rood aangelopen gezicht, uitzinnig van woede, al water spuwend uitschreeuwde: "En dat vraag jij aan mij? Je had godverdomme mijn badmuts over mijn oren getrokken!"


N.B.: geloof in geen geval altijd wat de schrijver dezes je probeert wijs te maken, want heel af en toe zit er wel eens een verzinsel tussen Knipogen

15-04-09

Ik beslis… zelf!

 

 

Niemand heeft een onbeperkte vrijheid.  Maar toch kan je zelf heel wat keuzes maken. Ze zijn zo vanzelfsprekend, dat je er niet eens meer bij stilstaat. Logisch. Iedereen zou het recht moeten hebben om te beslissen over de grote en kleine dingen des levens.

Toch is dat niet zo. Mensen met een fysieke of mentale beperking mogen vaak niet kiezen, of een ander beslist in hun plaats, over hun leven! Of er zijn gewoon geen opties, door een gebrek aan ondersteuning of hulp op maat. En de goegemeente vindt dit alles vanzelfsprekend. Logisch? Dat denk ik niet!

Het is hoog tijd dat er een zorgvernieuwing komt en dat mensen met een beperking de middelen krijgen om hun leven in eigen handen te nemen. Want leven zonder keuzes, dat is pas een handicap!

27-02-09

Mag er nog langer met (ons) leed gelachen worden?

Trouwe lezers herinneren zich vast de perikelen bij mijn deelname, eind januari, aan een infomoment rond toegankelijkheid, dat doorging op een ontoegankelijke locatie. Mijn schrijfsels omtrent dat voorval leverden nogal wat reacties op. Ook van buitenblijvenenkele van de daar aanwezige sprekers, de eigenaar van het gebouw, gewone burgers, politici, locale beleidsvoerders... en ook van minister Kathleen Van Brempt, bevoegd voor deze materie.

Van de organisator kreeg ik een belachelijk antwoord. Medeorganisator Enter VZW, de overkoepelende organisatie van toegankelijkheidsbureaus. reageerde totaal niet. Onrechtstreeks kwam ik evenwel te weten dat zij elke verantwoordelijkheid van zich afschuiven. En die krijgen dan ook massa's overheidsgeld om voor gans Vlaanderen de toegankelijkheidsproblematiek te coördineren. Een schande! Wenkbrouw ophalen

Begin februari kreeg ik alweer te maken met een frappant voorbeeld van ontoegankelijkheid, toen ik op een zondagnamiddag met de kinderen ging bowlen. Een verslag van mijn wedervaren, met enkele bemerkingen lees je hier. Wie geïnteresseerd is in het thema, nodig ik graag uit tot het lezen van een essay van mijn hand, een omvangrijk stukje proza, met dezelfde titel, namelijk 'Goed op weg naar integrale toegankelijkheid?'

Het hoeft evenwel niet allemaal saaie theorie te zijn, verslaggeving over kommer en kwel. Lichamelijke beperkingen lenen zich immers uitstekend tot het maken van grappen en moppen. En, zoals ik hier mogelijks reeds eerder orakelde: 'Je wordt pas aanvaard als men grapjes over jou (en/of) je beperking durft te maken!' (≠ uitlachen) Dus wat houdt ons tegen? Lachen

Een man raakte gewond bij een vreselijk ongeval. Hij herstelde wonderwel, maar hield er wel als blijvende handicap de amputatie van zijn beide oren aan over. Als gevolg van deze ongewone handicap, was het feit dat hij geen oren had, voor deze man een gevoelig onderwerp.

Als schadevergoeding ontving de man van de verzekeringsmaatschappij een grote geldsom. Het was steeds zijn droom geweest een eigen zaak te hebben, dus besliste hij met al het gekregen geld deze droom te verwezenlijken en zich een handelszaak aan te schaffen.

Hij kocht een kleine computerfirma met veel groeimogelijkheden, maar realiseerde zich toen dat hij totaal geen kennis had van zaken doen. Dus besliste de man dat hij iemand zou inhuren om zijn zaak te leiden.

Hij plaatste een personeelsadvertentie in diverse kranten en op het internet en koos uit de massa sollicitanten die zich aanmeldden, de drie beste kandidaten en nodigde hen uit voor een interview.

Het eerste interview verliep uitstekend. De man vond dit een fijne kandidaat. Zijn laatste vraag aan deze jongen was: "Merk jij iets ongewoons aan mij?" De jongen antwoordde: "Nu je het vraagt; jij hebt geen oren!" De man werd daarop heel boos en gooide de jongen buiten.

Het tweede interview verliep nog beter dan het eerste. De kandidaat was veel beter dan de eerste. Opnieuw stelde de man om te eindigen dezelfde vraag: "Merk jij iets ongewoons aan mij?" De kandidaat antwoordde: "Ja, jij hebt geen oren!" De man werd kwaad en zette ook deze tweede kandidaat meteen aan de deur.

Toen had het derde interview plaats. Deze derde kandidaat was nog beter dan de tweede; de beste van allemaal! De man was er zeker van dat hij deze kerel wou inhuren. Maar ook nu stelde hij als laatste vraag: "Merk je iets ongewoons op aan mij?" De sollicitant antwoordde: "Ja, ik durf er om wedden dat jij contactlenzen draagt."

Verrast reageerde de man: "Wow! Wat een opmerkingsvermogen! Hoe zie je dat?" De kandidaat barstte in lachen uit en riep buikschuddend en proestend uit: "Jij kan geen bril dragen, omdat je geen oren hebt!"

03-12-08

Internationale Dag voor Mensen met een Handicap

Vandaag worden personen met een handicap in de spotlight gezet. Of in het zonnetje! Je mag kiezen. Maar zorg er wel voor dat ze niet verbranden of een zonneslag krijgen!

Dag van mensen met een handicap xxxxxx

Dit jaar is het thema van deze dag, de conventie van de rechten van mensen met een handicap: 'waardigheid en rechtvaardigheid voor ons allen'. Het kan inderdaad geenszins kwaad nog eens te hameren op dit onderwerp. Personen met een fysieke of mentale beperking worden immers al te vaak laaghartig en onbillijk bejegend. Waarom? Allicht omdat ze niet voldoen aan het ideaalbeeld, of er te veel van afwijken, en derhalve niet als volwaardig worden aanzien. En zelf kunnen zij veelal weinig aan deze toestand veranderen, omdat mensen met een beperking dikwijls niet in staat zijn te ageren, of dit niet durven, omwille van hun afhankelijkheid van derden. Die ze liefst welgezind houden. Ten koste van zichzelf en hun geestelijk gemoed.

25-11-08

Iedereen gehandicapt!

Nogal wat mensen hebben een zintuiglijke beperking. Zij kunnen niet of minder goed horen of zien. Dikwijls kan dit gebrek voor een groot stuk verholpen worden door het dragen van respectievelijk een hoorapparaat of een bril. Een alternatief voor het laatst vermelde hulpmiddel zijn lenzen.

Beugel - 000 (klein I)

Heel wat kinderen dragen, om hun gebit te corrigeren, tijdelijk een orthese. De tandarts noemt dit een beugel. Menig persoon heeft een tandprothese, doorgaans kunstgebit genoemd. Ook steunzolen worden vaak voorgeschreven voor kleine en grote mensen met een voetafwijking. Zelfs sporters maken er dikwijls gebruik van, in functie van een optimale drukverdeling en een betere loopstand.

Een aantal van de voormelde beperkingen en bijhorende hulpmiddelen zijn sociaal aanvaard. Niemand maakt er ophef over, staart je aan of sluit je uit omdat je een bril draagt. En buiten een zeldzame onnozelaar die haar of hem ermee pest, slaat niemand acht op een kind met een beugel in de mond. Sommigen vinden dit zelfs schattig staan. En die steunzolen in de schoenen vallen al helemaal niet op. Net zo min als de contactlenzen die een persoon in heeft.

Disabled people - 000

Iemand met een ernstige mentale beperking of een zware fysische beperking, of een combinatie van beide, loopt, strompelt, al dan niet met krukken, of rijdt zich in haar of zijn rolstoel, willens nillens uiteraard meer in de kijker. Daar is geen ontkomen aan. Ook een blinde of slechtziende kan zijn witte geleidestok niet als toverstaf gebruiken om deze vervolgens te doen verdwijnen. En geleide- en hulphonden trekken ook de aandacht. Maar toch zijn ook hun baasjes en alle personen met ernstige beperkingen, levende wezens zoals ieder van ons. Met evenveel recht op respect en op een waardig leven. En aanvaarding door hun medemensen, van zichzelf en van hun hulpmiddelen, als daar zijn rolstoel, rollator, scooter, geleidestok, krukken, beugels...

Ben je fysiek helemaal in orde, of denk je dat te zijn, dan heb je mogelijks je te kleine of net te grote neus, over het hoofd gezien. Of je te dikke poep, of dat kuthaar op je hoofd, waar spijts vele pogingen van jou en je kapper, geen model is in te krijgen. De mens heeft zichzelf niet geschapen, dus elk van ons heeft wel een schoonheidshandicap. En deze kan een belangrijke invloed hebben op je sociale contacten. Al is het maar omdat ze je onzeker maakt.

En anders heb je misschien wel een ontwikkelingsstoornis, een spraak- of een taalstoornis, of lig je psychisch compleet in de knoop, wat ook een ernstige hindernis kan zijn, vooral als het blijvend is. Ongetwijfeld ben ik nog één en ander vergeten. Maar als je het lijstje nu al eens overloopt, dan zou het al moeten lukken dat er niks tussen staat dat op jou van toepassing is. Je gaat het misschien niet graag horen, maar neem het gerust van me aan: het zijn allemaal handicaps!

Wordt nu niet depressief of voel je niet in de grond geboord door mij. Dat is wel het laatste dat ik zou willen! Wees integendeel blij dat je geen uitzondering bent, in deze wereld van naar lichaam en/of geest imperfecte mensen, Want het komt er inderdaad op neer dat iedere persoon wel in meer of mindere mate een fysieke of mentale functiebeperking heeft. Elke persoon heeft wel een aangeboren of opgelopen blijvende hindernis, die doorgaans wordt aangeduid met de stigmatiserende term 'handicap'.Diversiteit - 000

In de inclusieve maatschappij, waar velen met mij naar streven, en waarin elke persoon belangrijk is, ongeacht afkomst, huidskleur, religie of wat dan ook, en naar waarde wordt geschat, op basis van wat zij of hij wél kan, zijn de grote of kleine fysieke of mentale functiebeperkingen van ieder individu van ondergeschikt belang. In deze verdraagzame samenleving zal niemand ooit worden uitgesloten omdat zij of hij onvoldoende of geen beperkingen heeft. Neen, ook die persoon zal door de groep worden aanvaard. Net dat gebrek aan een beperking is dan diens beperking, wat de persoon in kwestie dan ook weer even speciaal maakt als de anderen. Globaal gezien is in deze ideale open, mondiale leefgemeenschap iedereen gelijk, heeft elkeen beperkingen en is derhalve iedereen gehandicapt!

 

04-11-08

In de eerste plaats jongeren!

Handen (logo) (klein)

UNICEF België heeft eind vorig jaar, samen met jongeren met een handicap, het rapport voorgesteld: 'Wij zijn jongeren in de eerste plaats'. Uit een bevraging van meer dan 300 jongeren met een beperking, in de leeftijdsklasse van 12 tot 18 jaar, kwam deze stelling, een smeekbede zou ik het willen noemen, immers als voornaamste bekommernis en aandachtspunt naar voren.

Kind met handicap - cartoon - 001

Onze maatschappij heeft jammer genoeg de neiging om personen in hokjes te stoppen. In te delen en te beoordelen op basis van bijvoorbeeld hun uiterlijke kenmerken of zichtbare gebreken. Dit stigmatiseren is kortzichtig, onrechtvaardig en kwetsend voor hen die er het slachtoffer van zijn. En zeker indien dit gebeurt bij kinderen, jeugd en jongvolwassen. Net zoals hun gezonde, valide leeftijdsgenoten, willen ook zij 'gewoon' bij de groep horen, deel uitmaken van de uitbundige meute, niet opvallen, maar opgaan in het geheel. Maar dat wordt hen helaas maar al te vaak niet gegund.

Kind met handicap - cartoon - 000 (klein)

In de hedendaagse leefwereld hebben jonge mensen het sowieso reeds moeilijk hun draai te vinden, keuzes te maken, aan foute verleidingen te weerstaan. Als ze daar bovenop dan ook nog eens telken male de vernedering moeten ondergaan om in de eerste plaats beoordeeld te worden op hun handicap(s), en het hoofd moeten bieden aan de navenante vooroordelen, dan wordt hen het leven helemaal moeilijk gemaakt. Totaal onnodig en zelfs onmenselijk! Die jonge medemensen hebben het zo al lastig genoeg!

Kind met handicap - cartoon - 002 (klein)

Slechts weinig mensen hebben reeds door dat fysiek onvermogen een persoon niet per se anders maakt dan anderen. Kinderen met een zintuiglijke, fysieke of mentale beperking zijn in de zeerste plaats ook gewoon kinderen. En willen dan ook, en hebben er het volste recht toe, als dusdanig behandeld (te) worden! De beperking die ze hebben kan en mag niet over het hoofd gezien worden, maar anderzijds ook in geen geval aanzien worden als hun belangrijkste eigenschap.

Deze jongeren zijn ook volwaardige individuen die mee vorm kunnen en willen geven aan de samenleving waarin ze leven. Net zoals hun valide leeftijdsgenootjes. Met dezelfde rechten, gelijke kansen, en hetzelfde aanzien als mens, op basis van hun talenten en wat ze kunnen. En niet langer afgerekend op hun beperkingen en wat ze niet kunnen. Dit laatste mag geenszins een belemmering zijn op de persoonlijke ontwikkeling van deze kinderen.

Kind met handicap - cartoon - 003 (klein)

Mensen moeten ophouden met personen met een handicap bevreesd of meewarig aan te kijken en betuttelend of afwijzend te behandelen. Dat voelt immers onaangenaam, beledigend en kwetsend aan voor de dezen en evenzo, en soms nog meer voor de personen uit hun omgeving (ouder, partner, vriend, kind...). De doorsnee burgers worden niet graag geconfronteerd met het beeld van iemand in een toestand waarin zij zelf, hun ouder of kind zich had kunnen bevinden, als het lot ook hen minder gunstig gestemd was geweest. Ze willen er trouwens ook niet aan worden herinnerd dat het hen alsnog kan overkomen.

Dat verklaart mijns inziens ten dele hun gedag. Die egocentrische houding hoeven we evenwel in geen enkel geval te aanvaarden. Niemand heeft zelf om haar of zijn handicap gevraagd. De afkeuring, afwijzing en uitsluiting van personen met een handicap moet gebannen worden uit onze maatschappij. En plaats ruimen voor een atmosfeer en mentaliteit van verdraagzaamheid, begrip en inclusie. Ik ijver ervoor, hopelijk jullie ook!